of 59274 LinkedIn

Van peeskamer naar paskamer

Barry van Heijningen Reageer
Voormalige prostitutiepanden op de Amsterdamse Wallen worden tijdelijk gebruikt door beginnende mode-ontwerpers. De gemeente is er enthousiast over, maar de buurt spreekt van een gemiste kans. ‘Red Light Fashion’ loopt anderhalf jaar uit.

‘Op nummer 62 staat een etalagepop met een houtje-touwtjejas en pal daarnaast is een prostituee in lingerie aan het werk. Dat is toch geen gezicht’, zegt Priscilla Jourdan, eigenaresse van Il Gioielle, the smallest erotic art gallery in the world, aan de Oudezijds Achterburgwal in Amsterdam. ‘Toeristen komen naar de Wallen voor spanning en erotiek en niet voor houtjetouwtjejassen.’

 

Bij vriendin en collega Danny Linden van Absolute Danny – for all your sensual clothing – is het rond lunchtijd vrij stil in de winkel. Ze voorziet het bezoek van een espresso en laat vervolgens weten dat landelijke en internationale kranten die in 2007 berichtten dat de Wallen zouden worden schoongeveegd haar een fors omzetverlies hebben gebracht. ‘En dat begon al in januari 2008 toen er van een crisis nog geen sprake was.’

 

Raambordeel

 

Amsterdam heeft in het kader van Project 1012 - de naam slaat op het postcodegebied dat de Wallen, Dam en Rokin omvat – prostitutiepanden aangekocht van zakenman Charles Geerts en anderen. De gemeente wil met 1012 het oude centrum een kwaliteitsimpuls geven en de Wallen veiliger, fraaier en schoner maken. Pierre van Rossum, projectmanager van 1012, vertelt dat een derde van de huidige raambordelen wordt herontwikkeld voor nieuwe functies: woningen, horeca of een museale bestemming. Twee derde wordt weer raambordeel.

 

3 jaar geleden waren er nog 480 ramen op de Wallen. De wooncorporaties NV Stadsgoed, Ymere en De Key/Principaal kochten op aangeven van de gemeente ongeveer honderd ramen. Er zijn er nu nog 370 over. De gemeente wil terug naar ruim 290 ramen. De plannen stonden zo’n 3 jaar geleden in de steigers, toen Mariëtte Hoitink twee nieuwsgierige ambtenaren rondleidde in het oude industriegebouw aan de Oudezijds Achterburgwal waarin haar bedrijf HTNK Fashion Recruitment & Consultancy is gevestigd.

 

Wat op korte termijn de bestemming zou worden van de verworven prostitutiepanden wisten de ambtenaren toen nog niet. Mariëtte Hoitink wist het wél: een tijdelijke huisvesting en werkruimte voor mode-ontwerpers die aan het begin van hun carrière stonden. ‘Red Light Fashion Amsterdam’ was geboren.

 

Projectmanager Van Rossum: ‘Omdat we een verandering van het gebied voorstaan, vonden we dit een bijzondere manier van antikraak, dat ook Amsterdam als modestad promoot. We hebben met de ontwerpers een contract gesloten voor 1 jaar, omdat we dachten er binnen die tijd weer prostitutieramen van te kunnen maken. De eigenaren van de raambordelen aan het Oude Kerksplein moeten daar weg. Zij kunnen naar de voormalige panden van Charles Geerts aan de Oudezijds als ze hun bedrijf willen voortzetten. Een soort uitruil dus.’

 

Atelier

 

Intussen wonen en werken de ontwerpers al ruim 2 jaar op de Wallen en Van Rossum denkt dat ze er zeker het komende half jaar nog niet weg zullen zijn. Jolanda van den Broek is een van hen. Aan het begin van de Oudezijds bewoont ze met haar zakelijk partner een pand van drie etages. Het voormalige peeskamertje dient als opslagruimte, op één hoog is het atelier gevestigd en de bovenste etage dient als woon- en slaapruimte.

 

Van den Broek: ‘Mariëtte Hoitink belde ons ’s avonds en we moesten de volgende dag beslissen. Het was wel een risico. We mochten ook niets aan het pand veranderen en er ook geen winkelfunctie aan geven. We zitten er nu 2,5 jaar, maar we hadden net zo goed na een jaar weg kunnen zijn.

