of 63372 LinkedIn

Regeren vraagt om interbestuurlijk handelen

Cees Roem 1 reactie

Van links tot rechts heeft iedereen ineens de mond vol van cultuurverandering. Ofwel verandering in de verhoudingen tussen macht en tegenmacht, tussen kabinet en Tweede Kamer alsmede hieraan gekoppelde termen als transparantie, openheid en nieuw in te voeren politieke omgangsvormen. Een dergelijke cultuurverandering vergt minstens twee regeerperiodes.

Waar valt dan wél op kortetermijnwinst te halen? Winst met als doel om het vertrouwen onder burgers in hun overheid te vergroten en de reputatie van ons openbaar bestuur te verbeteren. Ik zeg met nadruk ‘verbeteren’. Want op de keper beschouwd is er niets mis met ons openbaar bestuur. Zowel landelijk, provinciaal als lokaal zitten hardwerkende ambtenaren en bestuurders zich dag in dag uit voor de publieke zaak uit de naad te werken. Waar het aan schort is veelal de integrale samenwerking en sturing binnen en tussen overheidsorganisaties op gezamenlijke vraagstukken en dossiers. Waardoor feitelijk ambtenaar nummer 1 van ministerie X niet weet wat zijn collega ambtenaar nummer 2 van ministerie Y doet rond de afhandeling ervan. Dit verschijnsel heet eilandsamenwerking ofwel samenwerking voor de bühne, maar ondertussen vaart een ieder een eigen koers en ziet de burger zijn of haar vraag, dossier of initiatief wegzakken in moeras van verwijzingen tussen overheden onderling.

 

Wij hebben dit nadrukkelijk ervaren met de toeslagenaffaire waarbij in het eindrapport het langs elkaar heen werken van twee ministeries (Financiën en Sociale Zaken en Werkgelegenheid) rond hetzelfde onderwerp aan de orde kwam. Met als gevolg dat ouders van het kastje naar de muur werden gestuurd en veel erger zoals we hebben kunnen lezen. Vanzelfsprekend moet het leed van de gedupeerden snel worden opgelost, echter het eigenlijke probleem van gebrek aan integraliteit en voorkomen van eilandsamenwerking is evenzo nijpend. Hetzelfde gebeurt op lokaal of regionaal niveau. Neem als bijvoorbeeld de ketensamenwerking in de jeugdzorg of de samenwerking tussen vergunningverlenende instanties in het ruimtelijk domein.

 

De échte aanzet tot het herstel van vertrouwen en verbeteren van de reputatie van ons openbaar bestuur, zit hem op de lange termijn in cultuurverandering en op de korte termijn in procesverbetering tussen overheden, bestuursorganen en departementen onderling. Interbestuurlijk dient veel sterker op de uitdagingen waar Nederland voor staat te worden gestuurd. Of dat nu de energietransitie, de woningbouwopgave of de jeugdzorg is; die interbestuurlijke component hoort hoog op de agenda te staan tijdens de kabinetsformatie. Zodanig dat dit ook politiek kan worden geborgd.

 

Ik pleit voor een staatsecretaris Interbestuurlijke Zaken, die als onderdeel van het ministerie van Algemene Zaken mandaat heeft om in multidisciplinaire vraagstukken te interveniëren, aanwijzingen te geven en onderwerpen vlot te trekken. Je hoort nu al de roep om een minister van Wonen in de vorm van een ‘nationaal regisseur woningbouwopgave’. Trek het breder, trek het naar beleidsvelden en/of projecten waar een betere, interbestuurlijke samenwerking het verschil kan maken. Maak er een soort van politiek gelardeerde bestuursadviseur/procesmanager van enerzijds en cultuur coach anderzijds. Die vervolgens de Tweede Kamer in alle openheid informeert over wat goed en wat fout gaat, alsook waar risico’s aan (interbestuurlijke) projecten kleven. Dat begint bij een overheid die zich kwetsbaar durft op te stellen en niet wars van zelfreflectie is. 

 

Cees Roem, raadslid (VVD) van de gemeente Bergen (NH) en zelfstandig organisatie- en bestuursadviseur 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht