of 63372 LinkedIn

Het Deltaplan ICT moet een norm stellen

Joost Visser 1 reactie

De Tweede Kamer heeft minister Donner gevraagd binnen drie maanden een Deltaplan ICT op te stellen. Dan wordt het tijd voor een Deltanorm Softwarekwaliteit. 

Om het hoofd te gaan bieden aan rampzalig verlopende ICT projecten in overheidsland heeft de Tweede Kamer aan minister Donner gevraagd om binnen drie maanden een Deltaplan ICT op te stellen. Maar wat moet er in zo'n plan komen te staan? En wat voegt het toe aan de maatregelen die inmiddels zijn genomen om de ICT projecten van het Rijk succesvoller te maken?


De maatregelen die tot nog toe genomen zijn hebben voornamelijk betrekking op organisatie en proces. Zo is er een zogenaamd CIO-stelsel gekomen, wat inhoudt dat elk departement en bestuursorgaan een Chief Information Officer (CIO) heeft aangewezen. Er is één Rijks-CIO aangesteld die in een ondersteunende rol instrumenten voor beheersing van ICT-projecten kan aanreiken, zoals ‘Gateway reviews’ en haalbaarheidstoetsen. Ook is er een rapportageverplichting ingesteld voor alle grote en hoog-risico ICT projecten en de gerapporteerde gegevens worden via het Rijks-ICT-dashboard openbaar gemaakt.


Met deze maatregelen zijn stappen in de juiste richting gezet, waarvan minister Donner hoopt dat ze vruchten zullen gaan afwerpen. Blijkens de roep om een Deltaplan ICT is de Tweede Kamer er echter nog niet gerust op.
Brigitte van der Burg (VVD), initiatiefneemster van het verzoek om een Deltaplan ICT, ziet drie belangrijke elementen voor een Deltaplan: simpelere regelgeving om de haalbaarheid van automatisering te verbeteren, een andere manier van selecteren en afrekenen met leveranciers dan het gebruikelijke uurtje-factuurtje, en opschoning van de databases van de overheid. Zowel de maatregelen van Donner als de elementen van Van der Burg zijn wenselijk, maar helaas onvoldoende om de overheids-ICT op orde te krijgen.

 

Voor het opstellen van een effectief Deltaplan ICT kan het instructief zijn om nog eens te rade te gaan bij het oorspronkelijke, waterbouwkundige Deltaplan. Na de watersnoodramp in 1953 werd de Deltacommissie ingesteld, bestaande uit 14 deskundigen: 12 civiel ingenieurs, een landbouwkundig ingenieur en één econoom (Jan Tinbergen). Zij vaardigden adviezen uit die vertellen welke waterbouwkundige werken uitgevoerd moesten worden. Rode draad is de Deltanorm: alle hoofdwaterkeringen moeten een waterstand van 5 meter boven NAP kunnen weerstaan.


Het Deltaplan ICT zou op dezelfde wijze helderheid moeten scheppen. Het gaat niet alleen om organisatie, proces, regelgeving en contractvormen. Het gaat om het maken van kwalitatief hoogstaande informatiesystemen, bestand tegen intensief gebruik, voortdurend wijzigende gebruikswensen en voortschrijdende technologische ontwikkelingen. Om kwaliteitsproducten te maken is een kwaliteitsnorm onontbeerlijk. Voor onze waterkeringen was de norm 5 meter boven NAP. Informatiesystemen moeten op vergelijkbare manier afgemeten worden tegen een Deltanorm voor softwarekwaliteit. Immers, alleen kwaliteit die meetbaar is wordt ook echt geleverd.


De belangrijkste taak van de schrijvers van het Deltaplan ICT zal daarom zijn om het vernuft van de Nederlandse informaticaingenieurs te bundelen in een technische kwaliteitsnorm die processen, contractvormen en verantwoordingsprocedures overstijgt. Een begrijpelijke, meetbare kwaliteitsnorm die op elk moment voor iedereen in het project zichtbaar maakt in welke toestand de op te leveren softwareproducten zich bevinden.

