of 59281 LinkedIn

Raad ‘controleert’ veiligheidsregio via beklag bij minister

Henk Bouwmans Reageer
De gemeenteraad controleert het optreden van de voorzitter-burgemeester van de veiligheidsregio - de zogeheten opperbevelhebber - door daarover te klagen bij de minister.

CDA, VVD, PvdA, D66, Christenunie en SGP in de Eerste Kamer hekelen het gebrek aan democratische controle van de gemeenteraad op het optreden van de door de minister benoemde voorzitter-burgemeester en het bestuur van de veiligheidsregio’s. Het CDA noemt die controle ‘gering’. De VVD vindt de democratische legitimatie ‘uiterst zwak’. D66 noemt het gekozen bestuurlijke regime complex, ondoorzichtig, ineffectief en ondemocratisch en kwalificeert de veiligheidsregio als ‘een mistige vierde bestuurslaag’.

 

Christenunie en SGP noemen de keuze voor een eenhoofdige leiding door de burgemeester van de grootste gemeente in de regio, de zogeheten korpsbeheerder van de politie, als voorzitter van de veiligheidsregio een ‘staatsrechtelijke vreemde, unieke figuur’. De PvdA vindt de veiligheidsregio ‘een nieuwe extra (burgemeesters)bestuurslaag, waarbij het gekunsteld is om van verlengd lokaal bestuur te spreken, gelet op de verdeling van de bevoegdheden en de geringe mogelijkheid tot beïnvloeding van de afzonderlijke gemeenteraden.’ De afstand tot de democratisch gekozen organen wordt alleen maar vergroot, concludeert de PvdA-senaatsfractie.

 

Opperbevel

 

Het bestuur van de veiligheidsregio, waarin politie, brandweer, geneeskundige diensten en gemeente samenwerken, wordt gevormd door alle burgemeesters uit de regio. Voorzitter is de burgemeester van de grootste stad die korpsbeheerder is van de politie. Er wordt beslist bij meerderheid van stemmen. De ontwerp-begroting wordt aan alle raden voorgelegd, elke gemeenteraad mag een risicoprofiel vaststellen voor de eigen gemeente en dat inbrengen voor het regionale beleidsplan. De voorzitter van de veiligheidsregio, de opperbevelhebber, kan mondeling om inlichtingen worden gevraagd. Bezwaar of beroep aantekenen door de raad bij de administratieve rechter, zoals dat normaal het geval is in een gemeenschappelijke regeling, is uitgesloten.

 

De politieke machtsmiddelen voor de deelnemende gemeenteraden zijn beperkt. Een motie van wantrouwen van een gemeenteraad tegen de voorzitter-burgemeester van de veiligheidsregio heeft geen politieke betekenis, aldus minister van Binnenlandse Zaken Ter Horst. Een ontevreden raad moet zijn beklag doen bij de minister. Die vraagt vervolgens aan de commissaris van de koningin of de voorzitter-burgemeester goed heeft opgetreden en neemt daarna een besluit. Het is aan de Tweede Kamer om de minister ter verantwoording te roepen. Democratische verantwoording dichter bij de gemeenten organiseren, ziet Ter Horst niet zitten: ‘Er is immers geen regionaal forum, laat staan een regionale volksvertegenwoordiging, dat daarin zou kunnen voorzien.’

 

De provincie is ongeschikt omdat die volgens de minister geen ervaring met veiligheidszorg heeft. De veiligheidsregio mag dan een vorm van samenwerking van gemeenten genoemd worden, het zogeheten verlengd lokaal bestuur, maar er is gewoon sprake van centralisme, aldus D66. ‘Het gehele verantwoordingsproces speelt zich volgens eeuwenoude Nederlandse tradities grotendeels af binnen de kringen van benoemde ambtsdragers en de democratisch gekozen organen die normaliter het primaat hebben en de eindverantwoordelijkheid dragen, hebben slechts een marginale rol’, aldus de D66-Senaatsfractie.

 

Volgens de minister is er geen sprake van centralisering. ‘Het feit dat beleidsvrijheid van gemeentebesturen door het wetsvoorstel wordt ingeperkt en dat is voorzien in sturingsmogelijkheden van het Rijk, ontneemt naar mijn mening aan de bestuursvorm niet het karakter van verlengd lokaal bestuur.’ Mede op verzoek van de Raad van State is gekozen voor een éénhoofdige bevelsstructuur van de burgemeester- korpsbeheerder die als een opperbevelhebber optreedt in het geval van crisis of ramp van meer dan lokale betekenis.

 

‘De introductie van bovenlokaal gezag beoogt een eenduidige bevelsstructuur in het leven te roepen met een zo groot mogelijke betrokkenheid van het lokale gezag, waardoor zoveel mogelijk recht wordt gedaan aan het belang van lokale verantwoording. De burgemeester blijft bij een ramp of crisis van plaatselijke betekenis exclusief belast met het gezag en is over de uitoefening daarvan verantwoording verschuldigd aan de gemeenteraad. Alleen bij een ramp of crisis van meer dan plaatselijke betekenis gaan bevoegdheden over naar de voorzitter van de veiligheidsregio’, schrijft de minister in de memorie van antwoord aan de Eerste Kamer.

 

Bestuurslaag

 

De veiligheidsregio moet wat Ter Horst betreft samenvallen met de politieregio. Als er politieregio’s worden samengevoegd, geldt dat ook voor de veiligheidsregio’s. ‘Uitgangspunt voor mij is dat de schaal van de politie- en veiligheidsregio’s dezelfde blijft’. Doordat er ook regionale omgevingsdiensten worden gevormd, dreigt er volgens de SP een nieuwe regionale bestuurslaag tussen gemeenten en provincies te ontstaan. Van een nieuwe bestuurslaag is volgens de minister geen sprake.

 

‘De regio’s vervullen hun taken als gemeenschappelijke shared service ter ondersteuning van lokale, en in het geval van regionale omgevingsdiensten, tevens provinciale besturen. De bestuurlijke bevoegdheden blijven op gemeentelijk niveau respectievelijk in het geval van de regionale uitvoeringsdiensten ook deels op provinciaal niveau.’

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Vacatures

Van onze partners