of 59147 LinkedIn

Wildwest in de blockchain

Gemeenten reageerden in het verleden vaak langzaam en kritisch op technologische vernieuwingen. Zo niet op de huidige ‘blockchain-revolutie’. Op congressen staan de ambtenaren in de rij voor workshops. Maar ook dure consultants zonder track-record schieten als paddenstoelen uit de grond.

Gemeenten reageerden in het verleden vaak langzaam en kritisch op technologische vernieuwingen. Zo niet op de huidige ‘blockchain-revolutie’. Op congressen staan de ambtenaren in de rij voor workshops. Maar ook dure consultants zonder track-record schieten als paddenstoelen uit de grond.

Bonsultants spinnen garen bij massale gemeentelijke interesse

‘Het enthousiasme is echt groot, dat had ik van tevoren nooit verwacht’, zegt Marloes Pomp. Ze is ongeveer twee jaar blockchain-programmaleider binnen de Nederlandse overheid. In haar eerste maanden was ze nog veel bezig met bestuurders voor het onderwerp te enthousiasmeren, maar al snel was dat niet meer nodig. ‘Blockchain is echt een hype geworden. Dat heeft natuurlijk ook met de bitcoin te maken, zelfs mijn moeder weet nu wat dat is. De nieuwsgierigheid naar blockchain is daardoor snel gewekt. Bij workshops komen niet alleen ambtenaren die affiniteit hebben met technologie, ook ‘gewone’ ambtenaren zijn nieuwsgierig.’

De angst en onwennigheid bij gemeenten, zoals Pomp die eerder constateerde bij de opkomst van sociale media en innovatieve ondernemingen als Airbnb en Uber, is er bij blockchain niet. Pomp: ‘Een blockchain-experiment is ook goed te behappen als je het bijvoorbeeld vergelijkt met quantum computing of kunstmatige intelligentie, waar ook veel mogelijkheden liggen voor de overheid. Ik geef trainingen aan topambtenaren, die zijn heel welwillend. Ze hebben een goede basiskennis over technologie en stellen gerichte vragen.’

Het zou volgens Pomp goed kunnen dat bestuurders hebben geleerd van het verleden. ‘Gemeenten waren nogal laat met de internetrevolutie. We voeren nu pas de discussies over privacy en omgaan met data. Bestuurders willen beter voorbereid zijn op wat er aankomt qua nieuwe technologieën.’

Koplopers
Een blockchain is een openbaar, digitaal en decentraal bestand met gegevens. Alle gebruikers krijgen de exacte kopie. Iedere transactie in de blockchain wordt gevalideerd door het netwerk, via een ingewikkeld wiskundig protocol. De aanpassingen worden direct overgenomen op alle andere kopietjes van het bestand. Pilots met blockchain bij gemeenten zijn er inmiddels genoeg. ‘We hebben een groep koplopers, een stuk of vijftien gemeenten die al langer bezig zijn met pilots en waarbij er al een prototype van een toepassing is ontwikkeld. Deze gemeenten weten heel goed waar ze mee bezig zijn’ De gemeente Zuidhorn is met haar Kindpakket het bekendste voorbeeld onder de koplopers: een budget om kleding, schoolspullen of speelgoed te kopen voor kinderen die opgroeien in armoede. Met blockchaintechnologie is het mogelijk om de burger te laten betalen met een specifieke code. De verkoper krijgt vervolgens het geld voor de spullen direct op zijn rekening bijgeschreven, zonder tussenkomst van de gemeente.

Ook een combinatie van technologie, zoals de lantaarnpaal van de gemeente Alphen aan den Rijn die sensoren koppelt aan blockchain, vindt Pomp inspirerend. ‘De lantaarnpaal heeft een sensor die registreert of de lamp kapot is. Wanneer dit zo is, wordt er via een smart contract een opdracht uitgezet bij een monteur.’ Een vernieuwing die zelfs de interesse van Singapore heeft getrokken. ‘Het werkt nu, maar helaas nog slechts met één paal. Maar veelbelovend is het zeker.’

