of 63372 LinkedIn

De oploop te lijf

© Shutterstock
© Shutterstock

Met behulp van druktemeters informeren gemeenten en provincies hun bewoners en bezoekers over de actuele drukte op populaire plekken. Veel aandacht gaat naar privacy, minder naar manieren om het effect te meten.

Druktemeters moeten bezoekers beter spreiden

‘Druk op ‘te druk’-knop en de binnenstad gaat op slot’ schrijft De Stentor begin juni. De kop heeft betrekking op het ‘coronadashboard’ dat door onderzoekers van hogeschool Saxion in Enschede is ontwikkeld. Op een online stadsplattegrond zie je waar het druk is en hoe het publiek de binnenstad beleeft. Ook kan worden afgespeeld hoe eerder ontstane drukte zich ontwikkelde. Het dashboard is oorspronkelijk bedoeld om beleidsmakers en ondernemers bij te staan, maar kan – met wat aanpassingen – worden ingezet bij de handhaving van de coronamaatregelen, zegt Mettina Veenstra, lector Smart Cities bij Saxion.

Bij de start van de lockdown in maart heeft de onderzoeksgroep van Veenstra net een onderzoek afgerond naar data voor vitale binnensteden. Sinds eind 2017 buigen ze zich over manieren om gemeenten te voorzien van realtime informatie over drukte in en de beleving van bezoekers van binnensteden. Daar is veel behoefte aan. De deelnemende gemeenten willen met behulp van data inzicht krijgen in de impact van interventies die ze doen om hun binnensteden aantrekkelijk te houden voor bezoekers, zoals het ophangen van versiering, het organiseren van een festival of het aanpassen van het straatmeubilair of de beplanting. Data uit sensoren – op kruispunten, in parkeergarages en op wegvakken rond het centrum – in de pilotsteden Deventer, Amersfoort en Zwolle bieden actueel inzicht in de hoeveelheid mensen op verschillende plekken. Om grip te krijgen op de beleving en tevredenheid van bezoekers worden gps-trackers met ‘like’-knop, een experience sampling-app en een VR-enquête ingezet.

Dan komt corona. Opeens is de vraag niet hoe een achterafstraat beter profiteert van de koopavond, maar hoe een teveel aan bezoekers uit de hoofdstraat kan worden geweerd. ‘Aan alle kanten werd ik benaderd over het dashboard,’ zegt Veenstra. ‘Gemeenten wilden graag voorkomen dat de politie drukke winkelstraten moest ‘schoonvegen’, zoals onder meer in mei in Apeldoorn gebeurde. Ook toeristische trekpleisters, veiligheidsregio’s en brancheorganisaties voor winkeliers toonden interesse om met behulp van het dashboard bezoekers beter te spreiden.’

Inspireren
Ondertussen is het november. De ene na de andere gemeente ontwikkelt met behulp van private partijen een druktemeter voor het publiek, maar het vrijwel kant-en-klare coronadashboard van Saxion is nog altijd nergens in gebruik. Dat verbaast Veenstra niet echt. ‘Wij doen innovatief, praktijkgericht onderzoek en ontwikkelen software waarmee we pilots uitvoeren. Met onze onderzoeksresultaten willen we bedrijven en gemeenten inspireren. Er zijn twee bedrijven die ideeën uit onze software hebben overgenomen in hun dashboard voor gemeenten. Verder zijn we gevraagd voor een onafhankelijk advies op dit gebied voor de toeristische sector en voor een vervolgonderzoek samen met de Hogeschool van Amsterdam.’

Gefrustreerd is ze niet. ‘Het is sowieso goed om dit te hebben. Gemeenten of retailers die geïnspireerd zijn geraakt, kunnen altijd putten uit onze geleerde lessen.’ Die zijn verzameld in de publicatie ‘Data voor vitale binnensteden’.

Eén van de geleerde lessen van Saxion is dat privacy vooraf moet worden meegenomen in het ontwerp van een druktemeter: privacy by design is een absolute voorwaarde om data over mensen in de publieke ruimte te verwerken tot nieuwe inzichten. ‘Mensen hebben schoon genoeg van technologie die zich ongevraagd informatie over je eigen maakt,’ zegt Veenstra. Halverwege haar onderzoek staat de Autoriteit Persoonsgegevens wifitracking (het oppikken van wifi- signalen van telefoons, onder andere om passanten in binnensteden te tellen) alleen nog toe onder hoge uitzondering. Daarmee valt een belangrijke databron weg. Een domper voor het onderzoek, maar afgezien daarvan juicht Veenstra het toegenomen privacybewustzijn in Nederland alleen maar toe.

