of 62812 LinkedIn

Ondermijningslab landelijk uitgerold

Het Ondermijningslab, dat in 2017 als proef van start ging als een samenwerking tussen TNO en Taskforce-RIEC Brabant-Zeeland, is een succes en daarom vanaf dit jaar landelijk uitgerold. De hands-on werkwijze van het lab spreekt Regionale Informatie en Expertise Centra (RIEC’s) en hun partners gemeenten, OM en politie zeer aan, aldus Kees d’Huy, business director Nationale Veiligheid bij TNO.

Het Ondermijningslab, dat in 2017 als proef van start ging als een samenwerking tussen TNO en Taskforce-RIEC Brabant-Zeeland, is een succes en daarom vanaf dit jaar landelijk uitgerold. De hands-on werkwijze van het lab spreekt Regionale Informatie en Expertise Centra (RIEC’s) en hun partners gemeenten, OM en politie zeer aan, aldus Kees d’Huy, business director Nationale Veiligheid bij TNO.

Wat is het succes van Ondermijningslab?
‘We hadden met Ondermijningslab een groot onderzoeksprogramma dat alleen in Zuid-Nederland opereerde en wat afgelopen jaar is afgerond. Op verzoek van meerdere RIEC’s en het ministerie van Justitie en Veiligheid wordt het per 1 januari landelijk uitgerold. Het lab ontwikkelt kennis en concrete innovaties die professionals helpen beter zicht te krijgen op het ondermijningsfenomeen, modus operandi en het gedrag van daarbij betrokken personen. Ook helpt het hen met wetenschap bij de ontwikkeling en begeleiding van concrete interventies. De werkwijze sprak de RIEC’s aan. Die bestaat uit drie componenten: scientist on the job, ‘vernieuwend en verdiepend onderzoek’ en ‘borgen en delen’. Het laatste was de aanleiding om destijds te starten met het Ondermijningslab. TNO’ers waren er voor 2017 al mee bezig, maar dan individueel bij het OM of een gemeente. Er was dus ruimte voor het innovatieve idee voor de concrete urgente lokale behoefte, maar verdere verspreiding van inzichten en resultaten schoten er te vaak bij in. Er is behoefte aan vernieuwing en aan borgen en delen, trainen en verspreiden, via workshops, brochures, methoden of algoritme.’

Hoe is de ‘scientist on the job’ uitgevallen?
‘In 2017 was er veel aandacht voor ondermijning, er kwamen extra afspraken over informatiedeling tussen RIEC’s, extra middelen en menskracht. Maar we vroegen ons af: wat merkt de individuele ambtenaar openbare orde en veiligheid, rechercheur of RIEC-analist daar nu inhoudelijk van? Is er extra handelingsperspectief? Die bleek op ‘de werkvloer’ relatief beperkt. Je doet meer als je al deed, maar de problematiek is zo omvangrijk, weerbarstig en complex dat je niet alleen met meer mensen af kunt. Je moet uit een ander slimmer, innovatiever vaatje tappen. We besloten wetenschappers aan deze teams te koppelen en innovaties in concrete cases in te zetten. We gebruikten een derde van onze financiering om wetenschappers in de praktijk opsporing, preventie en een integrale aanpak neer te laten zetten én hen tegelijkertijd onderzoek uit te voeren. Dat sprak erg aan.’

