of 64621 LinkedIn

No cure no pay bij woz is verdienmodel

Er is voor no cure no pay-bedrijven een financiële prikkel om zoveel mogelijk bezwaar aan te tekenen tegen woz-beschikkingen, ook als die weinig kans van slagen hebben. Uit een rapport van onderzoeksinstituut Coelo blijkt dat er sprake is van een interessant verdienmodel voor commerciële bedrijven.

Er is voor no cure, no pay-bedrijven een financiële prikkel om zoveel mogelijk bezwaar aan te tekenen tegen woz-beschikkingen, ook als die weinig kans van slagen hebben. Uit een rapport van onderzoeksinstituut Coelo blijkt dat er sprake is van een interessant verdienmodel voor commerciële bedrijven.

Coelo heeft in opdracht van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) onderzoek gedaan naar de kostenvergoeding die bedrijven ontvangen als zij namens belanghebbenden bezwaar maken tegen de woz-waarde.

 

Winstgevend

Uit het onderzoek blijkt dat de huidige vergoedingsstructuur winstgevend is voor een bedrijf om ook bezwaar aan te tekenen, ook als de kans op succes gering is. Dat komt onder meer omdat de vergoeding niet meer aansluit bij de kosten van die bedrijven: bezwaren kunnen in veel grotere mate geautomatiseerd worden ingediend dan toen vergoedingsregeling van kracht werd (1995) en hoorzittingen kosten weinig tijd – gemiddeld nog geen vijf minuten per object. Om de proceskostenvergoeding te krijgen is het alleen nodig om te verschijnen op de hoorzitting, een inhoudelijke inbreng is niet vereist. ‘Een bedrijf kan in 2021 in de bezwaarfase 636 euro vergoeding krijgen,’ aldus de onderzoekers. ‘Voor het indienen van een bezwaar voor een woning (265 euro), het bijwonen van een hoorzitting (265 euro) en het laten opstellen van een taxatie op basis van een uitpandige taxatie (106 euro).’

 

Perverse prikkels

Deze vergoedingen worden enkel verstrekt bij de inhuur van derden, inwoners kunnen daar zelf geen aanspraak op maken. De VNG wil af van die ‘perverse prikkels’. Gemeenten betalen een steeds hoger bedrag aan kostenvergoedingen. Ook leggen de bezwaren die worden ingediend door bedrijven een steeds groter beslag op de uitvoeringscapaciteit bij gemeenten. Door het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) is daar onderzoek naar gedaan, maar dat onderzoeksrapport van februari 2021 beantwoordde een van de hoofdvragen niet: wat is de verhouding tussen de hoogte van de vergoedingen voor verschillende proceshandelingen en de werkelijke kosten die met die proceshandelingen zijn gemoeid? De VNG liet daarom Coelo onderzoek doen naar de achterliggende vraag of het huidige vergoedingssysteem bedrijven prikkelt om (te) veel bezwaren in te dienen, en dus aanpassing behoeft.

 

17 miljoen

De uitkomst van het rapport bevestigt volgens de koepelorganisatie de geconstateerde problemen van gemeenten. Die willen, met behoud van rechtsbescherming van huiseigenaren, een oplossing vinden voor ‘de onnodige kostenpost en uitvoeringsproblemen veroorzaakt door no cure no pay-bedrijven.’ Het grootste probleem is volgens de onderzoekers niet zozeer het bedrag dat wordt uitgekeerd als kostenvergoeding. In 2020 is dat naar schatting 17 miljoen euro. De ozb-opbrengst is daar een veelvoud van (4,3 miljard in 2020). ‘Een groter probleem is dat het grote aantal bezwaren een groot beslag legt op de afdelingen binnen gemeenten die de Wet woz uitvoeren.’

 

Brancheorganisatie

Omdat een toenemend aantal gemeenten zich verzet tegen de handelwijze van Woz-bureaus hebben die zich inmiddels georganiseerd in een brancheorganisatie. Niet alleen om sterker te staan tegen de overheid, maar ook omwille van de rechtsbescherming van de burger.