Daarmee lijkt het inderdaad wel snor te zitten, in elk geval onder media die over druktemeters berichten. ‘Het is het enige waar journalisten naar vragen,’ verzucht Adriaan van der Giessen, projectleider van SpotRotterdam, de druktemeter van Rotterdam. Sinds augustus is SpotRotterdam live in een testversie op app.spotrotterdam. nl. Met behulp van kleuren op een kaart geeft deze druktemeter aan waar het drukker of juist rustiger is dan normaal is. Die informatie is gebaseerd op locatiedata van bijna een miljoen Nederlandse smartphonebezitters. Bij het installeren van een aantal bekende nieuws-, weer- en verkeersapps wordt gebruikers toestemming gevraagd om locatiegegevens te gebruiken voor ‘marketing- en analytische doeleinden’.

Indicatie
Je kunt je afvragen of de toestemmers zich daar bewust van zijn en of ze enig idee hebben van wat er met hun gpsda ta gebeurt. Toch lopen ze in het geval van SpotRotterdam weinig privacy-risico: Rotterdam heeft alleen een indicatie van hoeveel mensen waar zijn, maar niet wie ze zijn. De data zijn niet te koppelen aan individuen. En ze worden ingezet voor een goed doel, zegt Van der Giessen. ‘We maken de druktemeter onder andere voor Rotterdammers met een zwakke gezondheid, die bijvoorbeeld willen weten of het verstandig is om nu naar de apotheek te gaan.’

Ook bij Intemo, leverancier van sensoren, zijn ze zich bovenmatig bewust van het privacyvraagstuk. Hun passantenteller kan voetgangers, fietsers, bussen en auto’s van elkaar onderscheiden en bepalen in welke richting ze zich bewegen. Noem het vooral geen slimme camera, benadrukt een woordvoerder, want dat roept verkeerde associaties op. Het enige wat dit systeem produceert, is een AVG-proof grafisch beeld van de omgeving waarop met streepjes en puntjes bewegingen van passanten worden weer gegeven. Het is een hulpmiddel voor verkeerskundigen, bijvoorbeeld bij de herinrichting van een verkeersplein, en ook retailers gebruiken het graag. Maar een druktemeter voor ondernemers, zoals Nijmegen die vorig jaar ontwikkelde, kan in coronatijd ook worden ingezet om het publiek te informeren over drukte in de binnenstad. De Nijmeegse druktemeter is te vinden op nijmegen.nl/tellingen.

De belangstelling van gemeenten voor druktemeters is onverminderd groot, merken ze bij Intemo. Na Nijmegen worden de gemeenten Eersel en Utrecht voorzien van hun sensoren, en ze zijn in gesprek met Eindhoven en Amersfoort. Utrecht zet het systeem in om samen met Utrecht Science Park een deel van de campus te monitoren en coronaproof te maken. De gemeente wil onder meer bepalen waar fysieke scheidingen nodig zijn om looproutes af te bakenen, waar obstakels juist moeten worden weggehaald omdat ze voor filevorming op het trottoir zorgen. In het geval van een avondklok zou het systeem ook beweging op straat kunnen detecteren en dus kunnen helpen bij gerichte handhaving. Maar, benadrukt de woordvoerder: het systeem kan niet ‘zien’ om wie het gaat.

Te vol
Sommige druktemeters zijn juist wel gebaseerd op waarnemingen. Provincie Gelderland lanceerde in juni de druktemonitor, net op tijd voor de stoet vakantievierders in eigen land. Met gekleurde bolletjes gaf de ‘monitor bezoekersdrukte’ aan op welke populaire Gelderse plekken het rustig was en waar het te vol raakte. Die informatie kwam van 350 ‘lokale experts’ die meermaals per dag aangaven hoe druk het was en wat ze verwachtten van de komende dagen. Onder de experts bevonden zich zowel handhavers als horecaondernemers. Die menselijke benadering was meteen het zwakke punt van de monitor, schreef de Volkskrant. De actuele status werd niet altijd goed bijgehouden, omdat het er bij drukte wel eens bij inschoot. En wat een boa ‘veel te druk’ noemt, kan in de beleving van een ondernemer vallen onder ‘gezellige aanloop’.

