of 59761 LinkedIn

Corona maakt raad stuk efficiënter

Reageer

De coronacrisis dwingt gemeenteraden tot digitale vormen van besluitvorming. Schaf die niet af als straks de crisis voorbij is, maar ga op de ingeslagenweg door, betoogt Peter Castenmiller.

Meer innovatie mogelijk in digitale besluitvorming

Dezer dagen moet ik geregeld denken aan een uitspraak van Wim Derksen, naar ik mij herinner uit het laatste decennium van de twintigste eeuw. Hij stelde dat één van de belangrijkste innovaties in het openbaar bestuur de uitvinding van het kaarslicht is. Immers, dat maakte het mogelijk om voortaan urenlang ’s avonds te vergaderen.

Nadien is er nauwelijks meer sprake geweest van wezenlijke vernieuwing in het functioneren van het openbaar bestuur. Aan het begin van de avond, vandaag de dag ondersteund door led-verlichting, beginnen de volksvertegenwoordigers raadsleden netjes bij agendapunt één: het vaststellen van de agenda. Veelal gevolgd door agendapunt twee: het inventariseren van insprekers. En agendapunt drie: het vaststellen van de notulen van de vorige vergadering. Tot diep in de nacht houden de aanwezigen vervolgens elkaar, en het college, bezig met beschouwingen, interrupties, moties en stemmingen.

Je zou denken dat de snelle groei van digitale middelen sinds het begin van de eenentwintigste eeuw het nodige zou veranderen voor zowel de voorbereiding op vergaderingen, de inrichting van de vergadering zelf als uiteindelijk ook voor de vastlegging en archivering van de gebeurtenissen. Zeker, er is wel sprake van kleine veranderingen. Zo worden de vergaderingen tegenwoordig vastgelegd met geluids- of video-opnamen en gebruiken bijna alle deelnemers een vergader- app op een tablet. Maar in essentie is dat toch niets meer dan een digitalisering van het voorheen papiergestuurde proces. Het proces zelf is niet wezenlijk gewijzigd.

De coronacrisis heeft abrupt een streep gezet door de zo gebruikelijke fysieke besluitvormende vergadering. Uitwijkmogelijkheden zijn er nauwelijks. Zoals wel vaker blijkt is de wet niet voorbereid op moderne tijden. Dat kun je de wet, en hun makers, eigenlijk ook niet kwalijk nemen. Een wet is een ‘stolling’ van een op een zeker moment gesloten compromis. Daarmee zitten gemeenteraden en Provinciale Staten vooralsnog toch vast aan de fysieke vergaderingen.

De recente ontwikkelingen geven alle aanleiding om kritisch het vergaderproces als geheel te heroverwegen. Overal elders in de maatschappij zullen de mogelijkheden van digitale vergadervormen naar aanleiding van de crisis een hoge vlucht nemen. Naast het tijdelijke probleem van beperkte mogelijkheden voor fysiek samenzijn, zijn er andere uitdagingen. Zo verdrinken raadsleden of Statenleden in de informatie, verlopen vele vergaderingen soms hopeloos inefficiënt en is de vastlegging en archivering van de gebeurtenissen in de vergaderzaal en commissiekamers lang niet op orde.

Het is echt niet raar om te stellen dat in de eenentwintigste eeuw voor al die problemen ondertussen goede digitale oplossingen bestaan. Door de onvoorziene coronacrisis is er plots sprake van dringende urgentie voor digitale innovatie in het besluitvormingsproces van overheden. Never waste a good crisis!

Peter Castenmiller is verbonden aan PBLQ en doet onderzoek naar de informatievoorziening in het openbaar bestuur

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.