of 59274 LinkedIn

‘Met goede bedoelingen’ blootgesteld aan gif

Louis van Overbeek Reageer

Onlangs is een rapport verschenen over de Tilburgse chroom-6 affaire. Hierbij moesten bijstandsgerechtigden in een NS-werkplaats oude treinstellen afschuren voor het Spoorwegmuseum, waarbij zij zijn blootgesteld aan het kankerverwekkende antiroestmiddel chroom-6.

De bevindingen van dit rapport van de ‘Onafhankelijke Onderzoekscommissie Tilburg Chroom-6’ werden in de media als ‘keihard’ in de richting van de gemeente en de NS bestempeld. De commissie vindt dat de gemeente haar zorgplicht voor deze burgers heeft verwaarloosd en dat zij recht hebben op compensatie.

 

Ook rekent de commissie het de gemeente aan dat de deelnemers aan het traject niet vrijwillig voor het werk aan de museumtreinen hebben kunnen kiezen, maar verplicht waren eraan deel te nemen als voorwaarde voor het krijgen van een bijstandsuitkering.

 

Opmerkelijk hierbij is dat commissie enerzijds kritiek heeft op het gedwongen karakter van het werk, maar anderzijds stelt dat deze dwang paste binnen de toen geldende wetgeving en door de gemeente ‘met goede bedoelingen’ werd toegepast: ‘Deze aanpak paste binnen de dan geldende Wet werk en bijstand. Tilburg legde binnen die wet eigen accenten. Met goede bedoelingen, stelt de Commissie vast.’

 

Men vraagt zich af waarom die ‘onafhankelijke commissie’, zoals zij overal nadrukkelijk wordt geafficheerd, zo overtuigd is van de goede bedoelingen van de gemeente Tilburg. Waarop de ‘vaststelling’ is gebaseerd, wordt in ieder geval niet duidelijk uit het rapport. Is de commissie onbekend met de oude notie dat mensen geneigd zijn tot het kwaad, zeker wanneer die keuze door gezagsdragers en een peer group wordt gepromoot en er dus sprake is van druk om zich te conformeren? En is die commissie eigenlijk wel zo onafhankelijk? Zij is immers ingesteld door de gemeente Tilburg zelf.

 

Voor wie de berichtgeving over de ‘hervormingen’ in de sociale zekerheid enigszins heeft gevolgd kan het geen nieuws zijn dat gedwongen arbeid voor bijstandsgerechtigden in Nederland al al sinds 2004 staande praktijk is, ondanks het feit dat deze in strijd is met artikel 4 van het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens .

 

Bijzonder aan het Tilburgse geval is dat gedwongen arbeid gepaard ging met het verzaken van de zorgplicht door de gemeente en met grove schendingen van de Arbowet. Maar ook deze combinatie is niet zonder precedent. Het beruchtste voorbeeld hiervan is het zogenaamde Hembrugproject van de gemeente Amsterdam. Dat vond plaats rond 2010 onder de verantwoordelijkheid van de toenmalige wethouder Van Es (GroenLinks). Hierbij werden Amsterdamse bijstandsgerechtigden gedwongen om een voormalig militair terrein, dat verontreinigd was met resten van munitie, mosterdgas, asbest en andere schadelijke stoffen klaar te maken voor commerciële ontwikkeling.

 

Anders dan in het geval van het Amsterdamse reïntegratieproject, waar weinig ophef over ontstond, was de landelijke politiek in reactie op de Tilburgse kwestie ‘geschokt’. 

 

Wordt het zo langzamerhand niet eens tijd om, in plaats van te zwijgen of ritueel verbijsterd te zijn, een parlementaire enquête te starten naar al die gedwongen tewerkstelling van bijstandsgerechtigden die door hun gemeenten in strijd met internationale verdragen verplicht, onbetaald te werk zijn gesteld en daarbij vaak ook nog onheus zijn bejegend en blootgesteld aan giftige stoffen?

 

Louis van Overbeek

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.