of 59318 LinkedIn

Twee nieuwe landen

Vorige week was ik op de Erasmus Universiteit aanwezig bij een debat tussen Curaçaose en Arubaanse studenten die in Nederland wonen waarbij gediscussieerd werd over de wenselijkheid van een eventuele terugkeer naar de eilanden.
Veel studenten afkomstig uit de West volgen een opleiding in Nederland en een groot deel daarvan gaat niet direct terug maar blijft hier om een baan te zoeken. Gesteld kan wel worden dat er sprake is van een aanzienlijke braindrain.

De keuze tussen terugkeren naar de Antillen en Aruba en blijven in Nederland is momenteel bijzonder actueel en relevant. In het Caribische gedeelte van het Koninkrijk wordt zoals bekend namelijk hard gewerkt aan de opbouw van twee nieuwe landen, Curaçao en Sint Maarten. Beide eilanden hebben grote behoefte aan hoogopgeleide mensen. Hun bijdrage is cruciaal om het opzetten van de nieuwe overheidsapparaten te laten slagen. Vandaar dat Curaçao en Sint Maarten hun voormalige bewoners proberen te verleiden om terug te komen.

Voornamelijk op Sint Maarten is de situatie redelijk nijpend. Op Curaçao, waar de regering van de Nederlandse Antillen momenteel gevestigd is, kunnen in zekere mate de structuren van het land de Nederlandse Antillen gebruikt worden als basis en model, maar dat is op Sint Maarten niet het geval. Er moet een geheel nieuw apparaat komen, maar qua personeel en expertise is er sprake van tekorten. In totaal is er na het ingaan van de nieuwe verhoudingen behoefte aan 300 tot 400 extra mensen.

Als die mensen er niet zijn wordt het moeilijk om een slagvaardig ambtenarenbestand neer te zetten, wat het dan weer moeilijk maakt voor Sint Maarten om al de taken over te nemen die momenteel uitgevoerd worden door het land de Nederlandse Antillen. De consensus onder de verschillende fracties in de Tweede Kamer is dat Sint Maarten waarschijnlijk niet op tijd klaar zal zijn voor volledige zelfstandigheid binnen het Koninkrijk. De regering heeft daarom nu een Algemene Maatregel van Rijksbestuur in voorbereiding voor een vorm van verhoogd toezicht.

Verhoogd toezicht betekent dat alle landstaken die Sint Maarten nog niet zelfstandig uit kan oefenen onder de verantwoordelijkheid zullen gaan vallen van de rijksministerraad totdat wel aan alle eisen voor volledige zelfstandigheid is voldaan. Deze fase zou natuurlijk zo kort mogelijk moeten duren. Een sterke overheid is daarvoor essentieel, maar het is onwaarschijnlijk dat deze gerealiseerd kan worden zonder al die talentvolle mensen die de Antillen in het verleden verlaten hebben. Een roeping dus.
Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Peter Bruns (jurist) op
Geachte heer Leerdam,
Het is inderdaad wenselijk dat meer goed opgeleide Antillianen terugkeren om deel te nemen aan het lokale bestuur aldaar, maar in de praktijk ligt dat niet zo eenvoudig. Allereerst zijn de salarissen daar nog altijd significant lager. Daar komt bij dat de corruptie op vooral St. Maarten zo groot is dat je als jonge ambtenaar bijna niet anders kunt dan ook daarin mee te gaan. De ''bovenwindentoeslag'' is voorts niet van toepassing voor Nederlanders met een Antilliaanse achtergrond. Er zijn eigenlijk geen enkele 'pull-factoren'' die het werken voor de Antilliaanse overheid stimuleren. Goed opgeleide Antillianen kiezen daarom vaak ervoor om in Nederland te blijven of indien zij terugkeren aldaar in het bedrijfsleven aan de slag te gaan. Vooral op Sint Maarten is de kwaliteit van het openbaar bestuur schrijnend, ten nadele van het hele eiland. Nederland is altijd al een slordige kolonisator geweest, en schijnt zich ook in de nieuwe verhoudingen weinig te interesseren in het wel en wee van de gewone bevolking van St. Maarten, d.w.z. de niet-mafiosi of Amerikaanse profiteurs die daar allang de rol van de Hollanders hebben overgenomen. Werd het zout vroeger gewonnen voor de Hollande haring, thans wordt het eiland volgebouwd om de bankrekeningen van dubieuze trustvennootschappen te spekken. Welhaast niets van de zeer lucratieve toeristenindustrie vloeit terug naar de bevolking. Het is een schande die al eeuwen duurt en die niemand het nog opmerkt. Met als slap excuus dat dat nou eenmaal bij de Caribische mentaliteit zou horen.