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Jan op
Eens met Spijker. Andere oplossing: OZB gaan heffen per m2 begaanbaar oppervlak van een pand plus een bedrag per m2 tuin. Dus de oppervlaktegrondslag in plaats van de waardegrondslag. Veel objectiever en veel minder vatbaar voor bezwaar. Geen dure taxateurs meer nodig. Elke gemeenteraad kan een eigen tarief daarop loslaten.
Door Spijker (n.v.t.) op
Wat te denken van de volgende suggesties:
1. afschaffen huurwaardeforfait en renteaftrek (met overgangsmaatregel via versneld afbouwen).
2. afschaffen WOZ/OZB heffing.
Deze belasting voor publieke diensten vervangen door een bedrag per inwoner. Voor bedrijven is een ander model te bedenken (bijv. afhankelijk van omzet en/of personeel). Huurders worden gecompenseerd via huurprijsverlaging.
Voordeel: bevordert efficiënter werken en levert veel arbeidsuren op wat elders inzetbaar is. Veel onnodige bureaucratie en verdienmodellen verdwijnen.
Door Jan Burger (Burger) op
Bij de overheid in dienst zijn met een dik salaris zonder enige prestatiedrang, dat is pas een verdienmodel...
De WOZ-ambtenaar strijkt maandelijks een veelvoud aan procespunten op, ook als hij de zaak niet wint.
Door Gijs Groen (WOZmoetBETER) op

Ik ben het ook eens met de nieuwe bijdrage van Guillot.
Onthutsend zijn zijn ervaringen. Geen uitzondering vrees ik. Ik ken er ook wel een paar, maar niet zo erg. Niet voor niets zijn enkele NCNP-bedrijven opgericht door voormalige lokale belastingmedewerkers. Zij kennen het functioneren van binnenuit en doen daar nu hun voordeel mee met hun bedrijven. Uiteraard heel vervelend voor gemeenten. Die NCNP-bedrijven moeten dus koste wat kost de nek om gedraaid worden.
Ik heb zelf mijn werkzame tijd voor een groot deel in de research van het bedrijfsleven doorgebracht. Ik ben opgeleid om meetgegevens zo goed mogelijk te begrijpen en om te zetten in een model om zo efficiënt mogelijk te produceren in concurrentie met andere bedrijven. Ik gebruikte zowel fysische als statistische modellen. Fysische computermodellen was mijn vak en schreef ik zelf. Statistische modellen werden geschreven door wiskundige ingenieurs. Fouten konden we ons niet veroorloven. Die werden wel gemaakt, maar ook meteen hersteld. Fouten van de computer worden alleen door ambtenaren bedacht. Ik dacht met mijn kennis een bijdrage te kunnen leveren aan een betere kwaliteit van taxaties. Daar wordt bepaald geen prijs op gesteld.

Ook koopsommen zijn meetgegevens. Ze vormen een steekproef van een bepaald marktsegment in een bepaalde tijdsperiode. Een koopsom gedraagt zich min of meer als andere fluctuerende marktprijzen. De wetenschap, die dat onderzoekt en beschrijft is de econometrie. Ook het schatten van het gedrag van koopsommen hoort daarom tot het terrein van de econometristen. Terecht vroeg de gemeente Amsterdam begin jaren negentig de econometrist Marc Francke een model te maken om de woningen in Amsterdam te waarderen. Dat werd OrtaX, dat nu door een groot aantal gemeenten wordt gebruikt voor WOZ-taxaties. Terecht gingen ook studenten van de TU Delft in de jaren 90 aan de slag om statistische modellen te maken. Dat werden Calcasa en Momentum Technologies, gebruikt door banken om woningtaxaties te controleren.
Makelaars doen traditioneel ook woningtaxaties. Niet bepaald nauwkeurig en ook fraudegevoelig. Weinig problemen zolang dat is om een vraagprijs neer te zetten of om een hypotheek te krijgen. Het werd een ander verhaal toen taxaties de basis werden voor het betalen van belastingen. De traditionele softwareleveranciers van gemeenten bedachten het systeem van de peilpunten en referentiestelsels. Een systeem, dat geen rekening houdt met het stochastische karakter van de koopsom. Waarschuwingen daartegen werden door de wetgever in de wind geslagen.

