of 59123 LinkedIn

Hoe gemeenten investeerden tijdens de crisis

Het instorten van de vastgoedmarkt kostte gemeenten jaarlijks 1 miljard euro. Daar bovenop kwam de daling van de rijksbijdragen. De economische crisis had zo een grote invloed op de gemeente-investeringen, het grootste en meest volatiele onderdeel van overheidsinvesteringen. Hoe werkte dat en kan het anders?

Het instorten van de vastgoedmarkt kostte gemeenten jaarlijks 1 miljard euro. Daarbovenop kwam de daling van de rijksbijdragen. De economische crisis had zo een grote invloed op de gemeente-investeringen, het grootste en volatielste onderdeel van de overheidsinvesteringen. Hoe werkte dat en kan het anders?

Onduidelijkheid voor gemeenten

Duidelijkheid is er vaak niet tijdens crises, ook niet voor gemeenten. Wat moet er stopgezet worden? Wat zijn de gevolgen daarvan? Een tijd van moeilijke keuzes. De impact van de crisis op rijksniveau is uitgebreid onderzocht, maar op gemeenteniveau niet.

 

Volatiel

Frits Bos, onderzoeker bij het Centraal Planbureau (CPB), onderzocht de gemeente-investeringen. Het precieze effect van het misgelopen geld op de investeringen is niet te becijferen omdat die verbanden niet makkelijk te leggen zijn, maar het investeringsbedrag per inwoner daalde van 2009 tot 2016 geleidelijk van 434 naar 227 euro.

 

Dubbel kwetsbaar

De klap kwam voor gemeenten hoofdzakelijk van twee kanten: via de rijksbijdragen en via de vastgoedmarkt. Uit het onderzoek blijkt dat de crisis en het instorten van de vastgoedmarkt alle gemeenten bij elkaar jaarlijks, vanaf 2010 tot en met 2013, 1 miljard euro kostte. Bos voegt toe: ‘Vermoedelijk is dit een onderschatting, omdat gemeenten in hun boekhouding deze tegenvallers vaak pas zichtbaar maken als ze weer wat financiële armslag hebben om dit op te vangen.’

 

Procyclisch

Uit het onderzoek blijkt duidelijk dat vanaf 2010 door de daling aan inkomsten ook de gemeente-investeringen daalden, precies tijdens de crisis. ‘Procyclisch’ heet dat in vakjargon. Dat wil zeggen dat de overheid in slechte economische tijden kiest voor bezuinigingen. ‘Procyclisch beleid heeft duidelijke nadelen’, zegt Bos. ‘Er zijn extra maatschappelijke kosten tijdens de crisis, zoals extra werkloosheid en een stijging van uitkeringen.’ Als de investeringen in bijvoorbeeld de bouw dalen, is er ook minder vraag naar mensen. Wanneer na de crisis de investeringen sterk toenemen, heeft de bouw te weinig capaciteit waardoor prijzen stijgen en projecten vertraging oplopen.

 

Andere mogelijkheden

Het in Nederland gevoerde crisisbeleid lijkt logisch: als het slecht gaat, is er minder geld. Toch zijn er andere mogelijkheden. In diverse Scandinavische landen was er na 2009 geen daling in de investeringen van de lokale overheid, staat in het CPB-rapport. ‘Dit zou te maken kunnen hebben met de geheel andere financiering van de lokale overheid of met de relatief lage overheidsschuld.’

 

Denemarken

In Denemarken zijn de rijksbijdragen voor gemeenten bewust anticyclisch. Bij een economische dip compenseert de Deense rijksoverheid de kosten en als het goed gaat, krijgen lokale overheden juist minder geld. En er is een apart potje voor gemeente-investeringen. Zo kunnen Deense gemeenten stabieler hun investeringen plannen

 

Minder afhankelijk

Zou het te doen zijn om Nederlandse gemeente-investeringen stabieler, of zelfs anticyclisch te maken? Bos heeft wel wat ideeën: een investeringsfonds; de financiering van het gemeentefonds aan de structurele groei van het bbp verbinden; een trap op-trap af-systematiek waarbij de rijksbijdragen wel gekoppeld zijn aan de totale rijksuitgaven, maar met een paar jaar vertraging; of een groter lokaal belastinggebied. Als gemeenten zelf meer belasting gaan heffen, zijn ze minder afhankelijk van de rijksbijdragen.

 

Nadelen

Dergelijk beleid heeft overduidelijke nadelen. Om een grote investering door te zetten wanneer daar eigenlijk geen geld voor is, moet men heel zeker weten dat het verstandig is. Bovendien zijn mensen meer bereid om iets in te leveren in crisistijd. Als er dan extra geld uitgedeeld wordt, moet dat in financieel makkelijkere tijden gecompenseerd worden en dat is moeilijk aan kiezers te verkopen.

 

Lees het hele verhaal deze week in BB15

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door H. Wiersma (gepens.) op
Vastgoed inkomsten van gemeenten zijn in feite beleggingsinkomsten. Overigens is de vastgoeddip in de meeste gemeenten al weer een achterhaalde zaak. Als gemeenten volgens het boekje werken hebben ze inmiddels hun vastgoed opgewaardeerd en worden weer (grove) winsten behaald.