 

Er is veel (Nederlands) onderzoek beschikbaar om softwarekwaliteit te meten en te verbeteren. Dit onderzoek wordt door een stijgend aantal bedrijven en overheidsorganisaties gebruikt. Zij ervaren dat ICT-projecten wél op tijd en binnen budget uitgevoerd kunnen worden. En dat de onderhouds- en gebruikskosten van de resulterende softwaresystemen sterk omlaag kunnen. Hierdoor krijgt innovatie weer ruimte.


Het Deltaplan ICT dat de komende maanden door minister Donner ontwikkeld zal worden moet een Deltanorm voor softwarekwaliteit neerzetten die als rode draad richting geeft aan alle partijen die samen bijdragen aan het ICT bouwwerk van de overheid. 

 

Joost Visser is Hoofd Research bij de Software Improvement Group en voorzitter van de NEN normcommissie voor Software en Systems Engineering. Joost is geboren en getogen in Zeeland.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Derk Kremer (Sparring Partner voor opdrachtgevers) op
Het Deltaplan is het zoveelste initiatief om een rampzalig verloop van ICT projecten bij de overheid het hoofd te bieden. Op zich goede initiatieven, ware het niet dat het vooral maatregelen zijn die betrekking hebben op de uitvoering, lees opdrachtnemende kant. Eénzijdige maatregelen die over het algemeen weinig toevoegen, zo heeft de praktijk inmiddels geleerd. Wat opvalt is dat ook nu weer het belang van de rol van de opdrachtgever wordt onderschat. Want hierover wordt in feite niets gezegd in het voorstel over het Deltaplan ICT. Terwijl juist het professionaliseren van het vak van opdrachtgever een aanzienlijk beter rendement oplevert als het gaat om het verbeteren van het projectmatig werken. Enkele citaten uit bovenstaand artikel:

“Rijks-CIO aangesteld die in een ondersteunende rol instrumenten voor beheersing van ICT-projecten kan aanreiken, zoals ‘Gateway reviews’ en haalbaarheidstoetsen”:
afhankelijk van de visie die bestuurders hebben op het aansturen van een ICT investeringstraject, wordt de rol van een CIO ingevuld. In dit geval is de visie blijkbaar erg beperkt. De CIO wordt in dit geval gezien als iemand die eindverantwoordelijk is voor de uitvoering van ICT projecten. Daarvoor heb je geen CIO voor nodig, dit kan een IT manager ook doen. Extra overhead, maar belangrijker: een gemiste kans. De genoemde instrumenten overigens, passen onder de control maatregelen. De Rekenkamer heeft al in 2007 geconstateerd dat er een overkill aan control is bij projecten. Maar ondertussen gaan we hier vrolijk mee door. Als compensatie voor een gebrek aan regie.

“simpelere regelgeving om de haalbaarheid van automatisering te verbeteren”:
als een ICT project onderdeel is van een normaal investeringstraject is, voordat het project gestart wordt, er een investeringsvoorstel of businesscase gemaakt. Hierin wordt de haalbaarheid getoetst en worden de contouren, waarbinnen het project moet worden gerealiseerd, vastgelegd. De lijnmanager die de eigenaar is van het investeringsvoorstel is eveneens de opdrachtgever van het project. Een belangrijke reden om meer aandacht te geven aan het professionaliseren van het vak van opdrachtgever. Een rol die in de lijn belegd dient te worden op het juiste niveau.

“een andere manier van selecteren en afrekenen met leveranciers dan het gebruikelijke uurtje-factuurtje”:
op zich een prima voorstel. Maar juist hier komt het op professioneel opdrachtgeverschap aan. Resultaatverantwoordelijkheid begint bij een goed geformuleerde opdracht. Als professioneel opdrachtgeverschap bij een uurtje-factuurtje project al ontbreekt, zal het bij een resultaatverantwoordelijk project zeker misgaan.

“opschoning van de databases van de overheid”:
dit zou standaard onderdeel moeten zijn van het investeringsvoorstel of businesscase. Het is onderdeel van de kosten die gemaakt moeten worden en als zodanig onderdeel van de investering. Een kwestie van professioneel opdrachtgeverschap om hier op toe te zien dat dit aspect wordt meegenomen. Maar ook wordt uitgevoerd. En niet alleen van de databases, maar ook van legacy systemen.

Zie overigens ook onze artikelen hierover op http://publicaties.eestum.eu/Publicaties/overzic …