 

‘In het begin gaf onze aanwezigheid wel wat commotie, niet tegen ons persoonlijk, maar vooral omdat de buurt ons zag als een voorbode op veranderingen. Het is eigenlijk een succesverhaal geworden. We hebben ons kunnen presenteren aan een internationaal publiek, er is veel vakpers op afgekomen en de buurt is een warm bad. Het is de veiligste plek waar we ooit hebben gezeten.’

 

Tweede kans

 

Wallen-ondernemers Jourdan en Linden vonden het destijds een goed idee van de gemeente om iets te doen aan de leegstaande ramen, maar ze stellen nu vast dat het project met de modeontwerpers niets aan de Wallen heeft bijgedragen en daarom is mislukt. Linden: ‘De gemeente had het veel beter moeten begeleiden. De initiatiefnemers hadden aan de deelnemers de voorwaarde moeten stellen dat zij de erotische sfeer van het Wallengebied hadden moeten respecteren.’

 

Linden: ‘Ik heb het er met HTNK over gehad om er desnoods met dezelfde ontwerpers een meer erotisch getint project van te maken, zodat het beter in de buurt zou passen. Dat zou met de ontwerpers zijn besproken, maar ik heb daarna nooit meer iemand gezien.’

 

‘1012 is zo groots aangepakt dat het wel tot een behoorlijke vertraging moest leiden’, constateert Linden. ‘De ontwerpers waren in het begin nog enthousiast, maar nu zijn sommige ateliers met wit papier dichtgeplakt. Er zit geen hart en ziel meer in. Daardoor begint de buurt te verpauperen en de gemeente schijnt dat niet te beseffen.’

 

Om verval te voorkomen vinden beide ondernemers dat het project een tweede kans moet krijgen. Daarvoor hebben zij een eigen versie ontwikkeld: Redglam. In hun plan staat te lezen: ‘Elke Redglam-etalage wordt ingericht naar een uniek thema dat de bezoeker meezuigt in een andere wereld. De etalages moeten klasse, erotiek en sensualiteit uitstralen: een mix van mode, kunst en interieur, geïnspireerd op datgene waar de Wallen van oudsher om bekend staan: erotiek.’ Redglam wordt binnenkort in een ambtelijke commissie besproken.

 

Verkeerd

 

‘Het is een goed plan’, vindt Mariëtte Hoitink. ‘Maar het is nooit onze insteek geweest om ontwerpers te selecteren die in hun werk aansloten op de sfeer in de buurt.’ Hoitink vindt Red Light Fashion Amsterdam een groot succes.

 

‘De verkopen van de ontwerpers zijn gestegen en qua label zijn ze gegroeid. Ik verzorg na 2 jaar nog steeds rondleidingen. Morgen komt er weer een groep Chinese journalisten. De ontwerpers ontvangen wel bezoekers, maar alleen op afspraak via HTNK. Wij schermen ze af, anders worden ze overlopen.’

 

En op de kritiek dat de panden in verval raken zegt ze dat de meest zichtbare panden worden gerenoveerd. Projectmanager Pierre van Rossum bevestigt dat dit inderdaad gaat gebeuren. ‘Ik wil ook graag met ondernemers op de Wallen doordenken welke initiatieven we kunnen nemen om daar positieve elementen aan toe te voegen. Daar is het plan van Priscilla en Danny er een van. Je zou bijvoorbeeld ook kunnen denken aan een nieuwe nachtclub. Die zijn er weinig in de stad.’

 

Van Rossum verduidelijkt dat de gemeente met Project 1012 in een ingewikkelde positie verkeert. ‘Als gemeente willen wij dat het red light district goed op de kaart blijft staan. Dat is belangrijk voor de stad. Maar de ondernemers in de seksbranche vinden dat wij alleen maar bezig zijn met de bestrijding van criminaliteit die er volgens hen niet is. Maar met de informatie van het rapport van het Van Traa-team en van de politie moeten we helaas constateren dat er op flinke schaal sprake is van uitbuiting en vrouwenhandel.’

 

Toenmalig burgemeester Cohen verkondigde in een interview met het dagblad Trouw van 8 december 2008 dat onderwereldfiguren nog steeds de baas zijn op de Wallen. Er zou in het gebied sprake zijn van veel zwart geld en witwaspraktijken. Het in februari 1996 verschenen rapport van de parlementaire enquêtecommissie naar bijzondere opsporingsmethoden onder leiding van wijlen Maarten van Traa was volgens Cohen ‘een belangrijke aanleiding’ voor de huidige plannen om het aantal prostitutieramen en coffeeshops te halveren.

