of 59244 LinkedIn

RvS keurt adres-gekoppelde afvalpas Arnhem goed

De Raad van State keurt het koppelen van een afvalpas aan het woonadres van bewoners goed. In het hoger beroep dat inwoner Michiel Jonker aanspande gaf de rechter gemeente Arnhem gelijk. Privacy van bewoners zou volgens de Raad van State niet in het geding zijn.

De Raad van State keurt het koppelen van een afvalpas aan het woonadres van bewoners goed. In het hoger beroep dat inwoner Michiel Jonker aanspande gaf de rechter gemeente Arnhem gelijk. Privacy van bewoners zou volgens de Raad van State niet in het geding zijn.

Bezwaar tegen datasysteem
Jonker wilde niet dat door de gemeente in een centraal databestand wordt bijgehouden op welke plekken en tijdstippen hij zijn huisvuil wegbrengt naar afvalcontainers. Met name het idee dat zijn aanwezigheid of afwezigheid in een datasysteem terecht zou komen dat gehackt zou kunnen worden staat hem niet aan. Ook vraagt hij zich af waarvoor deze gegevens in de toekomst zullen worden gebruikt. Hij vroeg om het afzien van het nieuwe afvalsysteem en wilde anders anonieme afvalpassen voor bewoners. Het college gaf in een brief aan dat de wensen niet gehonoreerd werden.


Geen formeel besluit

De RvS stelt dat gemeente Arnhem nooit een formeel besluit heeft genomen en dat er daarom ook geen bezwaar tegen gemaakt kan worden. 'Bij het aanbieden van de afvalpas bij een ondergrondse afvalcontainer worden persoonsgegevens geregistreerd. De registratie is op zichzelf beschouwd niet op rechtsgevolg gericht', zo schrijft de RvS. 'De Afdeling stelt vast dat met de geregistreerde gegevens wordt bepaald welke inzamelingsroute wordt gevolgd en in welke wijk voorlichting over restafval zal worden gegeven. Hiermee wordt geen wijziging in de rechtspositie van de gebruikers van de afvalpas bewerkstelligd, zodat geen rechtsgevolg ontstaat.'

 

Stichting Privacy First noemt in een persbericht de uitspraak 'kafkaësk' en stelt dat deze in strijd is met het recht op privacy.

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Michiel Jonker op
@ Ria Huisman (2 mei 2016, 8:45 uur)

Interessant dat u de dwangsomprocedure noemt. Ik heb recent in een andere zaak mogen ervaren dat de gemeente Arnhem simpelweg weigert om, na ingebrekestelling door mij, een dwangsom uit te betalen. Het betrof een handhavingsverzoek van mijn kant waarop niet tijdig een besluit was genomen (dit was één van de manieren waarop de gemeente de handhaving traineerde om uiteindelijk tot legalisering van overtredingen te kunnen komen).

De rechter stelde de gemeente in het gelijk met de volgende, curieuze argumentatie: het handhavingsverzoek bevatte vijf onderdelen, en op één onderdeel heeft de gemeente binnen twee weken na mijn ingebrekestelling het handhavingsverzoek afgewezen. Daarmee moet er volgens de rechter geacht worden een besluit te zijn genomen op het handhavingsverzoek als geheel, dus ook op de andere vier onderdelen.

Volgens de rechter had het op mijn weg gelegen om geen beroep te doen op artikel 4:17 Awb (dwangsombepaling bij overschrijding van de besluittermijn), maar bezwaar in te dienen tegen het "handhavingsbesluit" (d.w.z. de brief waarin ik geïnformeerd werd dat er op vier van de vijf onderdelen van het handhavingsverzoek nog geen besluit werd genomen).

