of 59123 LinkedIn

Provincies dagen rijk uit met prikkelende voorbeelden

Ward de Meulemeester 5 reacties

Recent hebben Flevoland, Gelderland, Noord Holland en Noord Brabant nieuwe (ontwerp) Omgevingsvisies uitgebracht. Het zijn niet langer dikke taaie visies. Het zijn beknopte documenten met een uitnodigende houding. De visies laten zien dat er ‘iets’ gaande is bij de provincies.

Structuurvisies en omgevingsplannen zijn decennia verplichte kost. In de loop van de tijd groeiden de visies op water, milieu, ruimte en mobiliteit uit tot omvattende integrale plannen. Met het streven naar integraliteit nam ook het aantal pagina’s van de visies toe: enkele honderden pagina’s waren geen uitzondering. Zie nu de nieuwste provinciale visies. Ze omvatten slechts enkele tientallen pagina’s.

 

FlevolandStraks en Gaaf Gelderland spannen de kroon met circa twintig pagina’s. Ook het taalgebruik is anders. Het is alledaagse taal. En evenzeer opvallend: de afwezigheid van plankaarten. Waar de plankaart het traditionele kroonjuweel was, bevatten drie van de vier Omgevingsvisies geen plankaarten meer. Wat is er gaande?

De basis voor het denken over omgevingsvisies ligt in de Omgevingswet en het onderliggend paradigma. Dit richt zich onder meer op de nieuwe verhoudingen tussen overheid en samenleving. De overheid heeft derden nodig om haar publieke rol effectief te vervullen. Zij moet allianties met (nieuwe) partners aangaan. Ruimte geven voor eigen verantwoordelijkheid. Scherp zijn waar zij van toegevoegde waarde kan zijn. Hiernaast is het een illusie dat plannen voor tientallen jaren kunnen worden vastgezet. Een lange termijn koers is mogelijk, maar is alleen op adaptieve, flexibele wijze realiseerbaar.

 

Dit denken heeft de provincies geïnspireerd. Zij hebben allen een radicale keuze gemaakt voor het werken ‘van buiten naar binnen’. In gesprek met velen is op zoek gegaan naar de strategische vraagstukken die voor de lange termijn van regionaal belang zijn. Vraagstukken waarbij de provincie een betekenisvolle constructieve bijdrage kan leveren. Het gaat daarbij om vraagstukken als de energietransitie, klimaatadaptatie, duurzame economie en netwerksteden. Maar in gesprek met de (nieuwe) buitenwereld komen ook verrassende vraagstukken op tafel. Zie bijvoorbeeld de opgave

‘Krachtige Samenleving’ in FlevolandStraks.

 

Bekende of onbekende vraagstukken: het zijn vraagstukken waarbij een bovenlokale aanpak logisch is. Noord Holland benoemt dit door: ‘lokaal wat kan, regionaal wat moet’. Opvallend is dat de visies de focus houden op deze opgaven. Elke visie bevat er niet meer dan vijf, zes of zeven. Er worden niet langer omvattende integrale beelden voor de gehele provincie geschetst.

 

De opgaven staan centraal. Hierbij is een opgave meer dan een enkelvoudig (beleids-)thema of project. Opgaven zijn complexer van aard. Deze kunnen alleen betekenisvol worden aangepakt middels een complex van projecten, acties en interventies samen met partijen. Gelderland geeft aan dat zij slechts een van de partijen is in een uitgebreid netwerk. In Brabant en Flevoland staat respectievelijk ‘Brabant vernieuwt samen’ en ‘Samen maken we Flevoland’.

 

Bij opgavegericht werken gaat het volgens de visies om gezamenlijke analyse, opgaveformulering en inzet om een ambitie te realiseren. Hierbij acteert iedere partij vanuit zijn belangen en mogelijkheden. Iedere speler voegt waarde toe. Dit wordt geduid met een coalition of the willing of middels het principe ‘doe mee en draag bij’. De combinatie van partijen, inbreng en intelligente procesarchitectuur zorgen voor een effectieve aanpak. Hierbij is er geen vaste rolverdeling. Het bekende credo van de provincie als regisseur komt in geen enkele visie terug. Kenmerkend is dat Noord-Holland in haar visie aangeeft dat zij zich ervan bewust is dat de nieuwe aanpak lenigheid van bestuurlijke en ambtelijke organisatie gaat vragen.

