of 63372 LinkedIn

'Financier regionale aanpak ondermijning structureel'

Als we niet oppassen, verliezen we meer dan we hebben opgebouwd in de aanpak van ondermijning. Dat is de grootste zorg van de twaalf commissarissen van de koning in een brief aan informateur Hamer, waarin zij pleiten voor structurele financiering vanuit het nationale ondermijningsfonds en betere informatie-uitwisseling tussen overheden en partners. ‘We moeten dit niet decentraliseren.’

Als we niet oppassen, verliezen we meer dan we hebben opgebouwd in de aanpak van ondermijning. Dat is de grootste zorg van de twaalf commissarissen van de koning in een brief aan informateur Hamer, waarin zij pleiten voor structurele financiering vanuit het nationale ondermijningsfonds en betere informatie-uitwisseling tussen overheden en partners. ‘We moeten dit niet decentraliseren.’

Vertrouwen
Het onderwerp ligt commissarissen van de koning Arthur van Dijk (Noord-Holland) en Hans Oosters (Utrecht) na aan het hart. Als provinciaal bestuurder en rijksorgaan bewaken zij immers de kwaliteit van het openbaar bestuur. En daar liggen ook hun zorgen, net als die van veel burgemeesters. ‘Er gaat veel geld in om en ondermijning heeft veel maatschappelijke effecten, zoals geen vertrouwen in de directe omgeving, waaronder de politiek’, aldus Van Dijk. Er kwam weliswaar een nationaal ondermijningsfonds en een betere informatiepositie voor burgemeesters. ‘Maar het fonds is geen lang leven beschoren. De effecten van ondermijning blijven zich wortelen: goedkoop is duurkoop. Sluipende ondermijning gaat gewoon door. Daarom stellen wij een zestal verbeteracties voor en daar zijn voldoende middelen voor nodig.’

Waar zit uw grootste zorg?
Van Dijk: ‘Als we niet oppassen, dan verliezen we meer dan we hebben opgebouwd. Die zorg delen we met burgemeesters en de minister van Justitie en Veiligheid. Het schrappen van structureel geld is een zorgpunt, maar het belangrijkste is de informatiepositie. Barrièremodellen, waarin een overzicht is gemaakt van de problemen, spelers en instrumenten, zijn heel belangrijk. Kijk ook naar cybercrime, wie vertrouwt zijn e-mailbox nog?’
Oosters: De kabinetsformatie biedt kansen. Er is een incidenteel netwerk van Regionale Informatie en Expertisecentra (RIEC’s) opgebouwd en met burgemeesters hard gewerkt aan bewustwording. Er is een regio-specifieke aanpak op agrarisch gebied, bedrijfsgebouwen, vakantieparken en cybercrime. De dreiging bij de kabinetsformatie is dat men denkt: dat is geregeld, check klaar. Onze vrees is dat de middelen incidenteel zijn en blijven. Als je nu niet doorzet, gooi je het kind met het badwater weg. We moeten ook een koppeling leggen met de gemeenten. Als zij niet meer geld voor deze aanpak krijgen, dan kunnen ze voor andere prioriteiten gaan kiezen. Er is veel voor nodig. We moeten er toch wel een paar honderd miljoen structureel voor inzetten.’

Informatie-uitwisseling tussen overheden en hun partners is al heel lang een probleem, maar er worden wel stappen in gezet, zoals in de Bibob-wetgeving. Waar ontbreekt het nu vooral aan?
O: Die informatiepositie is inderdaad een tweede punt: voor het oprollen van criminele activiteiten, het opdoeken van netwerken en het transparant maken van wat onzichtbaar is, hebben we een goede informatiepositie nodig. Maar dikwijls worden we klemgezet door strakke privacywetgeving. De crimineel is dan de lachende derde. Dat is een zorgelijke ontwikkeling. Hoe ver moet de privacy hier strekken?’
VD: ‘Het lijkt alsof we steeds meer naar de burgemeester kijken en dat die zijn bevoegdheden niet inzet, maar als het hapert in de strafrechtketen en de privacywetgeving, dan staat de burgemeester met lege handen. Het bijzondere van ondermijning is: je ziet het niet. Maar intussen wordt langzaam invloed gewonnen in woonwijken, op bedrijventerreinen en in de politiek. Criminelen verstevigen hun positie en dat baart zorgen. In Engeland kon nog op basis van Europese regelgeving wel een fraudehelpdesk oprichten die zich richt op phishing, fraude en sms’jes. Daarmee kun je eerder onderkennen wat er mis is. Hier geeft de Autoriteit Persoonsgegevens er geen akkoord op. De AVG biedt wel mogelijkheden, als we sectoraal aanpassingen doen.’

En op gemeenteniveau?
VD: ‘We moeten gemeenten ondersteunen bij hun taak. De gemeente is namelijk ook poortwachter van ondermijning. Kijk ook naar advocaten, notarissen, banken. Je kunt beter voorkomen dat een crimineel een bankrekening opent, dan er later de bank voor op de vingers tikken. Dat zou enorm helpen. We moeten de rol van burgemeesters zuiver houden. Niet de burgemeester is het probleem, het probleem ligt elders. Ik ben blij met de Bibob-wijziging, waardoor nu wel informatie-uitwisseling tussen burgemeesters mogelijk is. Maar als nu in één gezin de man niet door Bibob komt, maar de vrouw wel, dan zijn dat uitwassen en is dat reden om met burgemeesters tegen Den Haag te zeggen: zorg ervoor dat we dit werk kunnen doen.’