Traditioneel taxeren is inderdaad geen exacte wetenschap. De onbekende heffingsambtenaar merkt terecht op, dat als je drie taxateurs je huis laat waarderen, dat je dan 3 verschillende waardes krijgt. Een stochastische grootheid dus. Dat vind ik ook. Maar de onbekende heffingsambtenaar heeft mijn reactie dan ook niet goed gelezen. Ik heb gezegd, "Het huidige taxeren, gedoceerd met het systeem van de NRVT is inderdaad geen exacte wetenschap, maar dat wil niet zeggen, dat het niet met een exacte wetenschap zou kunnen." Dat het wel kan met exacte wetenschap is bewezen door Marc Francke met zijn OrtaX en ook door die Delftse studenten. Ook Drechtsteden gebruikt een statistische methode.

Bij de onbekende heffingsambtenaar is er een misvatting over wat exact taxeren is. Daarmee wordt bedoeld, dat een exacte methode wordt gebruikte om een waarde te bepalen. Die methode geeft een exacte, reproduceerbare en uitlegbare uitkomst. Maar zoals bij iedere steekproef is die uitkomst slechts een schatting van de uitkomst, de juiste waarde, als alle woningen in het betreffende marktsegment verkocht zouden zijn. Afhankelijk van de grootte van de steekproef kan een statistische methode met een bepaalde waarschijnlijkheid ook exact aangeven binnen welke grenzen de exact geschatte waarde van de juiste waarde afligt, ook wel het betrouwbaarheidsinterval van de schatting genoemd. De onbekende heffingsambtenaar begrijpt de begrippen exacte waarde, taxeren met een exacte methode niet goed. En dat is toch jammer voor een heffingsambtenaar, die over WOZ-waarden gaat.

Guillot maakte al terecht opmerkingen over de volgende opmerking van de onbekende heffingsambtenaar: ”Ik kan uit persoonlijke ervaring vertellen dat mijn gemeente inmiddels de WOZ-waarde bewust te laag vaststelt in de hoop dat er minder bezwaar gemaakt wordt (ja, wij willen ook graag alleen maar blije burgers aan de telefoon). Waar de markt met 10 tot 15% stijgt, stijgt de gemiddelde WOZ-waarde bij ons met ongeveer 5%. Woningen die (nagenoeg) op de waardepeildatum verkocht zijn voor 500.000,- waarderen we op 480.000 - 485.000, (..) ”. Deze praktijk gaat regelrecht in tegen de doelstellingen van de wet WOZ. Ik kan mij ook nog herinneren, dat dit een veel toegepaste praktijk was in de periode van voor de wet WOZ. De wet WOZ zou aan die praktijken een einde maken. De Waarderingskamer zou daar op letten. Op het taxatieverslag van vrijwel iedere gemeente staat: "De WOZ-waarde is net als iedere taxatie een zo goed mogelijk inschatting van de marktwaarde op een waardepeildatum." In de gemeente van de onbekende heffingsambtenaar is dat gewoon een regelrechte leugen. De Waarderingskamer zou deze gemeente geen toestemming moeten geven de beschikkingen de deur uit te sturen voordat dit euvel verholpen is.

De heffingsambtenaar houdt zich begrijpelijk onbekend. Mijn naam is echt. Ik procedeer veel tegen de WOZ als burger zonder procesvergoeding, maar wel af en toe een dwangsom en immateriële schadevergoeding.

