of 63000 LinkedIn

Beter omgaan met extreem droog weer

Drie opeenvolgende droge zomers teisterden natuur en landbouw. Water meer en langer vasthouden is het nieuwe devies. Welke maatregelen helpen om de droogte in Nederland het hoofd te bieden?

Drie opeenvolgende droge zomers teisterden natuur en landbouw. Water meer en langer vasthouden is het nieuwe devies. Welke maatregelen helpen om de droogte in Nederland het hoofd te bieden?

De droogte te lijf
Vrijwel overal in Europa wordt het steeds droger. Wat valt er tegen te doen? In een serie belicht Binnenlands Bestuur de aanpak van diverse Europese landen. In deel 1: Nederland.

Hoe Nederland het watertekort bestrijdt

‘Klap op klap op klap’, noemt Teo Wams de effecten van de droogte op de natuur. ‘Het jaar 2018 was extreem droog. Klap twee was dat ecosystemen zich vooral op de zandgronden niet hebben kunnen herstellen in het droge 2019’, constateert de directeur natuurbeheer van Natuurmonumenten. En ondanks de natte winter met de recordnatte februarimaand, kenmerkte dit jaar zich vooral door een extreem droog voorjaar. De voor de natuur cruciale grondwatervoorraden op de zandgronden waren wel aangevuld, maar in april alweer op het lage niveau van hoogzomer. ‘Dat is de derde klap’, aldus Wams.

De extremen ‘nat’ en ‘droog’ liggen dicht bij elkaar, en de kans er op neemt toe, aldus de klimaatscenario’s. Hoewel het bewustzijn toeneemt, wordt volgens Wams in het voorjaar nog steeds veel water afgevoerd en staan boeren een paar weken later het land te besproeien. ‘Iedereen trekt aan het watersysteem en de natuur trekt aan het kortste eind. Er moet meer zicht komen op grondwatergebruik en er moeten grenzen aan worden gesteld.’ Vanwege het droge voorjaar spreekt Wams van een dramatisch weidevogeljaar. De bedreigde grutto had grote moeite om met zijn lange snavel door de harde bodemkorst te komen, op zoek naar insecten die zich door de droogte dieper hadden teruggetrokken. Door de verminderde drassigheid op de weilanden vielen ook de waterlinies weg die de gruttonesten beschermen tegen predatoren als vossen. Later in de zomer oogde de natuur groener door de zomerregens, maar beheerders spreken van schade aan planten- en diersoorten doordat het water meteen wegzakt naar grote diepte en het waterpeil in beken en sloten te laag is, onbereikbaar voor planten en dieren. ‘Berken en beuken verliezen vervroegd hun blad’, meldt de laatste tweewekelijkse droogte-monitor van de Landelijke Commissie Waterverdeling die stand van zaken over droogte, neerslagtekort en rivierwaterstanden rapporteert. Populaties van vlinders en watergebonden soorten gaan achteruit.

Kampioen vasthouden
De maatregelen om de droogte het hoofd te bieden zijn intussen bekend. Nederland is ingericht om water af te voeren zodat overlast van natte voeten en schade aan de landbouw worden vermeden. In plaats van afvoeren, moeten we water meer vasthouden. Want de afgelopen drie jaar tonen aan dat tijdige aanvulling van grond- en oppervlaktewater niet langer vanzelfsprekend is. ‘We moeten van wereldkampioen water afvoeren nu kampioen water vasthouden worden’, herhaalde minister Van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat) een oude uitspraak op Prinsjesdag, toen ze bekend maakte 100 miljoen euro extra te reserveren voor plaatselijke watertekorten. Ook zegde ze 200 miljoen toe voor gerichte maatregelen die naar voren kwamen uit de stresstesten waarmee waterschappen, gemeenten en provincies locaties van droogte en van wateroverlast in kaart hebben gebracht.

Teo Wams noemt het een stap vooruit dat de waterschappen de visie van het vasthouden van water op veel plaatsen omzetten in concrete en praktische maatregelen als een extra plankje op een stuw, ‘skippyballen’ die duikers afsluiten en een soberder maaibeheer van oevers waardoor de stroomsnelheid vermindert. ‘Dat draagt bij aan het vasthouden.’

Tweede kentering volgens Wams is dat de boeren intussen zelf ook inzien dat water niet hun vijand is maar een vriend. De schade door droogte in de vorm van oogstderving is bij vele boeren groter dan de natschade, stelt Wams. ‘Deze kentering vormt de basis voor gesprekken, want op vele plaatsen in Nederland zijn de boeren onze buurman, en dat al sinds 1905.’ Een zinvolle maatregel die een langere adem vergt dan een skippybal, is de verbetering van het bodemleven door meer organische stof in de bodem te brengen, aldus Wams. ‘De bodem kan daardoor beter
een sponswerking vervullen. Regenwater stroomt er beter in, water wordt beter vastgehouden en wordt in tijden van droogte weer langzaam afgegeven.’