 

‘De gemeente roept nu al heel lang dat de maffia het hier voor het zeggen heeft, maar als je dan vraagt wie dat zijn, blijft het stil’, zegt Wallenondernemer Marcel Kaatee. ‘Ik ken niet één veroordeling wegens witwassen op de Wallen. Vorig jaar november oordeelde het Amsterdamse gerechtshof nog dat zij geen bewijs heeft gevonden dat tal van Wallenpanden met crimineel geld zouden zijn aangekocht. De boodschap van de gemeente dat de onderwereld hier de baas is, is pertinent onjuist, niet goed voor het ondernemersklimaat in de buurt en ook niet voor de positie van Amsterdam als toeristenstad.’

 

Criminaliteit

 

In een open brief van 16 juni 2009 aan het stadsdeel Centrum – mede ondertekend door de Wallenondernemers Jan Broers en Jan Otten – vraagt Kaatee waarom er geen gedegen onafhankelijk onderzoek plaatsvindt naar het bestaan van crimineel vastgoed op de Wallen. Op 5 maart 2010 antwoordt het stadsdeel dat zij daar geen aanleiding toe ziet:

 

’Strafrechtelijke en wetenschappelijke onderzoeken in het verleden en heden hebben voldoende aangetoond dat de georganiseerde criminaliteit nauw verweven is met het Wallengebied. In het voorjaar van 2011 zal daarnaast het eindrapport van het project Emergo verschijnen dat een actueel inzicht zal geven in de verwevenheid tussen onder- en bovenwereld in postcodegebied 1012.’ (Emergo is sinds 2007 het samenwerkingsverband tussen gemeente, belastingdienst, politie en Openbaar Ministerie dat zich ten doel stelt om in postcodegebied 1012 de georganiseerde misdaad te bestrijden - red.)

 

Kaatee: ‘Je gaat toch eerst onderzoeken of er iets mis is en daarna neem je zo nodig maatregelen. Maar hier worden eerst maatregelen genomen en achteraf wordt gekeken of er daadwerkelijk iets mis was. Dat lijkt me de verkeerde volgorde.’

 

Zelfreinigend

 

‘Vervolgonderzoek op het Van Traarapport heeft uitgewezen dat de prostitutie en de coffeeshops niet het probleem zijn’, laat Jan Broers weten, om eraan toe te voegen: ‘Maar wie moeten er nog meer weg? Wat is de volgende stap? Die panden staan allemaal op eigen grond en dat wordt straks erfpacht. Ik ga toch niet van eigen grond over op erfpacht? Niemand is tegen upgrading, maar je gaat toch niet de ondernemers hier kapot maken. Criminaliteit zit niet bij de ondernemers, maar op straat. Dat moet worden aangepakt.’

 

Projectmanager Van Rossum: ‘Ook tegen mensen die naar hun eigen idee goed handelen, kunnen we zeggen dat ze naar ons idee moeten sluiten, omdat we onvoldoende middelen hebben om de echte boeven er continu uit te halen. Als de ondernemers zeggen dat er niets mis is en wij tonen steeds aan dat dit wel het geval is, dan rest je uiteindelijk niets anders dan stevig overheidsingrijpen. Maar ik hoop wel dat er een moment komt waarop een deel van de ondernemers erkent dat er iets mis is en zelfreinigend gaat werken.’

 

Pand keldert in waarde

 

De gemeente Amsterdam tracht de prostitutiepanden in eerste instantie op minnelijke wijze te verwerven of te ruilen voor andere panden. Als dat mislukt, is onteigening de volgende mogelijkheid. Dan wordt de gemeente eigenaar en zal ze de marktprijs moeten betalen. En daar blijft het niet bij.

 

Voor de aangekochte panden betaalt de gemeente een zogenaamde planschade. Die ontstaat als een bordeel overgaat in een modeatelier of een groentewinkel. Als gevolg daarvan keldert de waarde van het pand enorm, omdat de exploitatieopbrengsten van een bordeel veel hoger zijn dan die van een modeatelier of een groentewinkel.

 

De gemeente verwacht dat dit in totaal 36 miljoen euro zal kosten, aldus Pierre van Rossum, manager van het Project 1012. Dat bedrag is deels al betaald en deels gereserveerd na goedkeuring door de gemeenteraad.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Vacatures

Van onze partners