Tegenstrijdige belangen spelen wel vaker mee. Zo werd SpotRotterdam ontwikkeld door de afdeling Economie. ‘Het is een positief bedoeld instrument, dat laat zien wat er nog mogelijk is,’ zegt Adriaan van der Giessen. Daar zit een zekere spanning, erkent hij, vooral nu de boodschap van de gemeente tegelijkertijd is dat mensen zo veel mogelijk thuis moeten blijven om de druk op de zorg beheersbaar te houden. Net als andere druktemeters legt Spot- Rotterdam de keuze om al dan niet af te zien van een bezoek bij gebruikers zelf.

Lastig
Niet onbelangrijk is de vraag is of het werkt. Checken bewoners een druktemeter voordat ze de binnenstad bezoeken? Laten toeristen de keuze voor een attractie afhangen van de kleur van een druktemeter? Dat is lastig te bepalen, ook omdat veel gemeenten nog maar net gebruikmaken van dergelijke systemen. Zo liet de gemeente Nissewaard in de zomer van 2020 een passantenteller installeren in de stadhuispassage van Spijkenisse. Op shoppeninspijkenisse.nl/druktemeter kunnen bewoners en bezoekers checken of ze er verstandig aan doen om de passage te bezoeken. Een woordvoerder van de gemeente stelt dat het gebruik nog niet heeft geleid tot afsluiting van looproutes omdat er te veel mensen in dat gebied waren. ‘Als dat het criterium is, dan werkt de druktemeter dus.’

Maar de situatie is eigenlijk onvergelijkbaar met die vóór corona, omdat bezoekers gericht hun inkopen doen en direct weer vertrekken uit het centrum. De ‘monitor bezoekersdrukte’ van Gelderland is na de zomer offline gehaald, volgens Toerisme Veluwe Arnhem Nijmegen omdat het beoogde doel was bereikt. Uit een enquête die de marketingorganisatie hield onder 627 gebruikers blijkt dat 88 procent van hen de plannen aanpaste als de monitor daar aanleiding toe gaf. In totaal werd de monitor meer dan 475.000 keer bezocht. De meeste bezoekers op één dag (29.152) waren er op 31 juli, een dag die de geschiedenis in ging als de warmste 31 juli in Nederland ooit.

Andere factoren
Zou het effect van een druktemeter na verloop van tijd af te lezen zijn aan de druktemeter zelf, bijvoorbeeld doordat er meer spreiding plaatsvindt of omdat het op minder plekken druk is dan voorheen? Onwaarschijnlijk, zegt Van der Giessen van SpotRotterdam. ‘Er zijn te veel andere factoren die bepalen hoe druk het ergens is, zoals het weer of evenementen.’ Voor inzicht in het effect van de druktemeter beschikt hij over een analyticsachtige tool, die laat zien hoe bezoekers de website gebruiken. Daarnaast is er een burgerpanel betrokken bij het testen van SpotRotterdam en kunnen gebruikers zelf feedback geven over de ervaren drukte op hun locatie. Maar voorlopig zitten ze bij SpotRotterdam nog volop in het bouwproces en valt er aan de achterkant van de tool van alles te verbeteren.

Van der Giessen: ‘We zullen het niet alleen van de kwantiteit, maar vooral van de kwaliteit van de informatie moeten hebben. Je wil een zo nauwkeurig mogelijk beeld schetsen.’ Het model leert op basis van historische data. De toevoeging van andere databronnen, zoals verkeersdata en gegevens van vervoersbedrijven, zou het in staat kunnen stellen om later ook voorspellingen over drukte te doen. Maar dat maakt het ook ingewikkelder, want hoe verhouden die databronnen zich tot elkaar? Het is een onderwerp waar Saxion momenteel ook onderzoek naar doet met verschillende groepen studenten. Idealiter wordt de druktemeter van Rotterdam doorontwikkeld in samenwerking met andere gemeenten. Rotterdam is daarover in gesprek met Amsterdam en Almere. Ook het eerste contact met Mettina Veenstra van Saxion is inmiddels gelegd. 

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.