of 59345 LinkedIn

Inburgeringsexamen eenvoudiger

Sjors van Beek Reageer
Minister Vogelaar (Integratie) wil de haperende inburgering vlot trekken door onder meer het inburgeringsexamen ‘toegankelijker en eenvoudiger’ te maken.

Het inburgeringsexamen in Nederland wordt binnenkort eenvoudiger. Minister Vogelaar (PvdA, integratie) heeft het voornemen daartoe deze week in een brief aan de Tweede Kamer gemeld. Het is een van de maatregelen om de haperende inburgering uit het slop te trekken. Het lukt rijk en gemeenten nog steeds niet om de voorgenomen aantallen inburgeraars op een traject te krijgen én voor het examen te laten slagen.

 

In november komt de minister met voorstellen die ‘onder meer op het vlak liggen van het toegankelijker en eenvoudiger maken van het inburgeringsexamen’, zo schrijft ze de Kamer. Wat de vereenvoudiging behelst kon een woordvoerster van het ministerie van WWI (Wonen, wijken & integratie) deze week nog niet zeggen. Momenteel bestaat het in Nederland af te leggen examen uit drie onderdelen: de Toets Gesproken Nederlands (TGN), Kennis van de Nederlandse Samenleving (KNS) en het Elektronisch Praktijkexamen (EPE), dat de vaardigheid toetst om praktijksituaties (zoals doktersbezoek) tot een goed einde te brengen. Een alternatief voor dit examen bestaat uit een assessment of het laten beoordelen van een portfolio met bewijzen dat praktijksituaties goed zijn doorlopen, of een combinatie van beide.

 

Helft zakt

 

Uit de laatste begroting van WWI blijkt dat de helft van de deelnemers zakt. Hoeveel mensen het inburgeringsexamen wél halen, is onduidelijk. Het ministerie weigert actuele cijfers te verstrekken over het aantal deelnemers en het aantal geslaagden tot nu toe. Tot november 2007 was het speciale inburgersdiploma - nodig om een permanente verblijfsvergunning te krijgen - pas zo’n 150 keer uitgereikt, blijkt uit oude cijfers. Vorig jaar slaagden in totaal 492 mensen voor het inburgeringsexamen, staat in de WWI-begroting. De ambitie voor 2008 is vierduizend geslaagden, oplopend naar 45.000 in 2012.

 

Klaslokalen

 

Uit de meest recente brief aan de Kamer komt een weinig rooskleurig beeld naar voren aangaande de inburgering in het algemeen. Om tal van redenen komen de inburgeraars niet naar de klaslokalen. De geplande aantallen (minstens 47.000 per jaar) worden bij lange na niet gehaald. In 2007 en 2008 hebben tot nu toe 24.530 inburgeraars een aanbod gekregen (19.505 verplicht en 5.025 vrijwillig). Amsterdam, Den Haag en Utrecht hebben gemiddeld pas zo’n 20 procent van hun doelstellingen gerealiseerd, Rotterdam zelfs maar 6 procent. Volgens Vogelaar is de komende anderhalf jaar een ‘enorme inhaalslag’ geboden. De belangrijkste redenen voor het niet halen van de doelen zijn volgens haar ‘belemmeringen op het gebied van wet- en regelgeving, de schaalgrootte van de gemeente, de bestuurlijke complexiteit, de aanpassing van de uitvoeringsorganisaties op de vereisten van de wet en de omvang en het bereiken van de doelgroep.’

 

Over de financiële schade die van dit alles het gevolg is zijn de betrokken partijen het nog steeds niet eens. Taalaanbieders (zowel private als de publieke ROC’s) hadden op grond van de overheidsprognoses veel te veel lokalen en docenten gereserveerd. Alleen al over 2007 wordt de exploitatieschade geraamd op 45 miljoen euro. Minister Vogelaar is bereid hiervan eenderde te betalen, de taalaanbieders ook. De meeste gemeenten, waaronder de G4, weigeren echter om ook éénderde voor hun rekening te nemen, zo heeft Vogelaar de Kamer bericht. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten stelde al voor de rente van de niet gebruikte inburgeringsvoorschotten hiervoor te gebruiken, maar de meeste gemeenten liggen dwars.

 

Dwang

 

Een meerderheid van het parlement vindt dat de gemeenten dan maar gedwongen moeten worden tot meebetalen, zo bleek deze week tijdens een Algemeen Overleg. Geopperd is om de geldkraan voor de volgende jaren dicht te draaien als gemeenten niet over de brug komen. PvdA en SP kondigden aan hierover moties te zullen indienen. SP-Kamerlid Karabulut wil ook spoedig nieuw overleg met de minister om te horen wat ze aan de overige problemen rond de inburgering gaat doen. ‘De bureaucratie moet aangepakt en er moet kinderopvang komen. En lopen we dit jaar weer nieuwe verliezen op? U bent eindverantwoordelijk, kom nu eens met een oplossing!’, zo hield ze minister Vogelaar voor. ‘Wij zijn zeer bezorgd. De problematiek ligt op uw bord maar er is al zes maanden geen enkele vooruitgang geboekt’, aldus VVD’er Kamp.

 

CDA’er Van Toorenburg: ‘Het is zeer teleurstellend om te zien hoe ver we nog steeds verwijderd zijn van de ambities. We vragen ons af of de grote steden de urgentie eigenlijk wel voelen. Het is een puinhoop.’ PVV’er Fritsma wil dat er een einde komt aan inburgeren waarbij mannen en vrouwen apart zitten. ‘Dat toestaan is het slechtst denkbare signaal ten aanzien van integratie.’ De vier grote steden hebben bij de minister een aantal plannen ingediend om de zaak vlot te trekken. Amsterdam gaat aangemelde inburgeraars die binnen twintig dagen geen plek in een klas hebben gekregen, overdragen aan een andere taalaanbieder.

 

Den Haag gaat de intake voor inburgeringstrajecten verbreden naar een ‘multidisciplinaire aanpak waarbij ook onderzocht wordt in hoeverre er sprake is van schulden, niet gebruik van voorzieningen, gezins- of andere sociaal-maatschappelijke problemen’. Rotterdam stelt een Taskforce Inburgering in. Utrecht pleit voor een verhoging van de normvergoeding per inburgeringstraject van zes- naar tienduizend euro. De huidige rijksvergoeding dekt de kosten voor werving en begeleiding niet, stelt Utrecht.

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Vacatures

Van onze partners