of 61441 LinkedIn

Ontspoorde democratie

Niesco Dubbelboer en Arjen Nijeboer Reageer

In BB nr. 6 geeft staatsrechtjurist Geerten Boogaard kritiek op onze campagne voor zeggenschap van de inwoners van Den Haag over wie hun nieuwe burgemeester moet worden. Wij stellen dat gemeenten daarvoor de wettelijke mogelijkheden hebben, door hun burgers zeggenschap te geven over welke kandidaat de gemeenteraad voordraagt. 

Ingezonden brief, gepubliceerd in BB 09-2020

Boogaard verwijt ons zuiver formalistische redeneringen en zelfs cynisme. In werkelijkheid redeneert juist Boogaard zuiver formalistisch. Hij wijst erop dat ‘de wetgever’ in 2008 het experiment met gekozen burgemeesters heeft beëindigd. Maar we zijn drie Kamerverkiezingen verder, er zit een andere coalitieregering en de parlementaire steun voor de gekozen burgemeester is zodanig gegroeid dat de grondwet al gewijzigd is met het doel om deze laatste mogelijk te maken. Wij waren destijds niet rouwig dat een Kamermeerderheid het ‘burgemeestersreferendum’ afschafte. Het ging hierbij alleen al om nep-verkiezingen omdat de gemeenteraad hierbij bepaalde tussen welke twee kandidaten de strijd zou gaan. In de praktijk stonden regelmatig twee kandidaten tegenover elkaar die als twee druppels water op elkaar leken en soms zelfs uit dezelfde partij kwamen.

En de term ‘burgemeestersreferendum’ was een uiterst slechte omdat het verkiezen van politici enz. helemaal niets met referenda te maken heeft. Vertegenwoordigende democratie draait om de selectie van politici terwijl burgers via directe democratie (waaronder referenda) juist buiten die politici om, zelf direct besluiten. Deze conceptuele spraakverwarring speelt Boogaard ook parten als hij ons verwijt dat wij de bepaling in de Haagse referendumverordening negeren die referenda over persoonsbenoemingen uitsluit. Die bepaling is totaal irrelevant. Het lokale referendum zoals dat in vele gemeentelijke referendumverordeningen is geregeld, is een totaal andere juridische figuur dan een burgemeestersverkiezing.

Ten slotte verwijt Boogaard ons dat wij de Gemeentewet negeren die het geheime karakter van de benoemingsprocedure regelt. Wel, in feite regelt de Gemeentewet niet meer dan dat de raadsleden in de vertrouwenscommissie achter gesloten deuren vergadert en dat de stukken die de raadsleden ontvangen, geheim zijn. De Gemeentewet laat toe dat kandidaten zichzelf bekend maken. Maar misschien mogen wij op dit punt een wedervraag stellen.

Waarom zien we onder staatsrechtjuristen altijd die neiging om dergelijke wettelijke juridische principes alleen in te roepen wanneer het bestaande regime moet worden verdedigd en overeind gehouden? Iedereen weet dat het leeuwedeel van de benoemingen in het openbaar bestuur door de gevestigde politieke partijen onder de eigen leden wordt verdeeld – totaal niet meer dan 2 procent van de bevolking, waarvan nog een veel kleiner deel echt actief is.

Niesco Dubbelboer en Arjen Nijeboer, Meer democratie 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.