Een indrukwekkende pilot vindt Pomp die van Haarlem. De gemeente plaatst waardepapieren in de blockchain waardoor bewoners niet langer voor iedere aanvraag naar het gemeentehuis hoeven. ‘Wat ik vooral goed vind, is dat ze alles open source hebben gedaan en dit uitgebreid hebben gedocumenteerd op GitHub. Het is zo opgeschreven dat ook andere gemeenten kunnen volgen hoe zij het hebben gedaan.’ Veel gemeenten willen doorgaans met pilots vooral prestige vergaren en gaan voor een eigen project, stelt Pomp. ‘Dat zag je eerder met apps bouwen. Nu willen gemeenten meer samenwerken, valt mij op.’ Toch gaat het opschalen van goede projecten in andere landen vaak sneller. ‘Hier is altijd meer discussie. We werken ook met een andere, meer gedifferentieerde overheid dan in India, natuurlijk.’

Pomp besteedde veel van haar tijd aan het vinden van blockchainbouwers. ‘In het begin had ik geen flauw idee wie applicaties kon bouwen. Hoewel er inmiddels een aantal goede partijen in kaart is gebracht, blijft het voor de overheid toch lastig. Vaak zijn het alleen studenten of jongeren die het kunnen. IT-bedrijven hebben de kennis zelf niet in huis en moeten die eerst opbouwen. Studenten zijn eerlijker.

Ik vraag ze altijd vooraf of ze niet willen verzwijgen dat ze iets niet weten. Zo kunnen we hulp inschakelen van bijvoorbeeld de universiteit of andere experts. Bij IT-consultants werkt dit vaak toch anders, dan krijg je te maken met een imago dat op het spel staat.’ Pomp raadt gemeenten aan om vacatures te plaatsen voor blockchainbouwers. ‘De gemeente Zuidhorn deed dit heel goed. Die vond een stagiair die de drijvende kracht werd achter een project.’ Maar de schaarste onder blockchain-bouwers is wel een probleem. ‘Als iedere gemeente zelf aan de slag wil met het Kindpakket is er direct een probleem, want zo veel bouwers zijn er niet.’

Aanpraten
Nu meer gemeenten met blockchain aan de slag gaan, worden ook de hobbels en hindernissen zichtbaar. Pomp: ‘Met name op juridisch vlak valt er nog veel uit te zoeken. Bijvoorbeeld het recht om vergeten te worden: hoe kun je in de blockchain met persoonsgegevens werken? Als eenmaal iets in is opgeslagen, kun je het niet meer verwijderen. Je hebt bijvoorbeeld een aangiftesysteem, waarin verdachten worden vastgelegd. Als diegene later niet meer verdacht is, valt dat niet meer te wijzigen.’

Een pseudoniem of gegevens versleutelen zou een oplossing kunnen zijn. ‘Maar hoe zwaar moet die versleuteling zijn om dat goed te doen of is het beter om bij dit soort processen geen blockchain te gebruiken?’, vraagt Pomp zich af. Een andere hindernis is het laten communiceren van blockchaintechnologie met andere systemen.

‘Er zijn bovendien ook verschillende soorten blockchains, zoals Hyperledger en Ethereum. Die moeten wel op elkaar gaan aansluiten. En de veiligheid ervan is ook niet gegarandeerd: de bitcoin is nu wel heel robuust omdat er zoveel ‘kopieën’ zijn, maar bij een besloten blockchainsysteem is dat anders. Daar zal toch eerst ervaring mee moeten worden opgedaan. En ook qua regelgeving is er nog heel veel onduidelijk.’ Volgens Pomp zal vrijwel elke gemeente zich binnen afzienbare tijd met blockchain bezighouden. Ook vermoedt ze dat het niet lang zal duren voordat bewoners met eigen initiatieven gemeenten zullen meenemen. ‘Maar niet iedere gemeente is even goed onderlegd. Ze vertrouwen al snel de blockchainexpert en laten zich van alles aanpraten.’

Geld verdienen
Zelf zag Pomp op een blockchainbijeenkomst al eens een paar consultants de blockchainoplossing van de gemeente Zuidhorn voor het Kindpakket presenteren. ‘Ze vertelden dat ze gemeenten konden helpen met het implementeren van het Kindpakket. Terwijl wij hard werken aan opensource-oplossingen, wordt het dus alsnog ‘verkocht’. Inkopers hebben dat niet altijd even snel in de gaten. Die zijn nog gewend aan licentiemodellen en werken met leveranciers. Ze weten niet dat het met Blockchain anders kan.’