Ik krijg steeds meer het gevoel dat we in Nederland veelal niet beschikken over onafhankelijke bestuursrechters, maar over bestuursrechters die zich in een stilzwijgend bondgenootschap met de executieve (het overheidsbestuur) verplicht achten om manieren te vinden om het bestuur ruim baan te geven, ook in gevallen dat de (geest van de) wet zich daartegen verzet. Ook bij de uitspraak van de RvS inzake het afvalpassysteem voel ik dat.
Door Michiel Jonker op
@P.J. Westerhof (2 mei 2016 08:39 uur)

Ik ben het volledig met u eens. In het hoger beroep bij de RvS heb ik aangevoerd dat de gerichtheid op rechtsgevolg blijkt uit de gemeentelijke intentie, die ook schriftelijk naar de Arnhemse inwoners werd gecommuniceerd, om het systeem met de pasjes te gaan handhaven. De gemeente beoogde dus duidelijk om een plicht voor de inwoners te scheppen om van het pasjessysteem gebruik te maken. Hieraan gaat de Afdeling (RvS) geheel voorbij.

Je zou nu kunnen betogen, zoals de RvS impliciet lijkt te doen, dat de gemeente niet beoogd heeft een nieuwe plicht te scheppen, maar alleen de oude plicht om restafval in die containers te stoppen wil voortzetten, waarbij het fysiek installeren van het pasjessysteem (geen toegang tot de container als je je persoonsgegevens niet afstaat aan de gemeente) opgevat wordt als feitelijk handelen zonder rechtsgevolg. Maar dat feitelijk handelen brengt wel schade toe aan mijn recht op privacy. De rechtsfiguur "feitelijk handelen MET rechtsgevolg" bestaat in het bestuursrecht niet.

Echter, het legaliteitsbeginsel wordt hier geschonden doordat de gemeente de maatregel heeft ingevoerd zonder (tijdig) een besluit te nemen. En er is sprake van een vorm van détournement de pouvoir: de gemeente gebruikt haar bevoegdheid tot afvalinzameling voor een oneigenlijk doel, namelijk het verzamelen van persoonsgegevens.

Daarom is mijns inziens in dit geval artikel 6:2 aanhef en onder b Awb van toepassing: "Voor de toepassing van wettelijke voorschriften over bezwaar en beroep worden met een besluit gelijkgesteld: (...) b. het niet tijdig nemen van een besluit." Van Buuren (zesde druk) meldt daarover: "Bezwaar en beroep zijn dus ook mogelijk indien een ambtshalve door het bestuur te nemen beslissing niet tijdig wordt genomen" (pag. 425). Dat lijkt de RvS niet te willen onderkennen, waarmee deze hoogste bestuursrechter de effectiviteit van de wet ondermijnt.

Wat betreft de Autoriteit Persoonsgegevens (AP), ik denk niet dat die hier iets van gaat vinden. De AP volgt namelijk het zogenoemde "rijksbrede beleid van selectief toezicht", en kiest ervoor zich met een heleboel zaken niet actief bezig te houden, maar alleen "signalen te registreren". Dat is een ander gat in de op papier zo fraaie rechtsbescherming die wij als burgers heten te genieten.
Door Ria Huisman (Directeut) op
Lees in voorgaand bericht Wet Dwangsom
Door Ria Huisman (Directeut) op
Lees in voorgaabd bericht Wet Dwangsom
Door Ria Huisman (Directeur) op
Waarom verzoekt u niet om een voorlopige voorziening totdat het Europese hof een besluit heeft genomen.
Gemeentes werken wel vaker zo en nemen geen beslissing op bezwaar.
Zet de wet deangsom erop dan kunt u max € 1260,00
Incasseren omdat de gemeente in gebreke blijft.
Daarna kunt u nog naar de rechter wederom
Door P.J. Westerhof op
Alles staat en valt met de redenering van de RvS "Het bij het aanbieden van de afvalpas registreren van persoonsgegevens is op zichzelf beschouwd niet op rechtsgevolg gericht. want wordt geen wijziging in de rechtspositie van de gebruikers van de afvalpas bewerkstelligd, zodat geen rechtsgevolg ontstaat.".
Daarmee is er volgens de RvS geen besluit.

De RvS laat hier duidelijk punten liggen.
Dat privacywetgeving wordt overtreden is evident. Dat de gemeente alles doet om haar sluiproute te verbloemen ook. Dat de RvS zodoende het gemeentelijk handelen sanctioneert - en daarmee de deur open zet voor kopieergedrag - eveneens.

