of 63000 LinkedIn

Lokaal leren van Omtzigtgate

Julien van Ostaaijen Reageer

Den Haag is de afgelopen weken in de ban van Omtzigtgate. In deze crisis gaat het in grote lijnen over drie onderwerpen: coalitievorming, dualisme en tegenmacht. Wat kan het lokaal bestuur leren met betrekking tot deze onderdelen van Omtzigtgate?

Allereerst coalitievorming. Ook op lokaal niveau wordt net als in Den Haag veelvuldig gebruikgemaakt van externe informateurs. In 2014 was dat in veertig procent van de gemeenten het geval. De externe informateur wordt in vrijwel alle gevallen door de fractievoorzitter van de grootste partij gevraagd en in zestig procent van de gevallen was hij of zij (maar meestal hij) ook van dezelfde partij. Eveneens zijn er lokaal weinig regels voor coalitievorming. Er zijn informele regels, zoals dat de grootste partij het initiatief voor coalitievorming heeft, maar die blijken in de praktijk niet in beton gegoten. En ook lokaal worden informateurs vaak ondersteund door ambtenaren ‘uit de organisatie’. Soms omdat de lokale griffie daarvoor te klein is of griffiers de schijn van partijdigheid willen vermijden. En als laatste dient ook bij de opmerking van Rutte dat het personeelsbeleid doorgaans bij de eigen partij ligt (lokaal) enige nuance. Het komt namelijk zeker wel eens voor dat partijen een veto uitspreken over een (wethouders)kandidaat van een andere partij.

 

Voor wat betreft dualisme wordt er lokaal ook geworsteld met de afstand van de raad(sfracties) tot de uitvoerende macht. Na de invoering van het dualisme in 2002 was dat in raadszalen zelfs fysiek te zien: waar plaatsen we de stoelen voor het college? En de vraag of wethouders bij fractieoverleg aan mogen schuiven, is nog steeds actueel. De tijdens Omtzigtgate blootgelegde praktijk dat bepaalde fractie(voorzitter)s eerder toegang krijgen tot informatie bestemd voor alle volksvertegenwoordigers, is onacceptabel. Ook in veel gemeenten leidt informatievoorziening op zijn minst tot veel politieke discussie; het college is nog (te) vaak de dominante factor in het bepalen welke informatie op welk moment kan worden ingezien. Een voordeel is wellicht dat er lokaal minder ‘bontkragen’ zijn, de kring vertrouwelingen rondom bestuurders. Zij hebben als belangrijk doel om de bestuurder aan de macht te houden en de al te fanatiekelingen schuwen daarvoor het schenden van dualistische uitgangspunten niet.

 

Dergelijke praktijken brengen ons bij het belang van tegenmacht. Het uitgangspunt daarvan is dat ook democratisch gekozen besturen gecontroleerd moeten worden en in enige mate beperkt gehouden. Zo wordt voorkomen dat één bestuurslaag, organisatie of actor zijn wil te dominant kan doordrukken ten koste van een andere. In een eerdere publicatie ('Tussen eerste overheid en tweederangsdemocratie') heb ik betoogd dat er voor een goede cultuur van tegenmacht drie zaken nodig zijn.

 

Ten eerste is een gedeelde cultuur en gedeelde waarden in de samenleving en vooral onder politici en ambtenaren dat (het waarborgen van) tegendemocratie en tegenmacht belangrijk. Ten tweede moeten politici en ambtenaren op basis van die gedeelde cultuur kritisch zijn op hun eigen gedrag en dat van andere politici en ambtenaren. Tot slot moeten politici en ambtenaren die op basis van die gedeelde waarden ook de meer institutionele vormen van tegenmacht ondersteunen.

 

Met (het gebrek aan) tegenmacht raak je de kern van Omtzigtgate. Het stimuleren van tegenmacht is ook in gemeenten belangrijk. Het idee dat je tegenmacht versterkt door alleen het praten erover of het opnemen van het belang in een regeer- of coalitieakkoord is een illusie. Het gaat om individuele houding en cultuur. En die cultuur verbeter je alleen als individuele raadsleden, wethouders, ambtenaren en politici zich hard maken voor alle aspecten van tegenmacht, waaronder degene die nu tijdens Omtzigtgate extra in de schijnwerpers staan. Dat gaat dan onder meer om het belang van een kritische gemeenteraad en goede en gelijke informatievoorziening voor alle raadsleden, alsmede dat iedereen opkomt voor kritische gemeenteraadsleden, ook als ze niet van jouw partij zijn.

 

Julien van Ostaaijen. Universitair docent (lokale) bestuurskunde aan Tilburg University en lector Recht & Veiligheid bij Avans Hogeschool.

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.