of 59329 LinkedIn

Tijd is rijp voor nieuwe visie op overheidstaken

Roeland Gouw en Mark Houdijk Reageer

Uitbesteden of zelf doen? Die vraag stellen bedrijven zich al enkele decennia. Steeds vaker is het antwoord uitbesteden, vaak in de vorm van Business Process Outsourcing (BPO). Vanwege de kostenvoordelen en de toegang tot meer kennis en ervaring. Maar hoe zit dat bij de overheid? Daar is het tijd voor een paradigmawisseling. Op weg naar een echte kerntakendiscussie.

Bij uitbesteden werd eerst vooral gedacht aan bijvoorbeeld salarisadministratie en ICT, later ook HR en catering. Organisaties profiteerden van de voordelen en konden zo focussen op de kerntaken. Zij verlaagden of flexibiliseerden de kosten, terwijl de service verbeterde. Pas recent kreeg ook Legal Process Outsourcing (LPO) – het uitbesteden van juridische dienstverlening – meer aandacht. Het onderdeel waar wij als juristen met extra belangstelling naar kijken.
 

Vraag is of juridische dienstverlening de volgende uit te besteden taak wordt bij de overheid. Die vraag wordt steeds actueler, nu voortdurende bezuinigingsrondes de bestuursorganen dwingen om na te denken over hun kerntaken. Bij nieuwe bezuinigingen heroverwegen veel gemeenten hun bestaande taken: Wat zijn onze kerntaken? Wat moeten we zelf doen? Zoals bekend krijgen gemeenten er de komende jaren nieuwe taken bij die deze vragen alleen maar prangender maken.

 

Bij de toenemende focus op kerntaken moet ieder bestuursorgaan zichzelf de vraag stellen waarom zij – grote aantallen – medewerkers heeft aangesteld voor het afhandelen van bezwaar- en beroepszaken. Bezwaar en beroep is immers geen kerntaak. Kerntaak is de dienstverlening aan de burger. Slechts in een klein aantal gevallen volgen daar procedures uit. Moet het bestuursorgaan deze zelf uitvoeren? Nee. Zolang de juiste persoon autoriseert, maakt het niet uit wie het werk uitvoert. Het bestaansrecht van een bestuursorgaan is niet de uitvoering van bezwaar- en beroepschriften. Wel is het de verantwoordelijkheid van de organisatie om dit werk zo goed mogelijk af te handelen.
 

In het sociaal akkoord van 11 april tussen kabinet en sociale partners is vastgelegd dat flexibele arbeid vanaf 1 januari 2015 wordt ingeperkt. Gevolg is dat bestuursorganen van het kabinet minder mogelijkheden krijgen om met eigen personeel piekwerk te doen. Reden te meer om na te denken waarom je dat werk zelf zou willen uitvoeren.

 

Nu overheden op zoek moeten naar verdergaande besparingen barsten de kerntakendiscussies ongetwijfeld los. En daarmee ook de discussies over de werkwijze van bestuursorganen. Dat maakt de tijd rijp voor een paradigmawisseling. De vraag moet fundamenteel anders. Niet ‘waarom zouden we uitbesteden’, maar ‘waarom zijn bestuursorganen nog steeds zo groot’. Wat zijn de kerntaken van een bestuursorgaan?

 

Elke organisatie moet voor zichzelf beslissen welke taken zij zelf uitvoert en welke niet. Hierbij spelen tal van factoren een rol. Bestuursorganen moeten aan de hand van deze factoren een goede analyse maken en zo de vraag beantwoorden of het werkelijk van belang is activiteiten zelf uit te voeren. Feit is dat de tijd nog nooit zo gunstig is geweest voor één van de alternatieven: het uitbesteden van werk. De kosten zijn door de moordende concurrentie op de markt voor juridische dienstverlening aantrekkelijk. Door diezelfde concurrentie zal het geleverde werk van hoge kwaliteit zijn. Bovendien lopen organisaties bij uitbesteden geen risico’s als het sociaal akkoord tot uitvoering komt.

 

Kortom: er zijn goede argumenten voor outsourcing, maar wat ons betreft raken ze niet de kern. De kern ligt in de vraag waarom de samenleving zou moeten accepteren dat niet alle overheidsorganisaties optimaal flexibel zijn. Dat nu is een goed startpunt voor een kerntakendiscussie.

 

Roeland Gouw, business consultant Bezwaar en Beroep bij Balance – Advies, Projecten, Interim en Mark Houdijk, business consultant Sourcing Advice

Verstuur dit artikel naar Google+