 

De visies richten zich op het benoemen van de strategische opgaven. Dan maken ze een scherpe knip. Ze bevatten geen uitvoeringsprogramma´s. De uitwerking en realisatie van de visies vindt cyclisch plaats via onder meer programma’s. Deze hebben een kortere doorlooptijd (circa vier jaar) dan de visie (circa 10 à 20 jaar). De wet biedt ruimte om een programma met meerdere partijen vast te stellen. Volgens Noord-Brabant geven programma’s de opvolgende provinciale besturen de ruimte  om in overleg met partners eigen accenten te geven aan de uitwerking van de visie. Dit komt overeen met de inzet van Flevoland. Hierbij staat aangegeven dat op deze wijze elke coalitie politiek kleur kan geven aan de realisatie van de opgaven in samenwerking met partijen.

 

De omgevingsvisies schetsen de eigentijdse houding van het middenbestuur. Dit vertaalt zich naar een focus op strategische opgaven voor de lange termijn, die met partners worden opgepakt. De provincies verkiezen hierbij een open houding in plaats van de sleets geraakte regierol. Hierbij krijgt de langetermijnkoers adaptief invulling met korte termijn instrumenten zoals programma´s.

 

Hiermee gaan de provincies in velerlei opzicht een interessante tijd tegemoet. Denk bijvoorbeeld aan de bestuurlijke en ambtelijke organisatie. Hoe gaan zij de ruimte creëren om op gelijke voet met partners de opgave aan te pakken? Of de wijze waarop de lange termijnvisies hun cyclische vertaling krijgen in interbestuurlijk programma’s? Dit zet aan tot innovaties met betrekking tot gezamenlijke organisaties, interbestuurlijke besluitvorming en inzet instrumenten.

 

Kortom er is een interessante beweging gaande. Met dank aan Omgevingswet! Deze heeft bijgedragen aan de reflectie op een effectief eigentijdse openbaar bestuur. Dit geldt natuurlijk niet alleen voor provincies, maar ook voor gemeenten en rijk. Het rijk is aan haar stand verplicht om net als de provincies te komen tot een NOVI met eigentijds elan. De provincies Gelderland, Noord Holland, Noord Brabant en Flevoland bieden met hun visies een uitdagend voorbeeld.


Ward de Meulemeester, consultant NieuwBeeld

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door ward de meulemeester (consultant NieuwBeeld) op
Beste Hans
Dank voor jouw inbreng. Inderdaad heeft het boek van Klaartje Peters `Het opgeblazen bestuur´ uit 2007 bijgedragen aan de reflectie cq herbezinning op de rol van de provincies. In deze lijn begeven zich ook de nieuwe omgevingsvisies van de vier provincies. Centraal staat hierin de vraag op welke wijze het middenbestuur op effectieve en eigentijdse wijze invulling aan haar rol kan geven. En dat zal niet meer gebeuren met de grote (wellicht megalomane) projecten, zoals jij die aanhaalt. Het gaat precies zoals Eric van den Bergh ook beschrijft: niet langer meer vanuit een voorschrijvende en regisserende rol. Het vraagt om een meer doortastende aanpak. Een aanpak op maat per situatie. En dit doen bestuurders en ambtenaren niet van de één op de andere dag. Het vergt denkwerk, bewustwording en ook bijvoorbeeld trainingen zoals Salsaparilla die aan diverse overheden geeft. Op dit punt begrijp ik niet dat jij je afzet tegen de bijdrage van Eric van den Bergh. Volgens mij zitten jullie juist op dezelfde lijn.
Hartelijke groet
Ward de Meulemeester