Wél nog even interessant is of de Privacy Autoriteit hier nog iets van gaat vinden.
Ook interessant is op basis van welk(e) artikel(en) van de APV de gemeente Arnhem het aan de straat plaatsen van afvalzakken straks gaat handhaven.
Door Michiel Jonker op
De Afdeling keurt in de betreffende uitspraak het gemeentelijke handelen tegelijk niet en wel goed. Daarom ben ik het met Privacy First eens dat de uitspraak "kafkaësk" is. Enerzijds keurt de Afdeling de gemeentelijke handelwijze op papier niet goed, want zij zegt dat zij er niet over oordeelt, omdat de gemeente geen besluit in de zin van de Awb heeft genomen. Anderzijds keurt de Afdeling de gemeentelijke handelwijze in de praktijk wel goed, omdat zij mij als burger geen rechtsingang biedt om tegen de gemeentelijke handelwijze op te komen. Daarmee geeft de Afdeling de gemeente in de praktijk een vrijbrief om zich aan een bestuursrechtelijke rechtsgang te onttrekken door feitelijk te handelen zonder dat daar een besluit aan ten grondslag ligt.

Een gang naar de burgerlijke rechter biedt mij in dit geval geen soelaas: het gaat om een zaak die zich uitsluitend tussen overheid (in diens hoedanigheid als bestuursorgaan, openbaar gezag) en een burger afspeelt. Ik kan geen privaatrechtelijke grond aanvoeren om op te komen tegen dit overheidshandelen, zolang mijn persoonsgegevens niet daadwerkelijk misbruikt zijn en ik daarvan aantoonbare financiële schade heb geleden ("Als het kalf verdronken is, dempt men de put"). Maar zelfs als ik wel toegang zou hebben tot de burgerlijker rechter, dan zouden de proceskosten voor mij prohibitief zijn. Er zou dan sprake zijn van een overheid (als boven mij gesteld, met macht bekleed gezag) die mij dwingt om veel hogere kosten te maken als ik tegen haar beslissing wil opkomen, dan de wetgever heeft beoogd met een laagdrempelige bestuursrechtelijke procedure.

Er staan voor mij daarom maar twee wegen open als ik mij, ondanks het ontbreken van reële rechtsbescherming, niet wil neerleggen bij de beslissing van de gemeente mijn persoonsgegevens in strijd met de Wbp te verwerken: een gang naar de Europese rechter (met alles wat daarbij komt kijken), of feitelijk handelen van mijn kant in reactie op het feitelijk handelen van de gemeente.

Voor dit laatste heb ik al gekozen, door mijn vuilniszakken sinds de uitspraak van de Afdeling naast de container te zetten waar ik geen toegang toe heb zonder mijn privacy te verliezen, en de gemeente daarvan per brief op de hoogte te stellen. Het is nu aan de gemeente om te beslissen of zij nu, zoals aangekondigd, wil gaan "handhaven" door mij bijvoorbeeld een boete op te leggen. In dat geval is er alsnog sprake van een besluit in de zin van de Awb, en kan ik dus alsnog naar de rechter stappen.

Het gat in de rechtsbescherming is dat het niet mogelijk is in rechte tegen het gemeentelijke handelen op te komen zonder eerst een door de gemeente gestelde regel te overtreden en daarmee het risico op bestraffing te lopen. Op grond van dit gat in de rechtsbescherming kan er sprake zijn van een schending van artikel 6 EVRM (beginsel van "fair play" en "equality of arms"), zulks ter beoordeling van de Europese rechter.

Dat maakt dit tot een interessante casus.
Door Van Eck (advocaat) op
De Afdeling keurt in de betreffende uitspraak helemaal niets goed. De Afdeling vindt dat er niets te keuren is, althans niet door haar. Er is naar het oordeel van de Afdeling geen besluit en dan houdt het op bij de Afdeling.
Door Jan Willem op
Slordig artikel, Sjoerd Hartholt. De Raad van State is geen instantie die besluiten goed- of afkeurt.