of 63428 LinkedIn

Meer nodig dan alleen ministerie van 'DiZa'

Michiel Croon Reageer

Er zijn twee relevante argumenten voor het instellen van een ministerie van Digitale Zaken: het ontbreken van digitale verbeelding en het ontbreken van digitale realisatiekracht.

In het actuele debat over een ministerie van ‘DiZa’ wordt vaak ook een derde argument gebruikt, namelijk het verbeteren van kennis van ict in de politiek, maar dit is slechts een deel van het verhaal. En het tegenargument over het risico van digitale ‘luiheid’ bij andere ministeries? Digitalisering is eenvoudig te complex om het de komende jaren alleen aan de huidige ministeries over te laten. Maar het invoeren van een nieuw ministerie niet genoeg.

 

Als je naar die verbeelding kijkt, dan is de overheid vooral bezig met haar huidig bestel. Maar de impact van digitalisering op ons wereldbeeld is zo intens dat er ook daarbuiten moet worden gekeken. Want wat betekent de impact van social media, deep fakes en algoritmes voor het vertrouwen in instituten, concepten en ons dagelijks bestuur? Wie mag hierin scherprechter zijn? Hoe voorkom je dat dit uitmondt in staatscensuur? Maken we als maatschappij hierin een technische of een morele keuze?

 

En dan die digitale realisatiekracht. De overheid neemt verantwoordelijkheid voor onze tastbare infrastructuur. Maar hoe zit het met onze digitale infrastructuur? Wat is de digitale variant van de strategische olievoorraden in Rotterdam? Hebben we digitale deltawerken nodig? En wat doet de overheid als een bedrijf zich aan de wet houdt maar daarbij toch kwetsbare bevolkingsgroepen digitaal uitkleedt? Welke rechten en plichten heeft kunstmatige intelligentie? En mag die intelligentie zelf op de beurs handelen? Krijgt een robot een verplichte digitale variant van een aardlekschakelaar in de vorm van een ethische module? Voor al die zaken is beleid gewenst.

 

De huidige ontwikkeling van techniek verstoort structureel de maatschappelijke balans tussen de wetgevende, uitvoerende en rechterlijke machten. Voor het herstel van die balans is een nieuwe macht nodig. Misschien moet dit wel de ‘ethische’ macht worden genoemd. Deze macht leidt tot een digitaal verantwoordelijke en ethisch opererende overheid. Ze voorkomt dat een datahongerige overheid voorbijgaat aan de rechtmatigheid van datagebruik of ongecontroleerd het wetboek van strafrecht vervangt voor een wetboek van algoritmes. In dat kader verwijs ik naar een eerdere oproep van het Rathenau Instituut om de rechten van de mens te versterken met het recht om niet ‘gemeten, geanalyseerd of gecoacht te worden’ en het ‘recht op betekenisvol menselijk contact’.

 

Ministeries vertalen wetgeving naar beleid. Voor de realisatie van dat beleid hebben ministeries uitvoeringsorganisaties en zelfstandige bestuursorganen. Financiën heeft de belastingdienst, Sociale Zaken heeft het UWV. Landbouw heeft de NVWA en IenW heeft Rijkswaterstaat en de RDW. Een ministerie van Digitale Zaken moet verantwoordelijkheid nemen voor de uitvoering van eigen (digitaal) beleid. Denk aan een Rijkswaterstaat voor digitale infrastructuur. Of een RDW die een ’rijbewijs’ afgeeft voor de maatschappijvaardigheid van robots. Er is dus naast wetgeving en beleid ook overheidsuitvoering nodig. Voor een slagvaardig ministerie is het de vraag hoe wordt vorm gegeven aan een uitvoeringsorganisatie voor onze digitale infrastructuur.

 

Michiel Croon is organisatieadviseur en schreef deze column op persoonlijke titel.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.