of 63000 LinkedIn

Burgerparticipatie vereist een betere balans

Raf Daenen 2 reacties

Burgerparticipatie is een thema dat regelmatig in beleidsvoornemens opduikt. Op dit moment is het actueel in het kader van de Omgevingswet die volgend jaar in werking treedt. In een AMvB bij deze wet staat dat gemeenten moeten vastleggen hoe participatie wordt georganiseerd. Dat kan nog alle kanten op.

Vaak zien we dat bestuurders wel meningen willen peilen, maar de besluitvorming angstvallig in eigen hand houden. Dat wekt bij burgers het gevoel op dat de politiek ver afstaat van wat de mensen bezighoudt, en steeds maar over hen heen walst.

 

In sommige gemeenten beperkt burgerparticipatie zich tot het houden van enquêtes, in andere gemeentes worden inspraakbijeenkomsten georganiseerd, in nog andere gemeentes zijn er burgerplatforms die over diverse onderwerpen stelselmatig worden geraadpleegd. Burgerparticipatie wordt door veel bestuurders gezien als lastig, complex, frustrerend en zelfs contraproductief. Dat komt omdat burgers vaak niet goed zijn ingevoerd in het onderwerp waarover besluiten moeten worden genomen, en omdat het eigenbelang van mensen een gefundeerd en weldoordacht standpunt in de weg kan staan. 

 

Ook kunnen negatieve ervaringen uit het verleden polariserend en emotionerend werken. De gemeente of de politiek wordt dan kop van jut, en het beslissingsniveau of onderwerp doet er niet toe. In plaats van samen op te trekken werkt het participatieproces als een splijtzwam.


Toch moet burgerparticipatie een serieuze en goed doordachte invulling krijgen. Samenwerken met de samenleving is noodzakelijk, niet alleen om de verhoudingen tussen burger en bestuur te verbeteren, maar ook om de effectiviteit en beheersbaarheid van besluiten te vergroten. Daarvoor is nodig dat overheidsvertegenwoordigers leren om productief samen te werken met de samenleving.

Bestuurders moeten erop leren vertrouwen dat in de samenleving veel mooie en positieve initiatieven ontplooid kunnen worden. Denk aan de maatjesprojecten, het vrijwilligerswerk in alle soorten en maten, coöperatieve initiatieven, bio-boeren, integratie en opvang van kwetsbaren, privatisering van sportclubs en dorpshuizen, geveltuintjes, buurtfeesten, enzovoort.


Volgens mij geeft het beter leren omgaan met burgerparticipatie een nieuwe impuls aan ons democratisch bestel. Het aloude procédé van 'u vraagt en wij als overheid draaien ervoor op', moet worden gewijzigd. De overheid moet aan het begin van een proces of project communiceren waar het om gaat, dat wil zeggen welke wensen en doelen het betreft, hoe het proces kan verlopen, wat de randvoorwaardelijke kaders zijn (financieel, juridisch, technisch), en welke criteria we met elkaar hanteren, met name over waar participatie eindigt en de bestuurlijke verantwoordelijkheid begint.

De participanten moeten van elkaar op aan kunnen en elkaar durven aanspreken. Welke ideeën er ook mogen leven, het bestuur blijft verantwoordelijk voor het waken over het algemeen belang, ook als dit niet overeenkomt met de belangen van bepaalde groepen of met specifieke doelen. Ook het waken over het moreel besef en een halt toeroepen aan grensoverschrijdend gedrag is de verantwoordelijkheid van politiek en bestuur.

Voor het overige kan in goede samenspraak worden bepaald voor welke activiteiten en middelen de overheid verantwoordelijk is, en waar en hoe de inzet van de burgers het best tot zijn recht komt. Door middel van regelmatige gezamenlijke evaluaties en een goed functionerend beloningssysteem kunnen de partijen elkaar motiveren en waar nodig bijsturen.


Ik ben van mening dat burgerparticipatie een onmisbaar ingrediënt is in het functioneren van een moderne democratische samenleving, en dat samenwerken ons veel goeds kan brengen. Politiek en bestuur moeten geen misbruik maken van burgerparticipatie door burgers bij tegenvallende resultaten achteraf te verwijten dat ze bij een besluit betrokken waren. Maar ook moet het bestuursorgaan de rug recht houden als het gaat om het algemeen belang en het moreel besef. De burger moet er bewust van worden gemaakt dat burgerparticipatie niet hetzelfde is als gelijk krijgen.

Een bestuur dat niet in staat is om bij moeilijke onderwerpen de samenleving te spiegelen en tegelijkertijd te waken over het algemeen belang functioneert niet naar behoren. Immers, de samenleving zijn we met zijn allen en niet de ene groep tegenover de andere.

 

Raf Daenen, oud-wethouder en docent maatschappelijke ontwikkeling

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Harry de Graaf (verontruste burger) op
De overheid is er voor de burger. Hou deze (revolutionaire) vast en kijk dan hoe deze overheid haar burgers behandelt. Toeslagenaffaire, ca. 10.000 mensen met een verblijfsvergunning vanuit het generaal pardon die geen paspoort kunnen krijgen (eerst weer een onderzoekje doen), in het wilde weg bomen kappen en ga zo maar door. Het enige wat de overheid doet is zichzelf indekken. Zelfs bij de verkenners van de VVD en D66 is er- op z'n minst - sprake van ondoorzichtig gedrag. En het dan vreemd vinden dat er weinig vertrouwen is in de overheid, bestuur en politiek. Het is tijd voor een andere politiek en niet voor het zoveelste neo-liberale "convenant" met de een of andere industrie. De veestapel met 50% reduceren is een goed plan. Wanneer gaan de vervuilers nu eens echt betalen voor de verkankering van onze leefomgeving? Ik zie het somber in.
Door Criticus op
Een helder verhaal, maar in hoeverre kan een bestuur geloofwaardig de samenleving aanspreken op moreel besef of de samenleving spiegelen, als datzelfde bestuur niet in staat is dat bij zichzelf te doen?
Wil de burgerparticipatie lukken, zal de politiek eerst kritisch naar zichzelf moeten durven kijken en zichzelf waar nodig corrigeren.