ps ik ben wel nieuwsgierig bij welke organisatie jij afdelingsmanager bent
Door Hans (afdelingsmanager) op
Klaartje Peters noemde in haar ruim 10 jaar oude boek provincies al ´opgeblazen bestuur´. En dat zijn ze nog steeds: ze dateren uit de tijd van de trekschuit en de koets. Grotere projecten als o.a. Blauwe Stad en Wierringerrandmeer: faliekant mislukt. Grappige is dat ze er ook niet eens van leren; de holle retoriek van Eric van den Bergh spreekt boekdelen.
Door Ward de Meulemeester (consultant) op
Beste Eric
dank voor jouw bijdrage aan de discussie. In essentie gaat het om het vraagstuk hoe een eigentijdse overheid wordt vormgegeven. Wat is een effectieve bestuursstijl. Dit gaat niet meer zoals in het verleden door o.a. het schrijven van eigen visies en omvangrijke nota's. Uit onderzoek - en gesteund door praktijkervaring - blijkt ook de beperkte betekenis van dergelijke nota's.

De vier provincies geven op pro-actieve wijze vorm aan de invulling van een meer eigentijdse en effectieve overheid. Hierbij ontwikkelen ze nieuwe denkbeelden en vormen. Dit vergt reflectief vermogen op het eigen handelen. En inderdaad: dit vertaalt zich dan ook in een passende houding en gedrag van bestuurlijke en ambtelijke organisatie. Ten opzichte van het verleden vergt dit veel oefening en training om los te komen van oude patronen zoals een voorschrijvende en regisserende overheidsrol. Naast training gaat het natuurlijk ook om bijvoorbeeld het aanpassen van de systemen binnen de overheden. Denk aan de wijze van besluitvorming, inzet middelen, wijze van communicatie etc. Er is nog veel te doen om tot deze effectieve eigentijdse overheid te komen. Mooi dat jullie met Salsaparilla aan deze beweging bijdragen.
Door Eric van den Bergh (adviseur) op

Om de door de genoemde provincies uitgebrachte omgevingsvisies - anoniem - te betitelen als blablabla
is wel erg kort door de bocht. Het artikel schetst met name hoe de effectieve vervulling van de publieke rol de
ontwikkeling van een nieuw type overheid vereist en waarbij visieontwikkeling en -realisatie in samenwerking
met veel partijen totstandkomt. Je kunt opgave-gericht werken, van buiten-naar-binnen en doe-mee-en-draag-bij als kreten
afdoen, feit is dat vele overheidsorganisaties de concrete invulling hiervan ter hand nemen en het niet bij kreten laten.
Meer dan nu wordt de overheid de faciliterende partij die anderen in staat stelt initiatieven te ontplooien. Daar moet wel iets voor gebeuren.
Het loslaten van de voorschrijvende en regisserende rol, de inzet van andere samenwerkingsvormen
en de organisatorische aanpassing die gepaard gaat met een focus op strategische opgaven en programma's vraagt op vele terreinen een
omslag in denken en houding. Met ons bureau Salsaparilla, game based change zijn we de laatste jaren intensief betrokken
bij deze beweging voor zowel provincies, gemeenten als andere overheidsorganisaties (zoals Veiligheidsregio, Omgevingsdienst, GGD etc.). De ervaring leert dat met de inzet van een breed palet aan interventies en
programma's (omgevings- en bestuurdersgame, opzet regionale leergang, betrekken maatschappelijke organisaties, gedeeld eigenaarschap op
provinciaal/gemeentelijk directieniveau, organiseren en leren rondom een concrete opgave) stappen in deze omslag gezet kunnen worden.
Soms twee vooruit en een achteruit, maar actief aan de slag gaan met nieuwe werkwijzen en gedragingen die de verschuivende rol van de
overheid vraagt is wellicht constructiever dan aan de zijlijn blablabla blijven roepen.

Eric van den Bergh, adviseur en spelleider Salsaparilla, game based change, Utrecht

Door Criticus op
Wie dan even de moeite neemt om bijvoorbeeld Flevolandstraks te lezen ziet al gauw dat het ook geen visies zijn, maar vooral veel blablablabla.
Inhoudsloos, visiesloos, nietszeggende kreten en geen ambities.
Dan is 20 pagina's toch nog erg dik....