Door Spijker (n.v.t.) op
De slager heeft zijn eigen vlees gekeurd met kennelijk een duidelijke opdracht aan Coelo over de uitkomst. De ervaring leert dat WOZ-bemiddelingsbedrijven met hun expertise wel degelijk af en toe nodig zijn om voldoende tegenwicht te bieden tegen soms zeer subjectief tot stand gekomen taxaties. Dat daar een navenant redelijke vergoeding tegenover behoort te staan is evident. De dossiers waarin zij soms moeten opereren zijn meestal niet de eenvoudigste. Sommigen denken dat het om tientjes gaat, maar als het om Box 3 onroerend goed gaat is het structureel andere koek.
Door Onbekende heffingsambtenaar op
@Guillot: ik vind het erg vervelend om te horen dat jij zo'n nare ervaringen hebt op het werk. Gelukkig ziet mijn dagelijkse praktijk er heel anders uit. Ik vraag me af hoe lang geleden jouw indrukwekkende verhaal plaatsvond, want dit is een houding die ik gelukkig absoluut niet herken in de afgelopen 10 jaar.

Verder is begrijpend lezen ook een vak, ik denk dat je mijn (positieve) ervaring verkeerd interpreteert danwel uit context haalt. Mijn punt is juist dat wij als gemeente er alles aan doen om goede, integere dienstverlening te leveren aan onze inwoners. Ons motto daarbij is liever in 1 keer goed, dan 3 keer half. Door tijd te maken voor de inwoner, open en transparant de WOZ-waarde uit te leggen en vooral toe te geven wanneer we er naast zitten streven we naar zo veel mogelijk tevreden inwoners. Ze mogen het dan niet altijd eens zijn met ons oordeel, maar wij doen vooral onze best om iedereen rechtvaardig te behandelen en het gevoel te geven dat ze serieus genomen worden. Integriteit en dienstverlening staan voorop, niet die paar euro OZB meer of minder.

Dat jij een dergelijke boodschap af doet als cynisme en wat er mis is met de overheid begrijp ik werkelijk niet. Waarschijnlijk hebben de negatieve ervaringen die jij met ons deelt je erg gekwetst. Ik hoop dat je inmiddels meer (werk)geluk hebt gevonden, of iemand om mee te praten.
Door anand (adviseur) op
ik ken niemand die zijn of haar woning voor de WOZ waarde wil verkopen.
Prachtig verdienmodel en verder de waanzin ten top.
Door Guillot (Adviseur) op
De Onbekende Heffingsambtenaar geeft precies aan wat er mis is met de overheid: “Het kost mij persoonlijk geen cent, in het grotere plaatje van de gemeentefinanciën gaat het nergens over en ik maak een burger blij. We zorgen er zelfs voor dat de komende waarderingen niet weer te hoog uitvallen”.

De onbekende Heffingsambtenaar geeft de heersende deontologie van zijn vak gebied weer: ”Ik kan uit persoonlijke ervaring vertellen dat mijn gemeente inmiddels de WOZ-waarde bewust te laag vaststelt in de hoop dat er minder bezwaar gemaakt wordt (ja, wij willen ook graag alleen maar blije burgers aan de telefoon). Waar de markt met 10 tot 15% stijgt, stijgt de gemiddelde WOZ-waarde bij ons met ongeveer 5%. Woningen die (nagenoeg) op de waardepeildatum verkocht zijn voor 500.000,- waarderen we op 480.000 - 485.000, (..) ”Dit laat dus zien dat de Waarderingsinstructie misbruikt wordt.

Dit cynisme dat zo kenmerkend is onder de WOZ-uitvoeringspraktijk en dat zo schaamteloos neergezet wordt, leidt tot wrijving bij burgers. De praktijk kennende was het ‘bon-ton’ om over burgers te spreken als zeikers, dwazen etc. daarbij werd een leugen ook niet geschuwd. Eens werkzaam bij een gemeente kon ik het heel goed vinden met de sectordirecteur, de baas van mijn baas zijn baas. In het rookhok beklaagde ik mij wel eens over de houding van bepaalde taxateurs. Volgens de sectordirecteur viel dat allemaal reuze mee.