Minder sproeien
Bij landbouworganisatie LTO Nederland vindt bestuurder Trienke Elshof dat de landbouw zich meer moet voorbereiden op de extreme weersomstandigheden. ‘We moeten water beter vasthouden in de omgeving van de percelen en de peilen zo hoog mogelijk opzetten’, zegt de portefeuillehouder omgeving. Op haar eigen melkveebedrijf in Zuid-Friesland werd in overleg met Wetterskip Fryslân in de droge voorjaarsperiode afgeweken van het afgesproken peilbeheer. ‘We hebben de sloten zo vol mogelijk gezet om het gras optimaal te laten groeien. We hoefden daardoor minder te sproeien.’

Volgens Elshof is het zaak dat boeren en waterschappen beter anticiperen op de soms snel wisselende weersomstandigheden. Het watersysteem moet in staat zijn om extremen te weerstaan. ‘Waterschappen voeren het water nog te veel af. Is er droogte in aantocht, moeten we sloten en greppels vol zetten. Komt er een periode van nattigheid en piekbuien aan, dan kan het waterpeil zakken.’ Volgens waterspecialist Alex Hekman van adviesbureau Sweco is de transitie van eeuwenlang water afvoeren naar water vasthouden niet in een paar jaar geregeld. ‘Het is een mentaliteitsverandering die kan worden bespoedigd door per deelgebied te kijken hoe en waar je water kunt vasthouden. Elk gebied in Nederland is anders. In de veenweidegebieden zie je verzilting en bodemdaling. Daar moet het peil in de sloten omhoog. Dat vergt een andere aanpak dan de verdrogende hoge zandgronden waar je meer regenwater moet infiltreren’, aldus Hekman.

‘Silver bullits’ en grootschalige technische oplossingen, ziet de adviseur niet direct. Of het moet de verhoging van het waterpeil in het IJsselmeer zijn. Een derde van Nederland hangt via kanalen aan het infuus van dit tweeduizend vierkante kilometer grote zoetwatervat. ‘Bij dreigende droogte kunnen we daar extra IJsselwater, dus Rijnwater, vasthouden door het peil tien centimeter op te zetten. Dit kunnen we vervolgens gebruiken voor bestrijding

van droogte en verzilting. Doordat het peil daarbij ook tien centimeter verder mag uitzakken, is er in één klap vierhonderd miljoen kubieke meter beschikbaar,’ aldus Hekman. Sinds juni 2018 is dit peilbesluit officieel van kracht. Ook kanalen kunnen in het voorjaar hoger worden opgezet met bijvoorbeeld de piekafvoer van rivierwater.

Meer regen
Nederland zou in theorie niet met droogte hoeven te kampen, want per saldo gaat het door de klimaatverandering alleen maar meer regenen. Door de temperatuurstijging verdampt er immers meer water op zee, wat op land uitregent. Het probleem is echter dat het vooral ‘s winters meer en harder regent. Dan hebben natuur en boeren niks aan al dat water. Ook de toenemende intensiteit van zomerse hoosbuien veroorzaakt eerder overlast dan dat het de droogte bestrijdt. Het gevolg van het grillige patroon is wel dat het kostbare regenwater binnen een paar dagen is afgevoerd naar de zee.

‘We moeten als waterschappen daarom nog meer vanuit het watersysteem denken en minder water afvoeren, zegt ook Dirk- Siert Schoonman, portefeuillehouder watersystemen bij de Unie van Waterschappen, en sinds kort dijkgraaf van Waterschap Drents Overijsselse Delta (WDOD). De ruimte voor opslag van het water is beperkt in Nederland. Schoonman denkt daarom dat de bodem het beste reservoir is voor regenwater. ‘We zouden de sponswerking van de bodem meer moeten herstellen. In tijden van regenval zuigt de bodem zich vol, en in tijden van droogte geeft de bodem langzaam water af.’ Verhogen van het organisch stofgehalte en een rijker bodemleven met regenwormen zijn de beproefde recepten voor deze sponswerking. Het is een zaak van lange adem en het vereist dat de agrarische sector meer naar de bodem gaat luisteren, zegt Schoonman.

