of 59318 LinkedIn

Verkiezing Eerste Kamer is aanfluiting

De verkiezing van Provinciale Staten in maart werd geheel overheerst door de verkiezing van de Eerste Kamer en wel omdat de meerderheid van Rutte III in de senaat op het spel stond. Ik noemde dat een hevige weeffout in ons democratisch bestel. Er moet dringend worden nagedacht over een andere verkiezingswijze van de senaat, want de democratische legitimatie van het provinciale bestuur is op deze manier uiterst gebrekkig. 

Maar ook om een nog andere reden is de verkiezing van de Eerste Kamer een aanfluiting. Op de avond van de Provinciale Statenverkiezing was er een uitslag waarbij Forum voor Democratie de grootste partij in de Eerste Kamer was geworden met 13 zetels, gevolgd door de VVD met 12 zetels. In die uitslag kwam het kabinet Rutte III uit op een aantal van 31 zetels; 7 zetels te weinig om in de Eerste Kamer een meerderheid te behouden.

Door het organiseren van strategisch stemgedrag wist de coalitie er nog 1 zetel bij te regelen: 32 in plaats van 31 zetels. Forum voor Democratie raakte 1 zetel kwijt, waardoor in zetels VVD en Forum op dezelfde hoogte van 12 zetels uit kwamen. D66 kreeg er een zetel bij: van 6 naar 7. En ook bij vier andere partijen verschoven er nog 4 zetels, waardoor er in totaal 7 zetels van positie zijn gewisseld. In vroeger tijden was deze mogelijkheid voor manipulatie van de uitslag nog veel groter.

Nadat de wetgever de lijstverbinding verbood, is dit verschijnsel weliswaar afgenomen, maar ook nu nog kan de restzetelverdeling worden gemanipuleerd. Via afspraken stemmen Statenleden dan niet op hun eigen partij, maar op die van bevriende partijen of coalitiegenoten. Omdat in alle provincies het stemgewicht van een Statenlid afhankelijk is van het aantal inwoners van de betreffende provincie, is een vorm van hogere wiskunde nodig om de precieze effecten te berekenen. Het gevolg van dit strategisch stemgedrag is een correctie van de kiezerskeuze bij de Provinciale Statenverkiezing. En het maakt wel degelijk ook iets uit. In de huidige uitslag is er weliswaar tussen oppositie en coalitie maar 1 zetel verschoven, maar dat kunnen er ook gemakkelijk 2 of 3 zijn.

En stel nu eens dat het kabinet nog wat beter had gescoord in maart, bijvoorbeeld 37 zetels. Ook dan zou de kiezer aan het kabinet het signaal hebben gegeven dat het kabinetsbeleid niet meer kan rekenen op de steun van een meerderheid van de kiezers. Indien dan vervolgens via stemmanipulatie Rutte III alsnog op een meerderheid van 38 zetels zou zijn uitgekomen, dan zou er sprake zijn geweest van een kanteling van minderheid naar meerderheid en dus een significante correctie van de kiezerskeuze. Dat zou een moeilijk te verteren en onaanvaardbaar effect zijn geweest. En ook de totale mutatie van 7 zetels is een onwenselijke correctie.

Er is dus alle reden om dit verkiezingssysteem te veranderen. De Staatscommissie-Remkes heeft dit dossier laten liggen en dat is zeer te betreuren, want de positie van de Eerste Kamer was de hoofdreden om deze Staatscommissie in te stellen. Een misser van formaat zou ik zeggen. Om te beginnen zou het zo moeten zijn dat de kiezerskeuze bij de Statenverkiezing gegarandeerd ook geheel en precies tot uiting komt in de samenstelling van de Eerste Kamer. Geen stemmanipulatie meer dus bij de restzetelverdeling. Er zijn verschillende methoden om dat te bewerkstelligen. Maar nog veel beter is het om de algehele vernieuwing van de Eerste Kamer in één keer af te schaffen en te vervangen door een ander en beter systeem. Werk aan de winkel dus.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.