of 59925 LinkedIn

Digitaal vergaderen kan zoveel meer zijn

Digitaal vergaderen met de gemeenteraad is een hoop níet. Het is technisch niet eenvoudig, zeker zonder echt geschikte vergadersoftware. Politiek gezien is digitaal vergaderen verder vooral onhandig. Dreigend naar de interruptiemicrofoon lopen, snuivend hoofdschudden of aanmoedigend knikken kan allemaal wel, maar komt digitaal toch minder overtuigend over. Digitaal vergaderen haalt ook veel snelheid uit een vergadering. 

Langs de collega’s lopen met een motie kan niet meer en even snel schorsen voor onderling overleg is er evenmin bij. Niet alle burgemeesters blijken bovendien digitaal evenzeer op hun gemak. Sommigen zitten in beeld met de paniekerige blik van een opa die van zijn kleinzoon een smartphone gedemonstreerd krijgt, anderen laten van schrik hun ambtsketen opeens af. Sowieso leidt digitaal vergaderen tot nogal wat decorumverlies. Raadsleden filmen de eigen neusgaten, dossen zich uit als toeristen of zitten in twee vergaderingen tegelijk. Digitaal vergaderen is, kortom, niet ideaal.

Digitaal vergaderen echter is ook geen ramp. In veel gevallen gaat het er heel ordentelijk aan toe en werken gemeenteraden hun agenda naar de omstandigheden van deze coronacrisis keurig democratisch af. We moeten nu ook niet opeens doen alsof elke fysieke vergadering van de gemeenteraad voor de coronacrisis een enerverende aangelegenheid met een indringende geur van wilde beesten was.

Dit heeft allemaal al in zoveel kranten gestaan, dat het veel interessanter is om te kijken wat digitaal vergaderen eigenlijk wél is. Of nog beter: zou kúnnen zijn? Wie met die vraag het slagveld overziet, valt heel andere dingen op.

Digitale vergaderingen blijken een gouden kans voor insprekers. Die hoeven namelijk niet om acht uur met een papiertje naar het stadhuis te fietsen in de hoop dat ze goed uit woorden komen tijdens de vijf minuten die voor hen gereserveerd staan. Zij kunnen vooraf een mooi filmpje voorbereiden waarin zij een voiceover inspreken bij de beelden van bijvoorbeeld het landschap waar zij voor opkomen. Om nog maar te zwijgen over wat mogelijk is als insprekers de professionele middelen van de visuele retorica gaan beheersen. Dan krijg je filmpjes met overtuigende muziek eronder en slimme cameravoering om accenten te leggen. Inspraak verandert dan in een digitale vergadering van een moment waarop burgers een onwennige gastrol spelen op het toneel van de raadsleden, naar een moment waarop raadsleden te gast zijn in de verbeelding van de burgers. Dichterbij het realiseren van de oude wens om raadsleden vaker uit het gemeentehuis te halen en onder te dompelen in de wereld van inwoners, zijn we zelden geweest.

Maar zouden digitale gemeenteraadsvergaderingen zelf ook goede televisie kunnen worden? Niet in een lachen met raadsleden-rubriek, zoals Eva Jinek het destijds leuk vond om zelfgemaakte campagnefilmpjes belachelijk te maken, maar een lokaal politiek debat als een goede talkshow. Feit is dat gemeenteraadsvergaderingen vanouds zijn bedacht als een een bestuurscollege. Daarom worden ze ook nog steeds voorgezeten door de burgemeester. Feit is echter ook al heel lang dat politiek debat in een vertegenwoordigende democratie een theatrale functie vervult. Die functie is zeker belangrijk als de inhoudelijke uitkomst van het debat niet meer echt ter discussie staat. Juist dan moet plenair nog één keer de argumentatie van de meerderheid tot het uiterste getest worden voordat de minderheid de stemming verliest.

Een dergelijk debat zou niet afgewerkt hoeven worden als de live-registratie van de bestuursvergadering van een postduivenvereniging maar mag ook leren van de wetten van goede televisie. Digitale vergaderingen zijn een uitgelezen gelegenheid om daar mee aan de slag te gaan. Digitale raadsvergadering zijn, kortom, heel veel niet. Maar dat ligt niet allemaal aan de techniek.  

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.