Volgens Pomp schieten de blockchainconsultants ‘als paddenstoelen uit de grond. Ik raad gemeenten aan om goed contact te houden met elkaar. Dat er mensen zijn die straks geld verdienen aan blockchain is niet erg, maar ik hoop wel dat gemeenten eerst zélf de kennis vergaren. Ze moeten zich verdiepen in de inkoop, omgaan met blockchaincode en nadenken over met wie ze in zee gaan. Informeer eerst goed bij collega-gemeenten. Blockchain begint een beetje wildwest te worden.’


Utrechts huishoudboekje op blockchain
Begin 2017 begon de gemeente Utrecht met een kleinschalig project: ‘Blockchain als huishoudboekje’. ‘We constateerden dat veel inwoners al langer in de problemen zitten omdat ze hun vaste lasten niet kunnen betalen’, vertelt gemeentelijk projectleider Pieter in ’t Hout. ‘We zijn als overheid steeds meer geld kwijt aan het oplossen van schuldproblemen. Kan dat nou niet anders?, vroegen we ons af.’

Voor directeuren binnen de gemeente Utrecht werd er onder meer een masterclass innovatie met informatie georganiseerd. De vraag was wat deze technologieën voor het armoedebeleid konden betekenen. In ’t Hout: ‘Er speelden diverse vragen. Bijvoorbeeld: waarom kan een gemeente niet gewoon geld aan iemand uitkeren wanneer alle informatie al in huis is? En: is het echt nodig dat iemand zelf nog alle aanvragen moet doen?’

Een ander, volgens In ‘t Hout ‘nogal wild idee’ dat ontstond was om iemand via een app te waarschuwen als hij of zij zijn geld dreigde uit te geven aan ‘verkeerde’ doeleinden. ‘Zoiets gaat natuurlijk veel te ver,’ zegt hij er gelijk achter aan, ‘maar het bevestigde ons wel dat we een compleet nieuwe richting konden zoeken voor dit probleem.’

Er werd een klein budget vrijgemaakt om uit te zoeken of er met blockchaintechnologie oplossingen konden worden gevonden. Na een aantal weken ontstond het idee voor ‘met blockchain geprogrammeerd geld’: een rekening waarop alle inkomsten van een inwoner binnenkomen en waarmee automatisch eerst de vaste lasten worden betaald. Dankzij blockchain kan dit geld zonder tussenkomst van de inwoner door de gemeente worden geïncasseerd en overgemaakt aan een derde partij. Een huishoudboekje op blockchain dus, waardoor mensen met schulden zich geen zorgen meer hoeven te maken over het betalen van hun energie, water, huur en zorgverzekering. Dat zijn nu net de lasten die heel veel tijd en moeite kosten, zoals huisuitzettingen, wanneer ze niet betaald worden. ‘Maar het programmeren van geld bleek eigenlijk niet nodig. Een aparte bankrekening en een ‘knop’ waarmee een bewoner ermee kan instemmen dat het geld op een gemeentelijke rekening binnenkomt, was genoeg.’

Inmiddels draait de pilot met vijf deelnemers. Als je eerst over alle problemen en hindernissen denkt, kom je volgens In ’t Hout nooit tot iets nieuws. ‘Je moet niet in beperkingen denken, het is goed om nu ervaring op te doen en zo te bekijken waar de hindernissen écht liggen.’ Het huishoudboekje bleek al snel technisch haalbaar. Daarna speelde de vraag of inwoners het zelf wel zouden willen: voorlopig blijken ze er positief over te zijn.’ Toch resteren nog diverse uitdagingen.

‘Als het lukt om rekeningnummers binnen vier weken om te zetten, dan kunnen we kijken hoe we grotere aantallen inwoners van het Huishoudboekje gebruik kunnen laten maken.’ Intussen kijken partijen als Schuldenlab070 en gemeente Amsterdam nieuwsgierig mee met de ontwikkelingen. In ’t Hout geeft de tip om bij innovatieve trajecten, zoals blockchainprojecten, vooral alles te valideren. ‘Bij je inwoners, maar ook bij partijen als de Belastingdienst of andere gemeenten waarmee we samenwerken. Bij iedere kleine stap die je zet moet je betrokkenen navragen of het kan en of het werkt.’ Ook waarschuwt hij gemeenten voor dure innovatieve oplossingen vanuit de markt. Apps die gemeenten veel geld kosten en die niet bewezen werken bij bewoners.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.