Op een dag begin december stond hij briesend in kamer. Op mijn schrijftafel twee WOZ-beschikkingen met de daarbij behorende taxatieverslagen. Na verloop van tijd was hij uitgetierd. Nog buiten adem zakte hij in een stoel, krijsend: Wat ga jij er aan doen? Ik vertelde hem dat ik daar eens goed over na ging denken. Stampend marcheerde hij mijn kamer uit.

In de loop van de middag ging ik bij hem langs. Ik legde hem uit dat hij de ‘mystery guest’ zou zijn aan de hand van wie we de dienstverlening eens gingen toetsen. Hij zou de normale gang gewoon gaan doorlopen, zoals iedere burger, dan kon hij een kennis maken hoe zijn ambtenaren het concept dienstverlening invulden.

Twee weken later stond hij weer in mijn kamer, dit maal met 3 aanslagbiljetten. Hij keek niet veel vrolijker.

Gezamenlijk stelden we de bezwaarschriften op, er werd expliciet gevraagd om een inpandige opname en hij wilde worden gehoord. Die inpandige opname was te rechtvaardigen want hij was er tussentijdskomen wonen er was behoorlijk wat onderhoud gedaan. De bezwaar-afhandeling duurde een jaar, in maart van dat jaar had hij het 4-de aanslagbiljet, gebaseerd op de zijn inziens onjuiste waarde.

Het bezwaarschrift werd geheel buiten mij om afgedaan. Witheet stond hij in mijn kantoor: “Er staat dat de ze langs zijn geweest voor een inpandige opname, maar ik heb ze nooit gezien en over dat horen staat ook niets.” Ik kon slechts toevoegen, ‘ja zo gaat dat in de praktijk, het valt allemaal reuze mee’. Er werd een beroepschrift op gesteld. Nu viel het zaakje in mijn bakje.

Ik ging eens telefonisch buurten, op de speaker, met de sectordirecteur er bij. Ik kreeg de taxateur eerst aan de lijn. Die was nogal kort van stof, hij was er geweest, de waarde was prima en die meneer had hij uitvoerig te woord gestaan. Ik herhaalde het adres en het huisnummer. Ja, hij had geen tijd voor dit gezeur.

Mijn volgende belletje ging naar de WOZ-coördinator. Ik melde hem kort het beroepschrift, bij de coördinator ging het van dik hout zaagt met planken: die man moest maar eens ophouden met zeuren.

Ik sprak af om het dossier even op te halen. Langzaam bereikte de sector directeur zijn kookpunt. Ik sprak met hem af dat die middag de laatste akte in dit drama zou zijn om 15:00 uur.

Op de afgesproken tijd schoof ik binnen op zijn kamer, mobiel belde de coördinator of hij langs kom komen met desbetreffende taxateur in verband met dat beroepschrift.

Mij werd verstaan gegeven dat de heren het druk genoeg hadden en dat het dossier duidelijk was. 30 seconden later werd de coördinator opgebeld door de sectordirecteur of hij even langs wilde komen en desbetreffende taxateur. Het was juli en bloedheet, maar die dag waren er twee die zwarte sneeuw zagen.

Maar de oplossing was snel gevonden: Ik was een NSB-er, ging het rond, want zoiets doe je niet met je collega’s.

Uit verslagen heb ik mogen lezen dat er geen achterstanden waren. Een handhavingsverzoek van mij bleek nooit ingediend. Een klacht bij de ombuds-cie daarover werd geheel in lijn met wat de behandelend ambtenaar stelde afgedaan. Een gesprek met de CdK dreigde ook op niets uit te lopen. Totdat ik het dossier op tafel legde en de ontvangstbevestiging er uithaalde en toonde.

