of 59318 LinkedIn

Noodzaak nieuwe balans na privatisering

Reageer

Het kabinet werkt aan de eerste begroting. De vraag is of recente uitspraken van bewindslieden over “minder rendementsdenken in het onderwijs” en “meer investeringen in de publieke sector’’, in het beleid en in de cijfers zullen neerdalen.

Tijd voor reparatie gevolgen marktwerking

Begin jaren 80 van de vorige eeuw waaiden privatisering en marktwerking over vanuit Engeland toen Thatcher het bewind voerde. Privatisering kwam in ons land voor het eerst op de agenda van de ministerraad met het rapport van de Commissie Hoofdstructuur Rijksdienst (Commissie Vonhoff). Het belangrijkste doel was bezuinigen bij de overheid. In concurrentie zouden de activiteiten door de markt goedkoper worden uitgevoerd. Tevens moest de bureaucratie worden tegen gegaan en diende privatisering bij te dragen aan economisch herstel en aan bevordering van innovatie. De overheid privatiseerde in snel tempo slachthuizen, accountantsdiensten, kantinediensten etc.

Bij de publieke taken lukte privatisering niet en de uitvoering van deze taken kwamen via externe verzelfstandiging terecht tussen overheid en markt. Twee varianten van privatisering ontstonden. In de eerste variant was er sprake van afstoten. In de tweede variant behield de overheid invloed en kwam het neer op externe verzelfstandiging. Op de kortere termijn reduceerde privatisering het overheidspersoneel hetgeen tot bezuinigingen leidde en vond op specifieke markten innovatie plaats, zoals bij voorbeeld bij de telefonie.

De professional verloor daarentegen status en werd aan het tijdschrijven gezet. Het faciliterende management werd uitgevonden en raakte in schwung. Er ontstonden problemen bij de uitvoering van taken in de publieke dienstverlening. Anglo-saksische concepten en dito jargon deden hun intrede in overheidsorganisaties. Ondertussen verdwenen vertrouwde gezichten om ons heen; de postbode, de verpleegkundige. Het fenomeen nul-uren contract deed zijn intrede en zorgde voor inkomensonzekerheid voor velen. De maatschappelijke vertaling van privatisering en marktwerking werden individualisering en zelfredzaamheid. De relatie tussen overheid en burger, burgers onderling en professionals en burgers veranderde drastisch.

Het is de vraag hoe na privatisering en marktwerking een nieuw maatschappelijk evenwicht kan worden gevonden waarin sociale binding en inclusiviteit centraal staan? In elk geval is een sterke rechtstaat nodig waarin vrijheid, rechtszekerheid en rechts gelijkheid kunnen worden ervaren door burgers. Een vitale rol is weg gelegd voor de rechtspraak, de democratie en de wetgeving. Burgers dienen actief hun burgerschap in te vullen. Bedrijven realiseren zich steeds meer dat maatschappelijke betrokkenheid er toe doet en vullen maatschappelijk verantwoord ondernemen concreet in.

Het nodige gebeurd al en een maatschappelijk evenwicht is er nog niet. Na privatisering en marktwerking is verder herstel noodzakelijk om te komen tot een samenleving waarin sociale binding en inclusiviteit worden ervaren. Op het kabinet rust de verantwoordelijkheid om het voortouw te nemen op weg naar dit maatschappelijk evenwicht. Het privatiserings- en marktwerkingsbeleid dient om te beginnen te worden herzien. Het is belangrijk dat het kabinet daarnaast spreekwoordelijk gezegd his money puts where his mouth is. In het beleid en in de cijfers moeten investeringen zichtbaar te worden die de rechtstaat en het actief burgerschap versterken. Bedrijven dienen te worden gestimuleerd om meer maatschappelijk te gaan ondernemen.

Dr. Joyce Sylvester Promoveerde op een proefschrift over privatisering. Deze opinie is geschreven op persoonlijke titel.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.