of 59925 LinkedIn

Herwaardeer het raadslidmaatschap

Wim van Wegen 4 reacties

Nederland telt 8619 gemeenteraadsleden. Dit zijn de lokale volksvertegenwoordigers, die van de kiezers het mandaat hebben gekregen om vier jaar lang de gemeente in goede banen te leiden. Ze vormen hiermee het verlengstuk van de inwoners van hun gemeente. Een niet te onderschatten functie die veel verantwoordelijkheid met zich meebrengt.

Hoewel de gemeenteraad het hoogste bestuursorgaan is binnen een gemeente, is het daartoe doorgaans onvoldoende uitgerust – zeker als je het afzet tegen de middelen die wethouders tot hun beschikking hebben – met alle risico’s en onwenselijkheden van dien.

 

Bedenk allereerst dat het raadslidmaatschap een vrijetijdsbesteding is. Weliswaar eentje die behoorlijk uit de hand kan lopen, maar de meeste raadsleden hebben er een baan of zelfs een eigen bedrijf naast. Uit een onderzoek onder raadsleden in 2017 bleek dat het gemiddelde raadslid wekelijks 16 uur kwijt is aan het uitvoeren van het raadswerk. Stukken lezen, onderzoek doen, fractie-, commissie- en raadsvergaderingen voorbereiden en bijwonen, werkbezoeken, en dan zijn er nog geregeld themabijeenkomsten en andere extra ingelaste activiteiten.

 

Logisch dat de gemeenteraad door een griffie wordt ondersteund om zijn werkzaamheden zo goed mogelijk te kunnen uitvoeren. Het takenpakket dat bij een raadslidmaatschap komt kijken is immers omvangrijk. De griffier is samen met het andere griffiepersoneel in dienst van de gemeenteraad. De omvang van de griffie hangt van de grootte van de gemeente af, maar de gemiddelde bezetting per griffie bestaat volgens Binnenlands Bestuur uit minder dan 3 fte. Een middelgrote gemeente als Soest telt 29 raadsleden, hier staat een griffie tegenover die drie medewerkers telt.

 

Een drietal ambtenaren ondersteunen de raad dus bij met name hun kaderstellende en controlerende werkzaamheden, twee van de rollen van een raadslid. De derde is de volksvertegenwoordigende rol en staat wat meer op afstand van de griffie. De ondersteuning steekt nogal magertjes af in vergelijking met de ambtelijke hulptroepen die burgemeesters en wethouders ten dienste staan. Deze disbalans zorgt ervoor dat het college van B & W makkelijk een grote kennisvoorsprong op allerlei terreinen kan pakken. De raad moet vaak alle zeilen bijzetten om het dagelijkse bestuur van hun gemeente een beetje te kunnen bijbenen.

 

Doordat burgemeester en wethouders in tegenstelling tot de raad wél fulltime hun vak kunnen uitoefenen en daarbij ook nog eens een veel omvangrijkere staf tot hun beschikking hebben is het voor de raad – zeker bij complexere materie – een hele kluif om zijn taken voldoende te kunnen invullen. Helemaal bij de wat kleinere fracties is het ondoenlijk om op alle beleidsterreinen het gewenste kennisniveau te hebben. Dit doet afbreuk aan de wijze waarop de controlerende en kaderstellende rollen worden uitgevoerd, met als ongezond neveneffect dat de raad de teugels noodgedwongen moet laten vieren. Het gevolg is dat het college hierdoor onbedoeld meer de ruimte krijgt om op dossiers een eigen koers te varen, ook al wijkt deze af van het door de raad uitgezette traject. Vlak de rol van de ambtelijke top daarbij niet uit, want ook deze fulltimers – en veelal opgeleide specialisten – weten wel raad met de hen geboden speelruimte. Kent de gemeente ook nog eens een monistische bestuurscultuur, dan wordt de lokale democratie nog verder uitgehold.

 

Als de gemeenteraad meer de waardering krijgt die het als hoogste bestuurlijke orgaan binnen een gemeente verdient, is dat goed voor de vruchtbaarheid van de lokale democratie. Hoe dat precies vormgegeven moet worden is de vervolgvraag. Twee scenario’s die hier wellicht de sleutel in kunnen zijn: maak van het raadslidmaatschap een fulltime betrekking, of rust de gemeenteraad uit met een grotere staf die hen in staat stelt in een (enigszins) gelijk speelveld met burgemeester en wethouders te opereren. Of doe allebei. We kunnen de situatie ook laten zoals het is, maar dan leggen we ons erbij neer dat de gemeentelijke democratie wankel en kwetsbaar is en lang niet overal even goed zal functioneren. En daarmee doen we de kiezer die iedere vier jaar trouw zijn stem uitbrengt in de veronderstelling erop te kunnen rekenen dat hij goed vertegenwoordigd zal worden door de kandidaat of partij van zijn keuze schromelijk tekort.

 

Wim van Wegen is fractievoorzitter van D66 in de gemeente Noordoostpolder

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Rien van Vliet (Griffier ) op
In het artikel wordt gerefereerd aan Soest als gemiddelde gemeente. Voor een duidelijk beeld: de griffie heeft drie medewerkers, dat klopt, maar het aantal fte is 2,1.
Door Ewout op
Ik denk dat fractievoorzitter de cursus 'Realiteitsbesef' nog niet heeft gehad. Sorry Wim dat ik oude koeien uit de sloot haal maar oprichtingsdatum Vereniging fractieondersteuning D66 Noordoostpolder komt uit dezelfde periode en ik vermoed dat je opinie grotendeels voortkomt uit de al dan niet vernietigende conclusies in RKC rapport over het lokale bestuur passend organiseren. Want de verordening op de ambtelijke bijstand en fractieondersteuning van de gemeente Noordoostpolder laat zien dat de raad, net als het college, ook een beroep kan doen op de ambtelijke organisatie ter ondersteuning van haar controlerende- en kaderstellende taken. En de éénmansfractie van D66 kan zich laten bijstaan door maximaal 2 duo raadsleden in commissievergaderingen om de werklast te verdelen. Ik zet daarom dus vraagtekens bij deze opinie omdat geld zonder een kaderstellend doel geen oplossing is.
Door Hans op
Waardering - en gezag - moet je verdienen door je stinkende best te doen; andere wegen zijn er niet.
Door Criticus op
Ik dacht dat raadsleden volksvertegenwoordiger waren en in die hoedanigheid cq rol, een controlerende en kaderstellende taak hadden. Maar blijkbaar is het zo dat als de gemeenteraad kaders vaststelt, ze geen volksvertegenwoordiger zijn. Wat zijn ze op dat moment dan wel?