of 59345 LinkedIn

Donkerrood? Dat wordt een warmtenet

Er gaan veel cijfers over tafel van wat de energietransitie ons gaat kosten. Probleem is dat ze zelden zijn gestoeld op betrouwbare berekeningen. Een rekentool, waarmee per straat de kosten – en baten – in beeld kunnen worden gebracht, biedt gemeenten en woningcorporaties houvast.

Er gaan veel cijfers over tafel van wat de energietransitie ons gaat kosten. Probleem is dat ze zelden zijn gestoeld op betrouwbare berekeningen. Een rekentool, waarmee per straat de kosten – en baten – in beeld kunnen worden gebracht, biedt gemeenten en woningcorporaties houvast.

Tool brengt kosten energietransitie in beeld

Pieter de Boer, adviseur vastgoedverduurzaming- en energietransitie bij BDO, geeft een uitgebreide toelichting. De energietransitie, legt hij uit, is uitermate complexe materie. Los van de vaak nog ongewisse technische mogelijkheden en de veelheid aan keuze-opties wat betreft infrastructuur, gaat het tegelijkertijd om het beperken van de energievraag en het duurzaam opwekken van energie. En dan is daar nog de complicerende factor van de hoeveelheid partijen die erbij zijn betrokken – met ieder hun eigen (financiële) belangen: rijk, provincies, warmtebedrijven, netwerkbedrijven, particulieren, huurders, vastgoedeigenaren, woningcorporaties en gemeenten. En binnen die laatste twee weer de afdelingen financiën, vastgoed en mogelijk medewerkers duurzaamheid met ieder weer hun eigen (beleids)kaders. ‘Het gaat er lang niet alleen om wat de transitie totaal kost, maar vooral om hoe die koek wordt verdeeld.’

‘Het probleem is vooral die bovengenoemde partijen bij elkaar te brengen. De rekentools helpen daarbij’, zegt De Boer. Het instrument, ontwikkeld door BDO en Innoforte, berekent de financieel gunstigste varianten per wijk, zo niet per straat, door gebruik te maken van de specifieke condities en kenmerken van de erin aanwezige corporatiewoningen. Aan de hand van een kaart van het grondgebied van de gemeente Rotterdam laat hij zien wat de input van die gegevens oplevert.

Donkerrode vlekken op de kaart maken in een oogopslag duidelijk welke wijken zich bij uitstek lenen voor aansluiting op het warmtenet. Waar de kaart donkerblauw kleurt, ligt een ander alternatief voor de aansluiting op gas meer voor de hand, all-electric bijvoorbeeld. In wijken waar de kleuren fletser zijn, is het op voorhand geen uitgemaakte zaak welke investeringen het meest zouden renderen (financieel of CO2.)

Spanningsveld
Het voordeel van zo’n kleurenkaart is dat betrokken partijen niet meer langs elkaar heen hoeven te praten als het over de energietransitie gaat. De Boer: ‘Dat geldt zeker wanneer corporatie en gemeente ieder vanuit hun eigen financiële bril op hetzelfde scenario uitkomen. In die wijken zou men het snelst met de transitie kunnen beginnen.’ Het grootste dilemma voor een gemeente is volgens hem dat deze er moet zijn voor de burger en dus zorgt voor een betaalbare infrastructuur, maar dat diezelfde gemeente tegelijkertijd wordt opgejaagd vanuit de rijksoverheid om tempo te maken. ‘Dat is een spanningsveld. En let wel, aan een verkeerde keuze zit de eindgebruiker al gauw dertig of veertig jaar vast’, zegt hij. Maar niets doen is ook geen optie. ‘Ja, je kunt natuurlijk altijd wachten op nog nieuwere technologische ontwikkelingen zoals waterstof, maar dan wordt de kans wel heel erg klein dat je een CO2-reductie van 49 procent in 2030 en CO2-neutraal in 2050 haalt.’

Is het dan toch niet verstandig ruimte in te bouwen voor voortschrijdende technologie en goedkopere oplossingen? Zeker, aldus De Boer. Het beste zou zijn, te beginnen met de aanpak op basis van de nu beschikbare gegevens, om dan vervolgens als woningcorporatie of gemeente elke vier jaar de verduurzamingstrategie te herijken, gebruikmakend van de op dat moment aanwezige technologie, veranderde wensen van de stakeholders, de financiële impact en – niet te vergeten – de betaalbaarheid.


Vijftien routes
De rekentool van BDO/Innoforte gaat uit van vijftien mogelijke verduurzamingsroutes. Het model houdt rekening met een aantal typen woningen, zoals grondgebonden gebouwen en portiek- en galerijflats. Voor elk type wordt uiteengezet wat doorgaan met gas en omslaan tot hybride, elektrisch, warmtenet (hoog- en laagtemperatuur) kost en oplevert, in combinatie met drie gradaties van renovatie/isolatie. Met het model kan onder andere een analyse worden gemaakt van wat de gekozen route betekent voor bijvoorbeeld de energienota van de huurder, het huishoudboekje van de woningcorporatie en de gemiddelde CO2-emissie per woning per jaar.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.