Waar wortelt ondermijning zich nu vooral in uw provincies?
VD: ‘Op bedrijventerreinen, in woonwijken, maar vooral in cybercrime. Ik krijg dagelijks mails van een bank waar ik geen rekening heb. Je communiceert toch online met inwoners en door alle recente gebeurtenissen is er al wat wantrouwen richting de overheid, dus als de belangrijkste communicatie-instrumenten nu al worden beïnvloed, dan heb ik daar zorgen over. Het is belangrijk dat er landelijke regie komt op cybercrime. Dat moeten we tijdig herkennen en erkennen. Lokaal, provinciaal en landelijk moeten we de schouders eronder zetten.’
O: ‘In het Utrechtse is het veelal druggerelateerd: productie, handel en transport. In Nieuwegein bleek na een inval in een bedrijfshal een complete webshop te bestaan met alles voor hennepteelt: lampen en verpakkingen. Het leek wel IKEA. Hellemaal keurig tussen normale bedrijven in. Onlangs is er een crimineel netwerk met dure auto’s en speedboten opgerold in Ameide en Montfoort, dus ook in landelijk gebied. Burgers moeten zich uitgenodigd voelen om melding te doen. Onze gemeenten zijn nu bijna allemaal bij Meld Misdaad Anoniem aangesloten. Je geeft burgers vertrouwen als er iets met hun meldingen wordt gedaan. Als je er niets aan doet, staan burgers ook niet vooraan om te helpen.’

Moet structurele financiering van de aanpak van ondermijnende criminaliteit een hoofdthema worden aan de formatietafel, naast klimaat, wonen, het coronaherstelplan?
O: ‘Zeker een van de basisthema’s. Het gevaar is dat men al snel denkt: het zal wel loslopen. Maar het verdient absoluut de aandacht aan die tafel, ook richting economisch herstel na de coronacrisis. Ik heb veel bezoeken afgelegd aan horecaeigenaren. Daar heersen grote financiële problemen. Met eigen middelen houden velen het hoofd nog boven water, maar we zien ook heel veel niet. Schulden laten inlossen door mensen met andere bedoelingen ligt op de loer. Ik verwacht strak nog een golf van ellende, want de georganiseerde criminaliteit heeft tijdens de coronacrisis gewoon doorgewerkt. Die gaan gebruik maken van al die leegstaande bedrijven.’

Hoeveel geld is er structureel nodig om ondermijning regionaal substantieel aan te pakken?
O: ‘Het gaat voor het structureel ondermijningsfonds om 30 miljoen per jaar voor met name de RIEC’s. Daarbij vormt de oproep uit het Pact van de Rechtstaat, het manifest van Peter Noordanus, een goed vertrekpunt. Daarin gaat het om 100 miljoen euro aan structurele versterking van de regionale en lokale bestuurlijke aanpak, plus andere investeringen van in totaal nog eens 300 miljoen euro. Dat loopt dus op tot 300 tot 400 miljoen voor de totale aanpak.’
VD: Een deel van dat geld is om RIEC’s overeind te houden en zij daarvoor minder afhankelijk zijn van gemeentelijke bijdragen. Het geld moeten we inzetten om de infrastructuur in beeld te brengen en overheidsinstanties onderling beter informatie te laten delen. Het is goed dat er een AVG is, maar bij misstanden moeten we wel iets kunnen doen, anders wordt het gezag van de overheid ondermijnt.’

Wat is de grondslag voor uw zorg dat de RIEC’s zouden verdwijnen?
O: ‘Centrale financiering is belangrijk voor de RIEC’s. Zij brengen expertise bij elkaar en stimuleren publiek-private samenwerking, zoals met de autoverhuurbranche. Dat overstijgt gemeenten. Om de misstanden in de autoverhuur aan te pakken heb je de brancheorganisatie nodig. Wij adviseren ook meer met koepels en brancheorganisaties te werken. Dat moeten we borgen voor toekomst. Onze zorg zit er vooral in dat Den Haag zegt dat gemeenten dat wel financieren. Die ambitie is er zeker, maar met gemeenten alleen zijn we er niet. Laat daar geen misverstand over bestaan. We moeten meer uit samenwerking halen dan nu nodig is en dan zijn echt middelen nodig van de rijksoverheid. Dit moet een gezamenlijke opgave blijven die we niet moeten decentraliseren.’
VD: Als cdk’s doen wij deze activiteit uit onze rol, niet vanuit geoormerkt geld voor ondermijning. Een paar jaar geleden kwam er een miljoen vrij voor een impuls voor deze activiteiten. Daar is nu nog een staartje van over. Ook heb ik in de Staten geld gevonden voor een coördinerende rol. Zo werkt het nu. In de gemeente Stede Broec is een zwaar geval van jeugdzorg die hen acht ton kost. Daar blijft niet genoeg geld over. Een basisrandvoorwaarde voor de aanpak van ondermijning is: als je niet op nieuwe systemen kunt vertrouwen, zijn zij gedoemd te mislukken. Er is bijvoorbeeld nog geen goede corona-app, omdat we dat niet kunnen dichtregelen. Onlangs was er de brandbrief van de cyberburgemeesters. We zijn veel geld kwijt aan beveiliging en tegelijk wordt het systeem er niet gebruikersvriendelijker van. Het wordt zo ook lastig om met de overheid in contact te komen. Dat vergt een structurele aanpak: centraal, met de regio en lokaal. Er wordt ook wel gezegd dat de criminaliteit in Amsterdam in de regio wordt voorbereid. Zie daar die noodzaak van structurele regionale middelen.’

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Vacatures

Van onze partners