Bij lokale overheden heb ik pleidooien aan mogen horen over INTEGRITEIT. Ik heb de gelofte moeten afleggen. Binnen 14 dagen kreeg ik een telefoontje van een wethouder of ik even de vordering die de gemeente had op Rochdale van € 750.000 kon afschrijven. Het was immers een partner waar ‘we’ de stad mee ontwikkelden. Vragend naar de reden: ‘Omdat ik dat zeg’. Schertsend zei dat ik daar een mooie Maserati voor kon kopen, en dat dat dus niet van plan was. en dat hij maar partners moest zoeken die hun rekeningen betaalden. Witheet was die wethouder.

Je zou er om moeten lachen. Ik kan het echter niet omdat de overheid in zulk een machtspositie zit dat de burger klem zit.

Het trieste is dat de bestuursrechter blijk geeft van een zelfde rotte mentaliteit. Een rechter was hoogste verbaasd dat ik het in mijn hoofd haalde om te zeggen dat de iinvorderingsbevoegdheden in het kader van de gemeentelijke parkeer belasting niet gebruikt mochten worden als stok achter de deur om voor het waterschap een parkeerretributie in te vorderen. Dat die overeenkomst die de grondslag vormde niet bij de stukken zat was voor deze rechter geen enkel probleem. Waar zeurde ik eigenlijk over, overheden moesten elkaar helpen, dat was de nieuwe bestuurscultuur.

Het HOF redresseerde deze zaak met een meervoudige kamer: MISBRUIK VAN BEVOEGDHEID in een belastingzaak. Het was nog nooit gebeurd.




Door Onbekende heffingsambtenaar op
Wat vaak vergeten wordt is dat het de gemeente(ambtenaar) niet uitmaakt hoe hoog een WOZ-waarde is, het OZB-tarief bepaald immers de inkomsten. Als de WOZ-waardes stijgen, daalt het tarief en vice versa. Als een woning te hoog gewaardeerd is, verlaag ik de WOZ-waarde met alle liefde en plezier. Het kost mij persoonlijk geen cent, in het grotere plaatje van de gemeentefinanciën gaat het nergens over en ik maak een burger blij. We zorgen er zelfs voor dat de komende waarderingen niet weer te hoog uitvallen. Verder vind ik het zeer belangrijk om een WOZ-waarde eerlijk en transparant toe te lichten/uit te leggen, wij nemen uitgebreid de tijd om onze inwoners alles te vertellen wat we weten. Helaas kan dat niet als er een bureau tussen zit. Het is mijn ervaring dat de inwoner vaak niet eens de uitspraak te zien krijgt, maar een (gekleurde) terugkoppeling van het betreffende bureau (of helemaal niets). Door het ontbreken van een dialoog en het onterechte beeld dat "de gemeente" je probeert te flessen is er veel te veel onbegrip over de WOZ. Ik zeg niet dat alle gemeenten het goed doen, maar naar mijn mening (als gemeenteambtenaar) wordt er veel te negatief gedaan over de ambtenaren die de WOZ uitvoeren. Wij hebben geen enkel belang, behalve dat we ons werk op een goede en prettige manier willen doen. “Burgertje pesten” zie ik absoluut niet terug in de dagelijkse praktijk.

Het makkelijkste voor een gemeente is om de WOZ-waardes zo laag mogelijk vast te stellen. Ik kan uit persoonlijke ervaring vertellen dat mijn gemeente inmiddels de WOZ-waarde bewust te laag vaststelt in de hoop dat er minder bezwaar gemaakt wordt (ja, wij willen ook graag alleen maar blije burgers aan de telefoon). Waar de markt met 10 tot 15% stijgt, stijgt de gemiddelde WOZ-waarde bij ons met ongeveer 5%. Dit is ook tijdens hoorzittingen opgemerkt door enkele NCNP bureau's. Woningen die (nagenoeg) op de waardepeildatum verkocht zijn voor 500.000,- waarderen we op 480.000 - 485.000, en er zijn bureaus die ook dan nog in beroep gaan om te kijken of er wat te halen valt. Ik weet uit ervaring dat er bureaus zijn die tegen bijna alle uitspraken in beroep gaan omdat ze weten dat er altijd een kans is dat ze gelijk krijgen. Winnen ze 1 beroepszaak, dan zijn de kosten voor zo’n 25 beroepszaken weer gedekt. Met die winstkans zou ik ook naar het casino gaan.

