of 59130 LinkedIn

'Miljoenen verspild bij aanbesteding'

Decentrale overheden meer onderhands aanbesteden in plaats van openbaar en niet-openbaar.
Nederlandse gemeenten lopen miljoenen mis omdat zij onvoldoende op de hoogte zijn van de aanbestedingsregels. Dit zeggen aanbestedingsdeskundigen Pieter van den Eijnden van brancheorganisatie UNETO-VNI (installatiesector) en Joost Fijneman van Bouwend Nederland. Ze vinden dat (decentrale) overheden meer onderhands moeten aanbesteden in plaats van openbaar en niet-openbaar.

Onderhands
Voor onderhandse aanbestedingen kan niet iedereen zich ­inschrijven; een aantal partijen wordt uit­genodigd door de ­opdrachtgever. Bij openbare aanbestedingen kan iedereen zich inschrijven. Bij niet-openbare aanbestedingen volgt na de ­inschrijving een selectie van minimaal vijf partijen, waaruit vervolgens een keuze wordt ­gemaakt.

Grote kansen

Van den Eijnden en Fijneman zien grote kansen om kosten te besparen, zowel voor overheden als het bedrijfsleven. De aanbestedingsdeskundigen baseren zich op een onderzoek van consultantsbureaus Sira en Significant. Op basis hiervan stellen zij vast dat er jaarlijks 3.500 projecten zijn die onder de huidige Europese aanbestedingsdrempel van ruim 4,8 miljoen euro liggen en die openbaar en niet-openbaar aanbesteed worden.

Te streng

Gemeenten kunnen bij projecten die onder de Europese aanbestedingsdrempel vallen zelf bepalen vanaf welk bedrag zij een aanbestedingsprocedure opstarten. De meeste gemeenten hanteren volgens Van den Eijnden een grens tussen de 100 en 200 duizend euro. Hij vindt dat gemeenten ‘veel te streng voor zichzelf zijn. Er worden nu vaak onnodig lage drempels gehanteerd, met veel administratieve rompslomp en hoge verwervingskosten tot ­gevolg.’

Van den Eijnden pleit ervoor de drempel voor openbare en niet-openbare aanbestedingen te verhogen naar 1,5 miljoen. Projecten onder dat bedrag zouden onderhands aanbesteed moeten worden.  Uit het onderzoek blijkt dat in 2007 de totale lasten van aanbestedingen ruim 1,1 miljard euro bedroegen. Daarvan kwam 366 miljoen euro voor rekening van de opdrachtgevers, de verschillende overheden.

Drempel verhogen

Onderhandse aanbestedingen zijn volgens het onderzoek van Sira en Significant veel goedkoper. Van den Eijnden en Fijneman gaan uit van een besparing van 25 duizend euro per aanbesteding. Als 70 procent van de projecten onder de Europese drempel voortaan onderhands aanbesteed zou worden, bespaart dat op jaarbasis ruim 65 miljoen euro. Daarvan komt een derde ten goede aan de overheden en de rest aan het bedrijfsleven. Van den Eijnden: ‘Samenwerkingsverbanden bij aanbestedingen zijn leuk, maar als decentrale overheden hun drempel verhogen valt er pas echt winst te behalen.’

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Roberto (Projectmanager) op
De overheid doet aan grootschalige verspilling om maar vooral de indruk van vriendjespolitiek te voorkomen. Er is in veel gevallen een prima business case te maken voor het overslaan van de aanbestedingsprocedure, de kosten die je daarvoor maakt overstijgen namelijk al snel de omvang van het selectievoordeel. Dat kun je ook prima op deze wijze uitleggen. Daarnaast is het zo dat overheden vaak de selectiecriteria zo opschrijven dat maar 1 of een paar aanbieders daaraan kunnen voldoen. Soms met het doel op een bepaalde aanbieder uit te komen (en dat is pas ontransparant: laten aanbesteden, maar toch vooraf al weten wie gaat uitvoeren), soms om een overdreven zekerheid in te bouwen. Zo worden bij procedures van de centrale overheid vaak eisen gesteld op het gebied van het aantal al uitgevoerde soortgelijke opdrachten, het aantal mensen in dienst, de omvang van de omzet en de duur van bestaan van de aanbieder dat slechts weinig aanbieders daaraan kunnen voldoen. Een effectieve en onwenselijke manier om kleinere, nieuwe of innovatieve partijen uit te sluiten, terwijl juist die nog wel eens snel of tegen lagere kosten een project uit kunnen voeren.
Om de integriteit van een selectie te bewaken kun je ook intern een vier- of zesogenconstructie opzetten. De kosten hiervan zijn veel lager en de mogelijkheid om goed aansluitend te selecteren beter. Bovendien: een selectie gaat niet alleen over kosten, maar over het vinden van de partij die waarschijnlijk de uitvoer het beste zal doen. Denk dan naast kosten aan bijvoorbeeld kwaliteit, tijdigheid en stuurbaarheid.
Aanbesteden is een van de zaken die uit de koker van de inkoper komt. Een strak keurslijf met grote beloften die in de praktijk niet of niet voldoende nagekomen worden.
Door Andreas Dijk (directiesecretaris Congres- en Studiecentrum VNG) op
Aanbesteden is een thema waaraan nadrukkelijk aandacht wordt besteed tijdens de VNG Juridische 2-daagse op 10 en 11 oktober. Zie http://bit.ly/olzBNP
Door Jan E (Advi-zeur) op
Het is ook een kwestie van integriteit en transparantie. Onderhands aanbesteden heeft het risico dat dit door burgers wordt ervaren als vriendjespolitiek en gesjoemel. Een procedureel correcte openbare aanbesteding beschermt de opdrachtgevende partij tegen insinuaties. De europese drempelbedragen voor het europees openbaar aanbesteden van leveringen en diensten liggen veel te laag. Nog even en ze houden zich daar bezig met de kleur van onze hagelslag.
Door Menne Kamminga (Raadslid) op
Openbaar aanbesteden levert op dat één ieder de kans heeft zich in te schrijven en maakt het mogelijk om een goede afweging te maken tussen kwaliteit en prijs. Met niet-openbaar aanbesteden in een kleine markt van aanbieders kan eenzelfde resultaat worden behaald. Bij Onderhands aanbesteden bekruipt al snel het gevoel dat de opdracht anders en met name goedkoper uitgevoerd had kunnen worden. Uiteraard spaart men met het onderhands weggeven van decentrale overheidsopdrachten aanbestedingskosten uit maar die overheden kunnen zich veel moeilijker verantwoorden als gevraagd wordt of de opdracht wellicht ook anders en met name goedkoper uitgevoerd had kunnen worden. Kiest men voor niet Onderhands aanbesteden dan maakt men aanbestedingskosten die voor de zuiverheid van het gemaakte inkoopvoordeel moeten worden afgetrokken en heeft men bovenal het voordeel dat het uit te leggen valt waarom een bepaalde keuze is gemaakt. Dit laatste is voor volksvertegenwoordigers (op hoodlijnen) interessant. Het is erg interessant om te weten in hoeverre gekeken is naar aanbestedingskosten in relatie tot behaald inkoopvoordeel, maar daarvoor moet het onderzoek inzichtelijk zijn.