of 61441 LinkedIn

‘Dicht kloof tussen data-analist en beleidsmedewerker’

Datagedreven werken staat nog in de kinderschoenen, zeggen veel directeuren in de publieke sector. Alles kan, zegt de data-analist: ‘U vraagt, wij draaien.’ De data-analist redeneert vanuit data, de directeur of beleidsmedewerker vanuit de maatschappelijke opgave. In een essay in Binnenlands Bestuur stellen BZK-programmamanager Johan Strieker en de Vensters-adviseurs Mark Huijben en Johan Posseth dat de beroepsgroepen elkaar nog onvoldoende vinden.

Datagedreven werken staat nog in de kinderschoenen, zeggen veel directeuren in de publieke sector. Alles kan, zegt de data-analist: ‘U vraagt, wij draaien.’ De data-analist redeneert vanuit data, de directeur of beleidsmedewerker vanuit de maatschappelijke opgave.

In een essay in Binnenlands Bestuur stellen BZK-programmamanager Johan Strieker en de Vensters-adviseurs Mark Huijben en Johan Posseth dat de beroepsgroepen elkaar nog onvoldoende vinden. In het essay geven ze handreikingen die kloof te dichten.

 

Verdrinken

Gegevens uit verschillende bronnen winnen steeds meer aan belang. Door er slim gebruik te maken van ontstaan nieuwe inzichten. ‘Denk aan buurtgegevens van de gemeente en politiemeldingen, die gezamenlijk een beeld geven van waar problemen ontstaan. Maar het verandert weinig aan hoe we werken: handelen op basis van feiten. De kern is: wat wil je weten en waarom? En wat doe je als je het antwoord hebt? Met andere woorden, het gaat om de vaardigheden om data te vertalen in zinvolle inzichten. En in staat zijn te handelen op basis van die inzichten. De inzichten die je wilt opdoen, bepalen met welke gegevens je aan de slag gaat. Vaak lijkt de explosief toenemende hoeveelheid data leidend te zijn’, aldus de auteurs. Met als risico dat je compleet verdrinkt.

 

Coronacrisis
Waarom zou je datagedreven willen werken? De crux is in de ogen van Huijben, Posseth en Strieker betere en beter onderbouwde beslissingen te nemen en als organisatie beter aan te sluiten op de maatschappelijke opgaven. De waarde zit ook in wendbaarheid: op het juiste moment over de juiste informatie beschikken. Tijdens de coronacrisis werd dit volgens hen glashelder bij het sturen op aantal IC-bedden, de reproductiefactor en het aantal besmettingen.

‘Datagedreven werken dien je als organisatie vanuit twee invalshoeken te doen. Enerzijds vanuit de maatschappelijke opgave: de informatiebehoefte in beeld brengen, die ontstaat door te willen inspelen op deze opgaven. En anderzijds vanuit de data: basisregistraties op orde brengen, databeheer borgen, informatie ontsluiten voor medewerkers’, stellen de auteurs.

 

Nauwe samenwerking

Zaak is het die twee invalshoeken bij elkaar te brengen. Meest logisch is om te beginnen vanuit de maatschappelijke opgaven. ‘Daarmee werk je direct aan actuele vragen en sluiten dataprojecten aan op wat mensen echt willen weten. Het lastige hiervan is dat dit nauwe samenwerking vereist tussen drie vakgebieden, die dat nog niet zo gewend zijn: de inhoudelijk specialisten, de gegevensbeheerders en de data-analisten.’

Om met die inhoudelijk specialisten te beginnen: een dataproject begint met een goede probleemformulering. En wanneer de analyses beschikbaar zijn, maken inhoudelijk specialisten of beleidsmedewerkers het verhaal naast de cijfers. Zij vertalen de resultaten naar inzichten in het maatschappelijke vraagstuk en naar acties. ‘Daarvoor moeten ze het echte probleem scherp hebben en de waarde en beperking van de cijfers kennen’, aldus de essayisten.

Vervolgens noemen ze de gegevensbeheerders en/of functioneel beheerders: hun rol is data te verzamelen, klaar te zetten voor analyses en deze te delen met de data-analisten. Die laatsten, ten slotte, slaan de brug tussen de inhoudelijk specialisten en de gegevensbeheerders. Data-analisten kunnen op basis van data beschrijvende en verklarende analyses maken.

 

Hoofdpijndossier

‘Deze samenwerking komt niet vanzelf tot stand. Bestuur en directie moeten daarin het voortouw nemen door de waarde van informatie te laten zien bij het realiseren van strategische doelen. Medewerkers gaan niet rennen omdat ze gegevens mogen gebruiken, maar wel wanneer ze de taak dan beter kunnen uitvoeren’, benadrukken Huijben, Posseth en Strieker.

Voor gemeenten bieden data in hun ogen met name kansen om meer grip te krijgen op hoofdpijndossiers als het sociaal domein, met oplopende financiële tekorten en frauderende zorgaanbieders. ‘Maar ook domeinen als duurzaamheid, energie, mobiliteit, een leefbare woonomgeving en de eigen bedrijfsvoering lenen zich er goed voor.’

Lees het volledige essay in Binnenlands Bestuur nr. 20 van deze week

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Dick van Elk op
De sleutelzin is: ‘Daarvoor moeten ze het echte probleem scherp hebben en de waarde en beperking van de cijfers kennen’.

Vanuit dit uitgangspunt kunnen de inhoudelijk verantwoordelijke ambtenaren de benodigde data opvragen die verrijkt wordt tot de informatie die nodig bij het tot stand komen van de oplossing.

ICT is hierbij dienstverlenend en derhalve volgend; een taak die inhoudelijk beperkt is maar technisch niet onbelangrijk.