De suggestie dat taxeren wel een exacte wetenschap is is natuurlijk volstrekt belachelijk. Dit wordt ook in het Coelo rapport onderschreven. Laat je huis maar eens door 3 taxateurs waarderen, gegarandeerd dat je 3 verschillende waardes krijgt. Het grootste probleem van de WOZ is dat er voor enorme aantallen woningen jaarlijks een waarde bepaald moet worden. Wij gebruiken daarvoor de vergelijkingsobjecten met de laagste prijzen per m3/m2, waardoor we zo laag mogelijk waarderen. Maar je weet nou eenmaal niet van iedere woning hoe die er van binnen uitziet, daardoor zit je soms toch eens te hoog. Als we echt gaan stellen dat de WOZ een exacte waarde is moeten naar mijn mening alle woningen inpandig bezocht worden en daarna voorzien worden van een waarde. Om het helemaal goed te doen zou je de waarde door meerdere onafhankelijke taxateurs moeten laten bepalen en van alle waarderingen het gemiddelde hanteren. Ik ga niet eens proberen om te berekenen wat dit voor kosten met zich mee brengt, maar het zal duidelijk zijn dat het benodigde leger aan taxateurs er niet is.

Een tweede probleem is dat er telkens nieuwe (absurde) dingen verzonnen worden, zie bijvoorbeeld de discussie rondom brandgangen. In een individueel geval zou je door de aanwezigheid van een brandgang een woning iets te hoog gewaardeerd kunnen hebben. We hebben het dan over 2.000 tot 3.000 euro, omgerekend 2 of 3 euro OZB. Als eigenaar van een rij-woning met brandgang ben ik overigens erg blij met de aanwezige brandgang, als ik telkens met mijn fiets en container door het huis zou moeten denderen zou mijn huis in mijn ogen beslist minder waard zijn.

Mijn oplossing is het invoeren van een drempel. Uit het Coelo rapport (pagina 6) komt naar voren dat er een marge (transactieruis) is van 6 – 9%. Ik pleit er voor om een drempel van 7,5% te hanteren: als de WOZ-waarde minder dan 7,5% te hoog (of te laag) is wordt deze wel aangepast, maar is er geen sprake van een aan het bestuursorgaan te wijten onrechtmatigheid. Met andere woorden: bij een afwijking van minder dan 7,5% geen proceskostenvergoeding. Op die manier krijgt de burger waar ze recht op heeft (een correcte WOZ-waarde), maar zorgen we er voor dat procedures weer over echte materiële verschillen en rechtsbescherming gaan.
Door Nico uit Loenen (voormalig rijksambtenaar) op
Dit WOZ systeem is gebaseerd op "gelijksoortige" woningen die resent verkocht zijn en daar maken de gemeentes met hun ingehuurde bureautjes al jaren een compleet potje van. De motivatie (KLOUDV factoren en grondstaffels) worden standaard uit gemakzucht met de natte vinger bepaald en pas geproduceerd als er daadwerkelijk naar de rechter wordt gestapt. Het probleem no-cure no-pay is gewoon uitgelokt door steevast de WOZ waarde te hoog te indexeren dat voor de "taxateur" blijkbaar extra geld oplevert. De gemeente kan ook gewoon aan de % knoppen draaien als ze te krap in kas komen, dan droogt de winst van die no-core no-pay bureautjes vanzelf op omdat dan niemand meer bezwaar maakt. Eigen schuld dus gemeente.

Vacatures

Klik hier voor alle vacatures

De nieuwste whitepapers

Van onze partners