En wat leverde het op?
‘Bepaalde zaken kwamen in een versnelling en er kwam daarin zelfs een doorbraak, bijvoorbeeld via gedragswetenschappelijke inzichten, dus kijken naar de drijfveren in het handelen van het individu, naar de achterliggende persoonlijkheidstypen. Niet alleen van criminele kopstukken, maar ook van meelopers, facilitatoren, spijtoptanten, getuigen en slachtoffers. Dat gebeurde in de integrale aanpak van ondermijning te weinig. Een doorbraak daarbij is ook: analyseren hoe de overheid zich met haar eigen gedrag manifesteert ten opzichte van de doelgroep. Door met een andere blik naar je eigen gedrag als professional te kijken kun je ook uitvinden welk gedrag helpt om de doelgroep te laten doen wat jij wilt. Soms worden mensen daardoor wel verklaringsbereid of medewerkingsbereid. In verschillende wijken of communities in Brabantse gemeenten is dat gebeurd, zoals bij outlaw motorcycle gangs (OMG’s). Zo krijg je op een meer natuurlijke manier beweging in de zaak. De organisatie van drugsproblematiek en modus operandi van drugscriminelen, zoals rekruteren en witwassen, kan men wel uitdokteren. Maar wie zijn die personen eigenlijk? Waarom doen ze wat ze doen, en hoe gaan ze met elkaar om? Daarin zijn we gaan roeren. Wat gebeurt daar dan? Hoe past zo’n groep zich aan? Vaak zijn het adolescenten, jongvolwassenen. Er gebeurt in die leeftijd nog van alles in de ontwikkeling van het brein. Een klein deel blijft hun hele leven crimineel, maar vaak zijn anderen er wel uit te halen, zoals bij OMG’s, hooligans en ook bij bedreigers van bestuurders.’

Hoe wordt er dan geïntervenieerd?
‘Een samenwerkende overheid heeft een veel rijker palet aan interventies dan alleen een politie of Belastingdienst. Nog beter is het als je die interventies in samenhang kunt inzetten. De vraag is: welk effect wil je bereiken? Hoe krijg je dat het beste tussen de oren? Daar moet je dan interventies bij zoeken. Dat is beter dan dat je alleen staat met een hamer in hand: dan lijkt alles op een spijker. Misschien is het soms verstandiger om eerst jeugdzorg, vergunningen of de plantsoenendienst zich ergens gericht mee bezig te laten houden. Je geeft daarmee prikkels af en wellicht pas later ga je met ‘blauw’ naar binnen. Het is niet alleen maar kijken naar de interventiematrix, maar ook naar hoe je dat als samenwerkende partijen in samenhang het beste kunt doen. Daar moet je een goed gesprek met elkaar over kunnen voeren. Wat is het doel? Wat willen we bereiken? Wat doen we als eerste? Op welke vraag willen we antwoord? Dat kan zijn het gedrag van een bepaalde persoon veranderen.’

In een nieuwe brochure leggen jullie uit hoe samenwerkende partijen, zoals gemeenten, OM, douane en Belastingdienst, op een vruchtbare manier kunnen samenwerken. Gebeurt dat nu niet?
‘Samenwerking opzoeken is logisch, maar in de praktijk is het lastig, want overheidsorganisaties en hun ambtenaren hebben veel en diverse belangen, prikkels en ervaringen. Dat maakt samenwerking intrinsiek lastig. Neem een voorbeeld uit de mensenhandel: slachtoffers van arbeidsuitbuiting in een champignonkwekerij. Na een inval wordt de malafide ondernemer staande gehouden. Vervolgens stuurt de Belastingdienst hem een aanslag, het OM plukt hem en de politie legt ook nog een beslag. Je hebt alles kaalgeplukt en dan zegt iemand: uiteindelijk zijn die uitgebuite arbeidskrachten het slachtoffer. Zij hebben recht op gederfd loon en compensatie. Maar dat kun je dan niet meer op die kaalgeplukte malafide ondernemer verhalen. De uitgebuite personen behoren vaak al tot de groep met weinig bestaansmiddelen, wat de kans op ‘revictimiseren’ groot maakt. Help dus eerst de slachtoffers en ga dan pas kijken naar ontneming. Partijen kunnen elkaar zo ongewild en vaak ook onbewust behoorlijk in de weg zitten. Maar je kunt dat doel samen bepalen en de criminaliteit aanpakken door in plaats van subdoelen bevredigen elkaar die wezenlijke vragen te stellen. Door die manier van besluitvorming en organisatiepsychologie kun je tot vruchtbare samenwerking komen.’

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Vacatures

Van onze partners