of 59345 LinkedIn

Rem op taskforces

Sandra Olsthoorn Reageer
Ministers roepen wéér vaker de hulp in van commissies van ‘wijze’ mannen en vrouwen. Het afgelopen jaar gebeurde dat bijna anderhalf keer vaker dan het jaar ervoor, toen er al een record was gevestigd. Is dat erg?

Niet per se. Besturen in commissies is een noodzakelijk ­fenomeen in ons coalitiestelsel, hoezeer oppositiepartijen dit ook betreuren. De typering van commissies als ‘duistere schaduwmacht’ of ‘minne achter­kamertjespolitiek’ is simpel en naïef. Commissies kunnen ­helpen de geesten rijp te maken voor een onderwerp waar geen partij zich aan wil wagen. Een commissie kan belangengroepen gemakkelijker op één lijn krijgen.

En inderdaad, ze zijn handig om politieke conflicten op te lossen. De oppositie had vast liever gezien dat het kabinet was gevallen over het ontslagrecht, maar voor de coalitie was het een zegen dat het onderwerp een paar maanden ­geparkeerd kon worden. Het uiteindelijke resultaat van de commissie-Bakker deed er niet echt toe: het ontslagrecht bleef zo goed als ongewijzigd. Maar het punt was van tafel en het kabinet gered, zonder dat iemand openlijk gezichtsverlies leed. Dat kun je jammer vinden, maar ook zeer verdedigbaar vanuit het oogpunt van bestuurbaarheid.

Zijn de commissies dan vooral een zegen? Zeker niet. De trend dat het er ieder jaar meer worden, is zorgelijk. Bestuurders maken dankbaar gebruik van de luwte waarin commissies opereren. We zien als toeschouwers alleen het instellings­besluit en het uiteindelijke ­rapport. De tijd ertussenin is een zwart gat. Hoe leden voor commissies worden geworven en waarom juist de mensen erin zitten die erin zitten, we weten het niet. Waarom worden ­dezelfde mensen steeds weer gevraagd om commissies voor te zitten?

PvdA’er Hans Alders had dit jaar een rapport over Schiphol nog niet afgerond of hij werd alweer voorzitter van een commissie over biodiversiteit. En hoeveel invloed heeft de opdrachtgever eigenlijk op de samenstelling van de commissie en het rapport? Waarom zijn hoorzittingen met belangenpartijen altijd achter gesloten deuren?

De commissies zijn niet het probleem, het gebrek aan kritische volgers wél. Het zou een gevolg kunnen zijn van gewenning. Iedere twee weken werd dit jaar een nieuwe taskforce - zoals commissies nu meestal heten - in het leven geroepen. Inmiddels haalt iedereen bij de aankondiging van wéér een taskforce de schouders op: het zal wel. Alleen bij grote commissies over duidelijk gevoelige onderwerpen is er nog even ­reuring. Bij burgers ontstaat intussen het beeld van politici die elkaar baantjes toespelen.

Politiek Den Haag moet zich achter de oren krabben. Commissies oké, maar zoveel? ­Ministers moeten niet om de haverklap een commissie willen installeren, al is het maar omdat het middel erdoor wordt uitgehold en ze slecht zijn voor het aanzien van de politiek. De Tweede Kamer moet kritischer zijn over de commissies. Stel vragen bij de samenstelling en de taakopdracht. De rem moet er weer op.

 

Sandra Olsthoorn

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.