of 58952 LinkedIn

Advies ROB stelt teleur

Peter Castenmiller en Klaartje Peters 1 reactie

De Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) presenteerde vorige week zijn advies over de rol van gemeenteraden in het sociaal domein. Wij zijn nogal teleurgesteld door het advies.

Het is algemeen bekend dat gemeenteraden moeite hebben met sturing in het sociaal domein. Bij aanvang van de decentralisaties was de onzekerheid groot en de handelingsruimte voor gemeenten klein. Gemeenten moesten wel inzetten op zorgcontinuïteit, en voor raadsleden was er eigenlijk geen ruimte om daar iets van te vinden. De ROB beschrijft nu, enkele jaren later, hoe in negen gemeenten wordt ervaren dat gemeenteraden nog steeds niet goed kunnen sturen. Dat beeld is zeker herkenbaar, hoewel niet nieuw. Leg negen willekeurige rapporten van lokale rekenkamers naast elkaar, en je weet het ook.

 

Het zijn vooral de analyse en aanbevelingen van de ROB die ons teleurstellen. Het advies benadrukt dat raadsleden wat kaderstelling betreft minder volgend moeten zijn aan het college. Het is een boodschap die sinds de invoering van het dualisme keer op keer wordt herhaald. Het gegeven dat de sturende rol van de raad nu al bijna twintig jaar niet van de grond komt, zou ons toch aan het denken moeten zetten over de dieperliggende oorzaken. Wat vindt de ROB bijvoorbeeld van de fundamentele kritiek van Elzinga dat de decentralisaties geen echte decentralisaties zijn? In plaats daarvan presenteert de ROB een hele rits gemakzuchtige aanbevelingen aan gemeenteraden – ‘spreek met elkaar over wat goede kaders zijn’ – , en voegt daar voor de vorm aan toe dat het college de raad beter zou moeten informeren. En van de aanbeveling aan de rijksoverheid om de gemeenten meer als gelijkwaardige partner te beschouwen, zal op de vakdepartementen vast niemand wakker liggen.

 

De ROB leunt in het advies zwaar op de tegenstelling tussen professionaliseren en politiseren van de gemeenteraad. Dit is echter een schijntegenstelling. Natuurlijk, een gemeenteraad moet politiek bedrijven. Maar de vraag is wat je nodig hebt om dat te kunnen. Niemand vindt dat raadsleden ‘professionals’ moeten worden, zoals de ROB in navolging van de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur (NSOB) suggereert. Maar als volksvertegenwoordigers van de eerste overheid hebben ze wel recht op professionele ondersteuning. Nu moet de gemiddelde gemeenteraad het doen met 2,7 fte griffieondersteuning. Daarmee is in de meeste raden geen enkele ruimte voor de voorgestelde best practices: het gebruik van de arbeidsintensieve Duisenberg-methode vraagt een enorme ondersteuningscapaciteit en de vergelijking tussen een gemeenteraad en een zorgverzekeraar met honderden medewerkers is tamelijk onzinnig.

 

Wat is er nodig om als raad te kunnen optreden als ‘opdrachtgever’ van het college, zoals de ROB voorstelt? Het advies aan de gemeenteraad om zich te richten op waarden, missie en visie is niet alleen een gemeenplaats, maar laat ook open hoe dat zou moeten. Behalve fatsoenlijke ondersteuning en een goede kennisfunctie missen veel raden ook leiderschap. Wie zorgt ervoor dat dat politiek versnipperde gezelschap ‘onderbouwde scenario’s en vraaggestuurde informatie’ van het college krijgt? Want in onze ervaring weten colleges heel goed dat raden betere informatie nodig hebben, maar is het simpelweg geen prioriteit. Dat zul je dus als raad moeten afdwingen, met voldoende stevige adviseurs en een burgemeester die daadwerkelijk werk maakt van die andere pet, namelijk die van raadsvoorzitter. Jammer dat hét adviesorgaan voor het binnenlands bestuur de kans niet heeft genomen regering en Tweede Kamer daarop te wijzen.

 

Klaartje Peters is bestuurskundig onderzoeker en bijzonder hoogleraar Lokaal en regionaal bestuur (Universiteit Maastricht). 

Peter Castenmiller is verbonden aan PBLQ en tevens aan de Universiteit Leiden

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door M. van Holst (oud-raadslid Delft) op
Een stuk mij uit het hart gegrepen. Dank daarvoor.