of 59281 LinkedIn

Een leven lang leren

Officieel zijn de cijfers er nog niet, maar overduidelijk lijkt dat gemeentelijke werkgevers als gevolg van de crisis minder zijn gaan uitgeven aan de opleiding van hun personeel. En dat terwijl bijscholen harder nodig is dan ooit, zo blijkt uit de opleidingsspecial in dit nummer van Binnenlands Bestuur.

Een dezer weken komt het A+O fonds Gemeenten met de cijfers over het O&O-beleid van gemeenten. Tot die tijd blijft het officieel gissen wat de trend is.

 

Maar wie zijn oor te luister legt bij gemeenten, hoort niet anders dan dat de opleidingsbudgetten als gevolg van de bezuinigingen onder druk staan. Op verzoeken een cursus te mogen volgen, krijgen ambtenaren steeds vaker ‘nee’ te horen. Als ze er al om vragen, want door de (selectieve) vacaturestops komt veel van het zittend personeel om in het werk.

 

Dat gemeenten meer en meer de hand op de knip houden, valt indirect ook af te leiden uit de bewegingen in de wereld van de opleiders. Tot voor een paar jaar terug waren er nog drie grote opleidingsinstituten voor decentrale ambtenaren in ons land.

 

Sinds 1 januari heeft trainings- en adviesbureau Schouten & Nelissen met Fontys Hogescholen een akkoord bereikt over de overname van Fontys Bestuursacademie.

 

De Bestuursacademie Nederland maakte sinds oktober vorig jaar al deel uit van Schouten & Nelissen. Met de overname verstevigt Schouten & Nelissen haar positie binnen de Nederlandse overheid. Fontys Bestuursacademie, voorheen Bestuursacademie Zuid-Nederland, gaat voortaan verder onder de naam Bestuursacademie Nederland.

 

Het heeft er alle schijn van dat de moordende concurrentie in een krimpmarkt de twee grootste opleiders voor gemeenten, provincies en waterschappen in elkaars armen hebben gedreven.

 

De crisis heeft een eind gemaakt aan de tijd dat het niet uitmaakte welke cursus werd gevolgd en wat er aan werd gespendeerd. Eerdere onderzoeken van het A+O fonds wezen uit dat gemeenten amper zicht hadden op hun O&O-uitgaven. Die bleken nader beschouwd zelfs hoger dan geraamd. Eisen aan de opleidingen – en de cursisten – werden lang niet altijd gesteld. Dat wil zeggen, tot 2010.

 

Natuurlijk moet in tijden van afnemende financiële middelen extra op de centen worden gelet. In die zin is het alleen maar goed dat er door gemeenten, provincies en waterschappen meer wordt gekeken naar de noodzaak van opleidingen. Zoals het ook goed is dat er eisen worden gesteld aan de werknemers die op cursus gaan.

 

Maar er dient voor te worden gewaakt dat het populistische idee postvat dat elke euro die in opleidingen wordt gestoken, weggegooid geld is. Juist waar aan ambtenaren van de toekomst hogere en vooral ook andere eisen worden gesteld, is om- en bijscholing van het zittende bestand een vereiste. 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Mario Kruysse (consulent) op
Hoe spijtig te moeten constateren dat door externe druk door dwingende omstandigheden er bespaart en bezuinigd wordt op menselijk kapitaal. Social innovatie is juist waar werkgevers en organisaties baat bij immers levert dit 75% resultaat op t.o.v. innovaties op het gebied van technologie, hardware, processmanagement etc. Juist het investeren in het DNA van je organisatie, het beschikbare talent leidt tot grotere productiviteit en engagement!!!!
Door Jeroen Maas (directeur) op
Ik deel de zorg dat Gemeenten steeds terughoudender worden in het investeren in opleidingen. Dit geldt echter niet alleen voor de 'zittende' medewerkers, maar ook voor de toekomstige instroom. Gemeenten hebben een maatschappelijke verantwoordelijkheid, sterker nog, een voortrekkersrol, om jonge mensen kansen te bieden binnen hun eigen organisatie. Leren en werken bij de overheid is hiervoor een bewezen instrument. Trainnees op HBO niveau, maar ook de BeroepsBegeleidende Leerweg (BBL) op MBO niveau.