Wijs geworden door drie min of meer extreme droogtejaren ziet hij dat vooral de ‘kleine maatregelen’ veel effect sorteren. ‘Waterschappen, maar ook terreineigenaren en boeren zetten sinds drie jaar steeds vaker overal in het land de stuwtjes hoger met een extra plankje of ze sluiten met skippyballen de duikers af. Dat zijn goedkope en eenvoudige middelen waarmee water in de haarvaten van het watersysteem wordt vastgehouden en in de bodem kan infiltreren’, constateert Schoonman.

In het stedelijk gebied draagt ‘ontstening’ sterk bij wegzakken van hemelwater in de bodem. Geveltuintjes van anderhalve stoeptegel breed lijken ‘klein bier’, maar in een stad kan het optellen tot vele voetbalvelden infiltratieterrein. ‘Voor nieuwbouw wordt het al steeds meer standaard om de regenpijp van woningen niet langer op het riool aan te sluiten, maar te verbinden met speciale infiltratiekratten onder schuurtjes, tuinen of onder parkeerplaatsen, waardoor het water ter plaatse kan wegzakken’, aldus de dijkgraaf.

Natte landbouw
Schoonman hoopt dat bestuurders van provincies, waterschappen en gemeenten elkaar vinden in de visie dat het watersysteem leidend moet zijn in de ruimtelijke ordening. Dat is niet alleen van belang voor de bestrijding van droogte en van wateroverlast, zegt hij. ‘Er liggen ook meekoppelkansen in de energietransitie, natuurontwikkeling en de aanpak van de stikstofproblematiek.’

Ook Natuurmonumenten ziet die kansen. Wams denkt dat de droogtemaatregelen ook invulling geven aan de ‘natuurinclusieve landbouw’ die het ministerie van Landbouw sinds 2016 bepleit. ‘In de zones rondom de natuurgebieden zou conventionele landbouw plaats moeten maken voor een meer extensieve, natte landbouw.’ Hekman van Sweco was betrokken bij een watersysteemstudie voor Limburg. ‘We probeerden een balans te vinden tussen het voorkomen van wateroverlast en vasthouden van water voor droogtebestrijding’, zegt de adviseur. ‘De studie laat zien dat naast technische ook meer ruimtelijke maatregelen nodig zijn, zoals accepteren dat stroken langs de beken langer nat blijven. We hebben berekend dat extensivering van landbouw of functieaanpassing van drieduizend hectare op goed gekozen locaties soelaas biedt. Dat is natuurlijk niet in één keer te regelen. Dergelijke maatregelen zijn ingrijpend en kostbaar. Maar bestuurders hebben het plan warm omarmd.’

Ook water-gedeputeerde Peter van ‘t Hoog (ChristenUnie) in Gelderland ziet dat de laatste drie jaar in hoog tempo bestuurlijke overeenstemming is gekomen over de aanpak van droogte, bijvoorbeeld in de Achterhoek. Een klimaatbestendig watersysteem is daar de inzet om de wispelturige gevolgen van de klimaatverandering met afwisselend droogte en plensbuien op te vangen. ‘We moeten ophouden naar afzonderlijke postzegelgebiedjes te kijken, maar naar het stroomgebied als geheel.’

Gelderland start daarom in de Achterhoek proeven waarbij de functie het waterpeil gaat volgen. ‘Daarbij werken we als provincie samen met gemeenten, waterschap Rijn en IJssel, drinkwaterbedrijf Vitens, LTO en Natuurmonumenten. Niet elke functie kan meer zomaar overal. Naast een nat natuurgebied zou heel goed kringlooplandbouw kunnen. We gaan dat meer opnemen in de ruimtelijke ordening’, aldus Van ‘t Hoog. ‘Ik zie dat agrariërs echt begrijpen dat ze afhankelijk zijn van voldoende water.’


Beesel heeft met bermstuw wereldprimeur
Eind september is in de gemeente Beesel, tussen Venlo en Roermond, een negental stuwen geplaatst, voor zover bekend een wereldprimeur. Een roestvrij stalen frame, met aluminium plankjes houdt het water vast in sloten en beekjes langs gemeentelijke wegen. ‘Bermstuw’ heet deze gemeentelijke evenknie van het boerenstuwtje, waarvan er in Limburg vijftienhonderd staan. ‘Wij hebben als waterschap Limburg circa drieduizend kilometer beken en watergangen, maar de Limburgse gemeenten hebben meer dan tienduizend kilometer in bezit, waaronder heel veel afstromende en verdrogende bermsloten’, zegt bestuurder Har Frenken van Waterschap Limburg. ‘De knop moet om. Ook gemeenten kunnen veel meer bijdragen aan bestrijding van de droogte.’ Een bermstuw kost 800 euro. Het waterschap betaalt.

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.