of 59281 LinkedIn

Stennis om een steiger

Weg met de chaos op het water. De gemeente Nederlek greep de dijkverzwaring aan om de plaatselijke Bakkerskil netter te maken. Dus moet ook de steiger van Mascha Molenaar weg. ‘Wij moeten de prijs betalen voor onbehoorlijk bestuur.’

De Molendijk in het Zuid-Hollandse Krimpen aan de Lek was voor de verzwaring en verlegging van de dijk een rommeltje, en is dat nog steeds. Een smalle dijk waarover vrachtwagens denderen en de regionale bus langs lukraak geparkeerde auto’s slalomt.

Aan één kant van de dijk woningen en bedrijven, aan de andere kant schepen in de Bakkerskil. Die schepen zijn ook een allegaartje: een zeiljacht, een boothuis, een woonboot, een vrachtschip en plezierjachtjes. Vanaf de dijk te bereiken met enorme loopbruggen en steigers of pontons, want een schip kan hier niet aan de oplopende wallenkant liggen.

Je kunt je meer pittoreske plekjes aan het water voorstellen. ‘Dat zei de ambtenaar in het gemeentehuis in Lekkerkerk ook toen we weer eens kwamen praten over ons conflict met de gemeente’, zegt Mascha Molenaar verontwaardigd. ‘Hij stelde voor dat we op zoek gingen naar een mooi plekje in Zeeland.’

Maar ze wil niet weg. Molenaar woont in het naburige Capelle aan den IJssel en ligt al sinds 1989 met haar tot plezierjacht omgebouwde Amsterdamse rondvaartboot uit 1929 in de Bakkerskil.

‘We hebben het hier heerlijk. Je hebt weinig last van eb en vloed en aan de overkant van het water ligt het natuurgebied De Zaag.’ We lopen over de 15 meter lange loopbrug naar de boot. Molenaar: ‘Iedereen in de Bakkerskil heeft die voorzieningen, maar alleen wij moeten onze loopbrug en de zogenaamde steiger weghalen. Ze zouden volgens de gemeente Nederlek niet in het bestemmingsplan Landelijk Gebied passen. Volgens de gemeente hebben we een steiger, maar het is oorspronkelijk een varend werkponton. Betimmerd en mooi gemaakt, maar we kunnen hem zo wegvaren. En dus gaat de gemeente er niet over.’

Op de situatieschets van het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard staat het plezierjacht van Molenaar ingetekend op nummer 9, tegenover 88A op de Molendijk. Daar ligt de boot sinds 2007.

Mascha Molenaar: ‘En we liggen hier niet illegaal en de ligplaats is niet opgeheven. Ook zo’n fabel die de ronde doet. Nadat ik de VVD in Nederlek had gevraagd om naar onze zaak te kijken, kreeg ik onlangs een brief van fractievoorzitter Janette Hofman. Ze schrijft dat ik geen ligplaatsvergunning heb. Hoe komt Hofman daarbij?

Besmeurd

Het hoogheemraadschap, stelt Molenaar, heeft voor haar plek aan de Molendijk een vergunning afgegeven voor het aanbrengen van een trap, een loopbrug en een steiger. Rijkswaterstaat heeft vergunning voor een afmeergelegenheid afgegeven.

‘De gemeente gaat niet over de ligplaatsen. Dat is niet ‘‘mijn waarheid’’, dat is wat de gemeente zelf ook zegt. De fractievoorzitter van de VVD schrijft dat ze mijn dossier ‘‘door verschillende personen uit haar achterban zorgvuldig heeft laten onderzoeken’’. En die personen presteren het om haar te vertellen dat ik geen ligplaatsvergunning heb? Lekker zorgvuldig, maar zo word je wel besmeurd.’

De dijkverzwaring aan de Bakkerskil mocht noodzakelijk zijn in de strijd tegen het wassende water, ze heeft ook veel ellende gebracht. Ellende voor booteigenaren, maar ook voor de gemeente Nederlek, die verzeild raakte in talloze juridische procedures.

Om de verloedering van de nieuwe Molendijk tegen te gaan, kondigde Nederlek eind 2006 in de beleidsnotitie Aanlegsteigers en woonboten Bakkerskil aan dat het aantal steigers, boothuizen en woonboten niet mocht worden uitgebreid. Nieuwe aanmelders kregen geen bouwtitel voor een loopbrug en steiger.

Molenaar is volgens de gemeente géén oude steigereigenaar. ‘Dat klopt’, zegt Mascha Molenaar, ‘maar we zijn ook geen uitbreiding. We liggen sinds 1989 aan de Bakkerskil en al die jaren keek de gemeente niet naar de steigers om. We hebben altijd zaken gedaan met Rijkswaterstaat en het hoogheemraadschap. We huurden 15 jaar lang de aanlegvoorziening van een ander. Dat was geen steiger, maar een vrachtschip.’

