of 60715 LinkedIn

Discussie over gemeentelijke fusies: lokaal bestuur verdient beter

Heerd Jan Hoogeveen 1 reactie

De discussie over gemeentelijke fusies is naar aanleiding van het regeerakkoord op alle fronten losgebarsten. Het zou geen kwaad kunnen als de deelnemers aan die discussie enige verdieping in de discussie aanbrengen, in ieder geval op drie onderdelen.

Ten eerste is het onzinnig om inwonertal als criterium te nemen. Eerder dit jaar presenteerde ik samen met mijn collega D66-raadsleden in Montfoort, Oudewater en Woerden een pleidooi voor een volwaardige herindeling van onze gemeenten, bij voorkeur aangevuld met een tweetal omliggende gemeenten. Dat was niet omdat we denken dat ieder van onze gemeenten te weinig inwoners heeft, of dat schaalvergroting per definitie beter is. Het was ook niet omdat we denken dat onze gemeenten de decentralisaties vanuit het Rijk niet zouden aankunnen. Het was en is wel ons antwoord op de vraag: hoe moet je je als gemeentelijke overheid organiseren om je inwoners het beste bestuur te bieden?

 

Onze conclusie was dat onze gemeenten zoveel gemeenschappelijk hebben, dat we onze inwoners beter kunnen bedienen als we samen zouden gaan. Wij schreven: “De geografische grenzen van de gemeente worden bepaald door inhoudelijke overeenkomsten en gedeelde uitdagingen.” Bestuurskracht is namelijk iets anders dan 'voldoende inwoners hebben'. In 2007 heeft wetenschappelijk onderzoek (Korstens e.a.) dat al aangetoond. De focus op inwonertal maakt misschien de discussie eenvoudig, maar leidt af van die centrale vraag naar bestuurskracht. Bijvoorbeeld: bij een fusie van Woerden met buurgemeente Utrecht zou Woerden tot een 100.000+ gemeente gaan behoren. En daarmee zou alles in orde zijn? Nee hoor. Want terwijl in Woerden de centrale vraag is hoe we bedrijvigheid combineren met de bescherming van het Groene Hart, is die afweging tussen natuur en economie voor een grote stad als Utrecht in veel mindere mate in beeld. Waarmee ik maar wil zeggen: de beleidsmatige issues zijn te verschillend om een fusie succesvol te laten zijn.

 

Ten tweede wordt in de lopende discussie over gemeentelijke fusies voorbijgegaan aan de positie van de inwoners. Gemeentelijke fusies kunnen nooit succesvol zijn als inwoners zelf niet overtuigd kunnen worden dat zij in een gefuseerde gemeente beter af zijn. Met een ongefundeerd argument als inwonertal zal dat ook nooit gebeuren. Meer aandacht voor de wensen en de positie van de inwoners zou de discussie daarom zinvoller maken en effectiever. Inwoners zijn echt te overtuigen, als de argumenten maar goed zijn.

 

Ten derde moet worden vastgesteld dat mensen op zoek gaan naar de organisatievorm die het dichtst bij ze staat. Als die er niet is, organiseren ze dat zelf. Daar ontstaan de dorpsplatforms, de wijkraden en de dorpsoverleggen. Die tendens zal sterker worden naarmate gemeenten groter worden en minder gemeenschappelijk hebben. Deze organisatievormen hebben in ieder geval een ding gemeen: een gebrek aan democratische legitimatie. Waar de wens is om de ondemocratische gemeenschappelijke regelingen aan de bovenkant weg te fuseren, krijgen we de ondemocratische wijkorganisaties ervoor terug. Dit is een belangrijk effect van schaalvergroting dat ten onrechte wordt weggemoffeld in de huidige discussie over 100.000+-gemeenten.

  

Gemeentelijke fusies zijn niet per definitie slecht, net zo min als dat een gemeentelijke fusie per definitie goed is. De discussie erover heeft minder dogma’s en meer diepgang nodig om tot goede uitkomsten te kunnen leiden. De politicus die hart heeft voor effectief bestuur en die draagvlak voor zijn beleid serieus neemt, zal daarom net even meer zijn best moeten doen. Het lokaal bestuur verdient dat.

 

Heerd Jan Hoogeveen

Fractievoorzitter D66 Woerden

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Frank van den Hoven (redacteur) op
Nuances i.p.v. dogma's kunnen inderdaad belangrijk zijn in deze debatten. Jullie hebben dus geconcludeerd dat deze gemeenten veel gemeenschappelijk hebben en hun taken beter als één groter geheel kunnen uitvoeren. Dat de gemeenten op zich niet te klein zijn om de decentralisaties aan te kunnen. Maar omwille van het beste bestuur / dienstverlening.

Dat is wel opmerkelijk. Immers een veel gehoord argument bij gemeentefusies is dat men bang is dat de figuurlijke afstand tot de burger wordt vergroot, wat je zou kunnen vertalen als slechtere dienstverlening. Terwijl jullie juist een betere dienstverlening verwachten. Wat zou men in jullie geval dan kennelijk beoogd beter gaan doen waar men elders zo bang voor is dat het achteruit zou gaan? Een inhoudelijk argument daarvoor lees ik in het artikel niet. Terwijl dat nu net zo nuttig zou zijn ook voor gemeenten elders in den lande waar dit speelt. Wellicht kunnen zij jullie filosofie ook toepassen in hun situatie.