In de provincie Groningen is Gemeenschappelijke Opleidingsactiviteit (GOA) opgericht dat zich specifiek richt op de publieke sector. Onze missie is om extra leerbanen te creëren en zo jongeren de kans te bieden hun startkwalificatie te behalen. Aan de andere kant maken de publieke organisatie op deze wijze kennis met talentvolle jongeren die op termijn de vertrekkende medewerkers kunnen vervangen (denk aan de verzilvering, die met name de publieke sector zal treffen).
Op dit moment hebben al 67 van deze leerbanen kunnen creëren, waarbij jongeren in hun werk door de GOA Publiek worden begeleid. Ze zijn geplaatst bij ruim 15 publieke organisaties, waaronder de gemeenten Groningen, Veendam, Pekela, Haren, Delfzijl, Oldambt en Loppersum.

Een mooi resultaat waar we als regio trots op mogen zijn, maar toch horen we te vaak geluiden van gemeenten die deze investering niet aandurven door alle onzekerheid en (toekomstige) bezuinigingen. En dat is erg jammer, want ook deze gemeenten hebben op termijn weer nieuwe instroom nodig. Nu niet investeren is de ogen sluiten voor de toekomst.

Overigens hebben ook gemeenten uit andere provincies belangstelling getoond, dus wellicht kunnen we de kansen nog veel verder regionaal verbreden.
Voor wie meer wil weten verwijs ik graag naar www.goapubliek.nl
Door Léon Evers (dga) op
Uit financieel economische motieven is in de afgelopen 4-5 jaren een beweging op gang gekomen die in de onderbouwing van het argument dat alles nu eenmaal geld kost alles op argumentatie van bezuinigingsvisie goedspreekt. Mijn visie zelf is dat dit van politiek bestuurlijke ovetuiging uit het enige argument dat onderwijs nu eenmaal geld kost blijk geeft van het kortcyclische en kortetermijn denken. Als ondernemende interim lector van een private business school merk ik dat dit bezuinigingsdenken doorslaat in de kwaliteit die we vanuit het Lissabon Akkoord zullen missen. Korotm dadit ook een holle redenering is gebleken.
Als ondernemer weet ik dat kosten voor de baat uitgaan. Dat hoeft bij opleiding, vorming en training niet te stranden in verspilling of oppotting, zoals nu door meer verplichte transparantie in cijfers van bedrijfvoering zien. Nee, eerder is dat laatste een grote vooruitgang, maar deels ook door eenvoudige technologische ontwikkeling te verklaren en onder positieve politiek bestuurlijke druk mogelijk gemaakt.
Maar de kern van mijn betoog is dat collectieve middelen worden uitgegeven aan zaken waarvan burgers zich kunnen afvragen wat de recht- en doelmatigheid is (bv. de 190+ miljoen voor voorbereiding steden op de Olympische Spelen die wellicht niet gaan komen). Anderzijds wel zien dat onderwijsvoorzieningen, en dan met name de kwaliteit en inzet van docenten (want dat zijn in mijn ogen toch de professionals) fors achteruitgaat. Dit omdat onderwijs niet wordt gezien als belangrijkste investering naar de toekomst.
Binnen de lokale overheid is het gewoongoed dat investeren in opleiding en training niet meer interessant is. Cijfers laten interessant genoeg ook weer zien dat de gemiddelde leeftijd fors is gestegen en problmeen intern toenemen. De doorstroming van alle formatie zit muurvast door ambtelijke rechtspositie waardoor geen recruitment van potentials, terwijl de complexitiet van de vraag stijgt...
Gemeentelijke organisaties die middelgroot of kleiner zijn zien we worstelen met deze toenemende complexiteit en op een aantal terreienen zien we gelukkig de noodzakelijke samenwerkingsverbanden ontstaan. Veel te laat maar goed de beweging komt nu de urgentie hoog is, en hoger wordt.
Lang verhaal kort: investeringen in opeldieing, vorming en toekomst is noodzakelijk, meer creativiteit aan de kant van hoe te investeren is broodnodig, de manieren waarop zijn legio (zef veel ervaring mee!), en meer samenwerking door collectief in te kopen is moghelijk al leert mijn ervaring dat er een bijzonder collectief aan goede consultants, teachers, ondernemende coaches, tutors en lecturers, of interim docenten (what's in a name) rondlopen die low cost een bijzonder scala aan innovatieve opleidingen en inhoudelijk bijgewerkt instrumentarium hebben te bieden Opschaling van grote onderwijsinstituten leidt vaker ook tot afnemende kwaliteit (of ongeldige diploma's) op dezelfde financieel economische redenen zaoals hierboven aangegeven. Kortom, er is niets mis mee met die onderwijzende en vakinhoudelijk professionele zzp'er bij uw gemeente om de hoek. Laten we die eens collectief inzetten, tegen redelijke prijzen, dan zijn de collectieve kosten laag en hebben we toch een gemeentelijk opleidingniveau dat voldoet aan de eisen van nu en de toekomst.