In 1991 vroeg Molenaar het hoogheemraadschap al om een eigen aanlegplek, maar ze vroegen haar te wachten tot na de dijkverzwaring. ‘Die werd uitgesteld en uitgesteld. Uiteindelijk begonnen ze in 2002, waardoor we van 2003 tot 2006 allemaal in een soort haven werden gelegd. Ik kreeg een keurvergunning van het hoogheemraadschap voor een onteigende locatie en de ligplaatsvergunning van Rijkswaterstaat, maar net daarvoor kwam de gemeente opeens met het plan om alle steigers te reguleren.’

Geen paniek, zei toenmalig burgemeester Kees Veerhoek (VVD) in 2006. De gemeente eiste wel het gezag op over de aanpak van de aanlegsteigers, maar dat betekende niet dat men de Bakkerskil ging saneren.

Mascha Molenaar leest de e-mail voor die een juridisch beleidsmedewerker van Nederlek haar een paar jaar later stuurde na overleg met het hoofd afdeling Handhaving, wethouder Wassenaar, en waarnemend burgemeester Trix van der Kluit: ‘Wij hebben een gesprek gehad over de oplossingsrichtingen over uw steiger, maar ook over andere zaken die lopen in de Bakkerskil. (...) Dit betekent concreet voor u, dat wij geen ja zeggen tegen uw steiger, maar ook geen absoluut nee.’ Maar het werd wél een absoluut nee. Loopbrug en steiger (hoewel volgens Molenaar dus een vaartuig) moesten verdwijnen.

Schrijnende willekeur

Mascha Molenaar meent dat er sprake is van schrijnende willekeur in de gemeentelijke regelgeving, waardoor de gemeente in de Bakkerskil net zo gemakkelijk kan legaliseren als handhaven. ‘En dan heb je nog handhaven en handhaven. Handhaven met het mes op tafel of handhaven en de andere kant op kijken.

Van de acht illegale woonboten legaliseert de gemeente er nu vier’, zegt Molenaar verontwaardigd. ‘De gemeente stelde in haar beleidsnotitie maatwerk te zullen leveren in de Bakkerskil. Dat zou toch ook moeten gelden voor mensen die al zo lang in de Bakkerskil liggen? We hebben oud-burgemeester Veerhoek uitgelegd dat we eerder niet aan een steiger lagen, maar aan een vaartuig. Veerhoek stelde tijdens een voorlichtingsbijeenkomst dat degenen die in de Bakkerskil lagen konden terugkeren. Hij gunde ons in eerste instantie de bouwvergunning, maar omdat de gemeente van de rechter drie bouwvergunningen voor de Bakkerskil moest verstrekken, begonnen ze ons te dwarsbomen. Wij moeten de prijs betalen voor onbehoorlijk bestuur.’

Alle booteigenaren kregen inmiddels hun bouwvergunning. Op één na: Molenaar. Ze hoeft niet te rekenen op coulance, want uitzicht op legalisering is er niet, meldt de gemeente.

Molenaar: ‘De gemeente kan volgens haar eigen bestemmingsplanregels best legaliseren, maar ze willen ons gewoon weg hebben. De stok om de hond mee te slaan, is de loopbrug en de zogenaamde steiger. Als die weg zijn, hoopt de gemeente dat wij het voor gezien houden. Dat zou goed uitkomen, want Nederlek moet in de Bakkerskil een woonboot huisvesten die hier nooit heeft gelegen. Maar dat kan niet, omdat er geen ruimte is.’

Die schaarste heeft de gemeente volgens Molenaar aan zichzelf te danken door boten van buiten toe te laten, illegale situaties te legaliseren en oude steigereigenaren meer ruimte te geven.

Woontjalk

Mascha Molenaar: ‘In 1995 besloot de gemeente om geen woonboten meer toe te laten in de Bakkerskil. Toen lagen er twee woonboten, nu liggen er acht. Waar eerst een boot van 22 meter lag, ligt nu een schip van 45 meter, dat nota bene ook nog wordt bewoond. De gemeente zegt dat onze brug en zogenaamde steiger planologisch niet gewenst zijn, maar nu komt het: als wij vertrekken, dan wil de gemeente op onze plek wel een woontjalk van 30 meter leggen. Hoe kan dat, als de gemeente bij de rechter heeft gesteld dat de steiger is vervallen en ik daarom geen bouwvergunning kan krijgen? Want die tjalk heeft toch ook een loopbrug en steiger nodig?’

