of 60220 LinkedIn

Basisonderwijs en jeugdhulp

Goede samenwerking tussen het basisonderwijs en de jeugdhulpverlening (jeugdzorg en jeugdGGZ) kan veel onnodig beroep op dure jeugdzorg voorkomen.

 De basisschool is een belangrijke vindplaats voor (beginnende) jeugdzorgproblematiek. Docenten zien de kinderen vijf dagen in de week en beschikken daarmee over belangrijke informatie over het gedrag van kinderen ten behoeve van vroegsignalering. Docenten beschikken daarmee ook over informatie of de ingezette zorg helpt of niet. Docenten moeten natuurlijk primair lesgeven, maar kunnen vaak met eenvoudige tips van jeugdzorgwerkers een bijdrage leveren aan het oplossen van jeugdzorgproblematiek. Dan moeten ze natuurlijk wel weten wat er met het kind aan de hand is en wat daaraan vanuit de jeugdzorg en jeugdGGZ gedaan wordt. Korte lijnen tussen docenten en jeugdhulpverleners zijn daarvoor cruciaal, evenals een gezamenlijk totaaloverzicht ten aanzien van alle met betrekking tot het kind en het gezin ingezette acties.

 

Te vaak maak ik nog mee dat de samenwerking tussen basisschool en jeugdhulp niet goed werkt. Dat uit zich vaak in de vorm van stevige kritiek van docenten op trage procedures, gebrek aan doortastend optreden en het gevoel van het kastje naar de muur gestuurd te worden. Bureau Jeugdzorg is dan vaak het kristallisatiepunt van de onvrede. Als ik dan in de casuïstiek duik, dan kom ik een scala aan oorzaken tegen. In vrijwel alle gevallen is sprake van zeer bevlogen en betrokken hard werkende docenten en jeugdhulpwerkers die met de beste intenties proberen te doen wat nodig is voor de kwetsbare kinderen in kwestie. Maar doordat ze te veel langs elkaar heen werken wordt niet het gewenste resultaat voor het kind bereikt, met alle frustratie die dat met zich mee brengt.

 

Een van de disfunctionele patronen waarin docenten gevangen zitten is, dat ze zelf met de beste intenties maar zonder afstemming acties gaan ondernemen. Zonder afstemming, omdat ze het lastig vinden om samen met Bureau Jeugdzorg het gesprek aan te gaan met ouders uit angst om de relatie met ouders in de waagschaal te stellen. Zonder afstemming, omdat ze geen tijd hebben om deel te nemen aan uitvoeringsoverleggen vanwege een toch al overladen onderwijslast. Tijd die ontbreekt, omdat docenten te weinig ontzorgt worden door de gebrekkige zorginfrastructuur op de school en/of omdat jeugdhulpwerkers te weinig naar de school toekomen.

 

Zo ken ik een zaak waarin de jeugdhulpwerker van de school niet direct mocht communiceren met de docent, omdat alles via de intern begeleider moest lopen. Maar die was langdurig ziek, waardoor de docent in het ongewisse bleef. De jeugdhulpwerker kon moeilijk contact leggen met moeder, terwijl een telefoontje van de docent een paar weken later voldoende bleek om moeder aan tafel te krijgen. Iedereen blij! In een andere zaak werkte Bureau Jeugdzorg prima samen met de school, maar gingen de betrokken docenten ook nog eens op eigen houtje aan de slag. Deels met prima acties voor de kinderen, maar deels doorkruisten ze met hun goed bedoelde solistische acties ook het zorgvuldig uitgezette plan om ouders weer in hun kracht te zetten in plaats van ze te bevestigen in hun slachtofferschap.

Pogingen om in gesprek te komen werden afgewimpeld, vanwege gebrek aan tijd om deel te nemen aan gezamenlijk overleg. Daardoor ontbrak het de docenten ook aan het overzicht met betrekking tot wat er allemaal al werd gedaan om de problemen op te lossen. Wat het gevoel bij de docenten weer versterkte dat er te weinig werd gedaan, waardoor ze solo nog harder gingen duwen en trekken. In weer een andere zaak verbaasde een directeur zich over het verzoek van Bureau Jeugdzorg om samen met de ouders in gesprek te gaan over het problematische gedrag van hun kind waarover de school zich grote zorgen maakte. Dit zou de toch al wankele vertrouwensrelatie met de ouders te veel op het spel zetten.
 

De angst van ouders dat jeugdzorg je kinderen bij je weg haalt is voor veel scholen ook reden om erg lang te wachten met het doen van een zorgmelding. Op zo’n moment is de problematiek vaak al onnodig verergerd, wat de samenwerking vervolgens weer extra onder druk zet. De school dringt aan op snel en vergaand ingrijpen, omdat ze inmiddels met de handen in het haar zit, terwijl Bureau Jeugdzorg eerst nog alles wil doen om ondertoezichtstelling of uithuisplaatsing te voorkomen.

 

Natuurlijk is het zo dat er ook aan de jeugdhulpkant nog wel eens wat mis gaat, waardoor basisscholen worden bevestigd in hun afhoudende opstelling. Zo schiet het goed betrekken en op de hoogte houden van docenten er nog te vaak bij in bij de net zo druk bezette gezinswerkers. Ook het doortastend voeren van regie in complexe situaties met veel betrokkenen is soms nog voor verbetering vatbaar. En zo ontstaat dan al snel het beeld van vele hard werkende jeugdhulp- en onderwijsprofessionals die er toch onvoldoende met elkaar in slagen om te doen wat nodig is voor de kwetsbare kinderen in kwestie. Het is in dit soort situaties van cruciaal belang dat alle betrokkenen snel om de tafel gaan om de frustraties gezamenlijk te bespreken en productief te maken. Desnoods door weerbarstige knelpunten te escaleren naar directieniveau, zodat op dat niveau kan worden gewerkt aan het creëren van de randvoorwaarden die nodig zijn om de betrokken professionals (weer) optimaal te laten samenwerken. In de helaas nog te schaarse gevallen waarin wel tijdig werd geëscaleerd, bleek het altijd mogelijk om de samenwerking weer te herstellen, door gezamenlijk te leren van gemaakte fouten.

 

Het is dus meer dan de moeite waard om meer werk te maken van de samenwerking tussen basisonderwijs en jeugdhulp. Basisonderwijs en jeugdhulp hebben elkaar veel te bieden, te beginnen met hardwerkende frontlijnprofessionals met een passie voor kinderen die elkaars werk een stuk gemakkelijker kunnen maken. Ontzorgde docenten, outreachende gezinswerkers, korte lijnen, periodiek uitvoeringsoverleg met alle betrokken professionals en de ouders en snel escaleren van knelpunten in plaats van beschuldigend naar elkaar wijzen, vormen evenzoveel pijlers op basis waarvan een vruchtbare samenwerking kan worden vormgegeven. Ik ben er van overtuigd dat het basisonderwijs dan een plek wordt waar veel beginnende jeugdzorgproblematiek in de kiem kan worden gesmoord.

Erik Gerritsen 

Verstuur dit artikel naar Google+

Vacatures

Dossier: coronavirus

Afbeelding

 

In dit dossier leest u alle artikelen van Binnenlands Bestuur over het coronavirus.