of 59244 LinkedIn

Mystery Burger: Gerommel in de marge

‘In Molenwaard hebben we hele goeie ervaringen met het stimuleren van lokale initiatieven opgedaan,’ begint Paul Verschoor (Progressief Molenlanden). Die gemeente – Molenwaard – kende een subsidiefonds voor plattelandsontwikkeling, de mogelijkheid om op kleinschalige projecten te financieren die het landschappelijk karakter van de gemeente verbeteren. Nu de gemeente Molenwaard per 1 januari is samengevoegd met Giessenlanden tot Molenlanden, moet die verordening worden aangepast, zodat de verordening ook aanvragen voor het grondgebied van de voormalige gemeente Giessenlanden kan honoreren.

Een kleine administratieve aanpassing, maar Verschoor wil het voorstel amenderen. ‘Wij willen het bedrag in het fonds op minimaal 45.000 zetten,’ legt hij uit. Het fonds wordt volgens de verordening vooral gevoed door de helft van de opbrengst van de toeristenbelasting. Dat is zo’n 30.000 euro, dus moet er iets bij. Naar verluid zit er nog 9.000 euro in het fonds, dus stelt het amendement voor 6.000 euro uit de recreatiereserve te halen. Het amendement is door nagenoeg de hele raad ondertekend.

Eigenlijk is het alleen de ChristenUnie die de het amendement niet mee-indient. ‘Wat ons betreft hoeft er geen ondergrens in het fonds,’ legt Pieter van Bruggen namens de fractie uit. Maar hij heeft vooral een vraag over het raadsvoorstel. ‘Daarin staat dat we de verordening vaststellen, maar niet welk bedrag we in het fonds stoppen.’ De verordening zelf noemt het bedrag ook niet, zodat de raad jaarlijks kan besluiten met hoeveel het fonds toe te stoppen.

‘Er zit nog zo’n 25.000 euro in het fonds,’ begint wethouder Arco Bikker. Met de verwachte opbrengst van 30.000 euro van de toeristenbelasting zou het fonds dus voller zitten dan wat Verschoor zou willen. Bikker stelt voor het zo te laten — en aan het eind van het jaar het gebruik van het fonds te evalueren.

‘Die 25.000 euro is voor mij compleet nieuw’ merkt Bert Snoek (VVD) op. ‘Zou de wethouder dat eens willen onderbouwen?’ vraagt hij. ‘Er zou maar 9.000 euro inzitten.’

‘We hebben vandaag pas antwoord gekregen op de vraag hoeveel er nog in zit,’ legt wethouder Bikker schouderophalend uit — zonder uit te leggen waarom hij deze nogal essentiële informatie zelf niet eerder met de raad deelde. Het scheelt nogal wat.

‘Neemt u mij dan eens mee naar, zeg, 2020. Hoeveel zit er dan in?’ vraagt Arie-Jan Koorevaar (CDA). ‘Dat hangt er van af hoeveel er is uitgegeven,’ antwoord Bikker op een toon alsof Koorevaar vroeg naar de kleur van gras.

‘Dus het college ontraad dit amendement?’ vraagt burgemeester Dirk van der Borg nog maar voor de zekerheid. ‘Ik moet natuurlijk zeggen dat het heel sympathiek en positief is enzo,’ grapt Bikker, ‘maar: ja.’ Gezien het gelach valt Bikkers grapje goed; dat de raad eigenlijk een onvolledig raadsvoorstel voorgeschoteld heeft gekregen lijkt ineens geen onderwerp van het gesprek meer te zijn.

‘Ik vind het bijzonder dat we deze discussie niet twee weken geleden bij de commissie hebben gevoerd,’ zegt Wilma de Moel nog, maar de wethouder heeft geen behoefte om er op te reageren. ‘Dan val ik in herhalingen,’ vindt hij.

Pas na de tweede termijn wil de wethouder nog een keer het woord. ‘Ik moet me verexcuseren,’ zegt hij, ‘ik zei net dat er nog 25.000 euro in het fonds zit, maar dat moet 19.000 euro zijn.’ Verrassend genoeg leidt Bikkers correctie niet tot massaal ooggerol. Het enige dat er gebeurt is dat de raad het amendement en de subsidieverordening aanneemt — en het voorstel van de wethouder het fonds te evalueren negeert. Niet dat dat een slecht idee is. Beleid evalueren is immers altijd een goed idee. En in dit geval geldt dat voor de voorbereidingen van het college bij dit raadsvoorstel ook.
Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door M. Kap op
Wat moeten we nu met deze 100 in een dozijn informatie?