Dikke ordners staan thuis in Capelle aan den IJssel pontificaal op tafel. ‘Gelukkig heb ik een rechtsbijstandverzekering, want anders waren we failliet gegaan.’ Ze ligt inmiddels alweer 4 jaar in de clinch met de gemeente. Molenaar: ‘We dachten dat we met rust gelaten zouden worden toen de bezwarencommissie van de gemeente oordeelde dat we recht hadden op een ontheffing bouwvergunning voor ponton en loopbrug. Maar alles werd anders toen de gemeente vond dat het afgelopen moest zijn met hun zogenaamde oplossingsgerichtheid en naar de rechtbank in Den Haag stapte. Daar kregen ze wél gelijk, net als bij de Raad van State waar we in hoger beroep gingen en die vorig jaar oor deelde dat ons betoog faalde. Alleen in ons geval heeft de gemeente in de Bakkerskil de juridische strijd gewonnen, en dat zullen we weten ook.’

Herzieningsverzoek

Molenaar dient nu een herzieningsverzoek in. Volgens haar is de gemeente op basis van een verkeerde uitleg van de wet in het gelijk gesteld bij de rechtbank in Den Haag en heeft de Raad van State dit vonnis zonder nieuw onderzoek overgenomen.

Vorig jaar zomer legde Nederlek Molenaar een last onder dwangsom op voor de loopbrug en de steiger, volgens Molenaar dus een vaartuig. Op 14 mei aanstaande dient bij de rechtbank in Den Haag het beroep tegen deze aankondiging van handhaving. Verliest Molenaar de zaak, dan zal ze vanaf 23 mei iedere dag 500 euro, met een maximum van 10 duizend euro, voor haar voorzieningen in de Bakkerskil moeten betalen.

Mascha Molenaar: ‘Omdat de gemeente niet bereid is om de handhavingstermijn op te schorten tot het einde van de juridische procedure, zal ik een voorlopige voorziening voor de loopbrug aanvragen. Alleen voor de brug heb ik een bouwvergunning nodig, voor de ponton niet. Wat er ook gebeurt, we gaan niet weg. De gemeente denkt dat we onze biezen pakken als de rechter straks in ons nadeel oordeelt. Ze zeggen letterlijk in een brief dat ‘‘er ruimschoots tijd is om de boot elders onder te brengen’’. Elders onderbrengen? We gaan nergens naartoe. We mogen hier gewoon liggen van Rijkswaterstaat. We blijven, al moeten we straks naar onze boot peddelen of zwemmen.’


‘Steiger is illegaal’

Wethouder Ron van de Haterd (PvdA) zegt: ‘Vroeger was er geen enkele controle en regulering rond de Bakkerskil. Met de beleidsnotitie Aanlegsteigers in de Bakkerskil willen we ervoor zorgen dat de Bakkerskil overzichtelijk en ordelijk wordt. Er zijn al verschillende gevallen aan te wijzen waarbij dit beleid succesvol is geweest.

Door een maximum te stellen aan het aantal aanlegsteigers, ziet de Bakkerskil er netter uit. Wanneer alle nieuwe steigers conform de notitie zijn verwijderd en alle oude steigers en boothuizen een plek -hebben gekregen, is het doel van de notitie bereikt.

Dit beleid houdt óók in dat extra aanlegsteigers niet worden toegestaan, waaronder de aanlegsteiger van mevrouw Molenaar-Tol. We hebben het handhavingstraject tegen haar opgestart omdat zij zonder bouwvergunning een loopbrug met ponton heeft gebouwd. Dat is in strijd met het bestemmingsplan en de genoemde beleidsnotitie. De boot is geen onderwerp binnen deze zaak; deze mag zij altijd aan een legale aanlegsteiger afmeren.

Bij vergunningverlening op en rond het water spelen naast de gemeente immers ook Rijkswaterstaat en het hoogheemraadschap een rol. Alledrie de overheidsinstanties moeten een vergunning afgeven voor een steiger. Een vergunning van Rijkswaterstaat richt zich op de waterwegen. Het hoogheemraadschap kijkt naar zaken als veiligheid en beheer van het dijklichaam. De gemeente dient te toetsen of het bouwen van een ligplaats volgens de bouwregelgeving en het eigen beleid is.

De aanlegsteiger van mevrouw Molenaar- Tol is illegaal gebouwd en dient te worden verwijderd. Er bestaat immers geen zicht op legalisatie omdat de bouwaanvraag in 2008 is geweigerd. Deze weigering is door de Raad van State vorig jaar goedgekeurd. Voor bijzondere situaties in de Bakkerskil blijft maatwerk nodig, maar de situatie van mevrouw Molenaar- Tol is geen bijzondere situatie. Reeds lang bestaande aanlegsteigers waarop redelijkerwijs niet meer gehandhaafd kan worden, worden alsnog vergund.

Daarbij dient echter wel aangetoond te worden dat deze steigers er vóór aanvang van de dijkverzwaring waren en de gemeente daarvan op de hoogte was, zonder dat de gemeente zich hiertegen keerde. Mevrouw Molenaar- Tol heeft niet aangetoond dat haar aanlegsteiger er voor aanvang van de dijkverzwaringswerkzaamheden was en die wordt om die reden gezien als een uitbreiding. Zij mag haar boot wel aanmeren aan een vergunde steiger.’   

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.