of 61441 LinkedIn

Investeren in sportaanbod niet zaligmakend

Waar veel wordt gesport, zijn de zorgkosten lager. Onderzoek van Atlas voor Gemeenten toont dat duidelijk aan. Maar hoe krijg je als gemeente je inwoners in beweging? De oplossing, zo blijkt, zit ‘m lang niet altijd in meer sportvelden en -zalen alleen.

Waar veel wordt gesport, zijn de zorgkosten lager. Onderzoek van Atlas voor Gemeenten toont dat duidelijk aan. Maar hoe krijg je als gemeente je inwoners in beweging? De oplossing, zo blijkt, zit ‘m lang niet altijd in meer sportvelden en -zalen alleen.

Als relatief veel inwoners van een gemeente sporten, heeft een relatief groot aandeel van de inwoners in die gemeente een goede gezondheid en zijn de zorgkosten lager. Die conclusie durven onderzoekers van Atlas voor Gemeenten in hun deze week gepresenteerde Atlas Sport 2020 wel te trekken. Het betreft een onderzoek in de vijftig grootste gemeenten naar het verband tussen enerzijds sportaanbod en deelname en anderzijds het effect van sporten op de gezondheid onder de bevolking.

 

Zorgkosten

Helder wordt dat er een duidelijk verband is tussen deelname aan sport enerzijds en gezondheid en zorgkosten anderzijds. ‘Als relatief veel inwoners van een gemeente sporten, heeft een relatief groot aandeel van de inwoners in die gemeente een goede gezondheid en zijn de zorgkosten lager’, concluderen de onderzoekers. De meeste gemeenten die qua sportdeelname in de top 10 zitten – Utrecht, Nijmegen, Delft, Groningen, Amstelveen, Deventer en Haarlemmermeer – scoren ook qua ervaren gezondheid top 10-noteringen.

Willem de Boer, docent aan de Hogeschool Arnhem-Nijmegen en bezig met en promotieonderzoek over de economische relatie tussen sport en gezondheid, toonde dat verband eerder dit jaar ook al aan met eigen onderzoek op wijkniveau. Hij berekende wat meer sporten oplevert. Buurten met meer leden van sportclubs hadden lagere gemiddelde kosten voor de gezondheidszorg. Meer concreet: als in een buurt 20 procent sport en een andere buurt 19 procent, geeft dat een verschil in zorgkosten van circa 25 euro per persoon.

 

Uitbijters

In theorie is voldoende aanbod van sport een noodzakelijke voorwaarde voor deelname aan sport onder de bevolking in een gemeente. Met name geldt dat voor het beoefenen van georganiseerde sport. Die samenhang is volgens de Atlas-onderzoekers echter minder sterk dan misschien zou worden verwacht. Een opvallende conclusie uit het onderzoek is dat het aanbod minder sterk samenhangt met deelname dan misschien gedacht zou worden. ‘Er zijn relatief veel uitbijters: gemeenten met weinig aanbod en veel deelname, en omgekeerd; gemeenten met veel aanbod en relatief weinig deelname.’

 

Leefstijl

Tot op heden lijkt gemeentelijk sportbeleid (en -budget) maar in beperkte mate van invloed te zijn op de sportdeelname.  Zo is de sportdeelname in bijvoorbeeld Ede, Arnhem, Gouda en Leeuwarden benedengemiddeld, maar is de ervaren gezondheid er relatief goed. Heerlen en Schiedam zijn juist uitgelezen voorbeelden van steden met relatief weinig sporters en een beperkt aandeel van de inwoners met een (zeer) goede ervaren gezondheid.

Vreemd is dit niet. Het is een gegeven dat gemeentelijke verschillen in ervaren gezondheid ook samenhangen met leefstijl en bevolkingssamenstelling, met name leeftijd, inkomen en migratieachtergrond. Zo lijken gemeenten met een relatief jonge bevolking, weinig laagopgeleiden, weinig huishoudens in armoede en een hoge score op de sociaal-economische index over het algemeen meer sportdeelname te kennen.

Lees het volledige artikel in Binnenlands Bestuur nr. 22 van deze week

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Simon Henk Luimstra (Teamleider Sport en Cultuur) op
Zolang sport gedefinieerd wordt als 'lid zijn van een sportvereniging', is mi er niet zoveel te zeggen. Er is vervolgonderzoek nodig wat nu écht gezondheidsbevorderend is: de dagelijkse wandeling of het eenmaal per week een voetbaltraining bezoeken met een leider die niet eens via een CAO-sport wordt betaald of minimaal een trainersdiploma N3 heeft.

opnieuw wordt een containerbegrip gebruikt, zonder specifieke definitie te geven. je kunt er zo weinig mee.
Door Spijker (n.v.t.) op
Op Overheidsniveau dient het bevorderen van sportbeoefening in zijn algemeenheid plaats te vinden via voldoende preventieve voorlichting.
Daarnaast heeft de Overheid vooral specifieke taken op het gebied van:
-het faciliteren van voldoende sportaccommodatie (vraag en aanbod).
-het faciliteren van voldoende bewegingsonderwijs op de (basis)scholen
-het stimuleren en faciliteren van voldoende kennismaking met verschillende sporten op de (basis)scholen
-het stimuleren en faciliteren van jeugdsport en ouderensport
-het ontwikkelen van topsportbeleid.
Door Leva op
Fysiotherapie is voor de meeste chronische aandoeningen bijna niet meer mogelijk. De lijst met chronische aandoeningen die in de basisverzekering hiervoor in aanmerking komen, wordt steeds korter. In de aanvullende verzekering zijn het aantal consulten dat vergoed wordt steeds kleiner. Oefentherapie valt in het pakket fysiotherapie. Oefentherapie is voor mensen met chronische aandoeningen vaak de enige manier waardoor hun conditie minder snel achteruit gaat en bewegen mogelijk blijft. Vaak is alleen bewegen in verwarmd water mogelijk (hydrotherapie). De fysiotherapeut kan (soms in groepsverband) dat zetje en de motivatie geven om vol te houden.

Vacatures

De nieuwste whitepapers

Van onze partners