of 63623 LinkedIn

De gekozen burgemeester kan vandaag al

Terwijl twee op de drie Nederlanders voor invoering van de gekozen burgemeester is, blijft er opvallend veel politieke steun voor het ondemocratische systeem van benoeming. De vraag is waarom dat zo is. Zou het feit dat het om interessante posities gaat een rol kunnen spelen binnen de Nederlandse partijgelederen? Met het risico om voor populist uitgemaakt te worden: ik krijg wel eens de indruk dat netwerken, vriendjes en partijloyaliteit bij een burgemeestersbenoeming belangrijker zijn dan competenties.

Op dit moment ligt er (weer) een voorstel om het achterhaalde en regenteske systeem van benoeming uit de Grondwet te halen. Er is (weer) verzet vanuit de Eerste Kamer. Men stelt bang te zijn dat de burgemeester aan gezag inboet als hij direct wordt gekozen. Onzin natuurlijk. Wat men wellicht bedoelt, is dat men bang is de ondemocratische grip op die veel te interessante burgemeestersplekken te verliezen.

 

De grondwetswijziging lijkt dus nog ver weg. Binnen de huidige wetgeving is het namelijk wel degelijk mogelijk om open en vrije burgemeestersverkiezingen te organiseren. En ik hoor de “ja maars” van het Grote Zelfbehoud alweer schallen. Laten we niet meteen zeggen dat het niet kan. Laten we kijken naar wat er wél kan: een parallel proces van publieke kandidaatsstelling en verkiezingen naast het wettelijk verplichte, bestaande proces van geheimhouding en benoeming. Er zijn daarbij vier stappen.

 

Ten eerste: stel een functieprofiel op in plaats van een profielschets. De huidige profielschets gaat gepaard met vage termen en containerbegrippen als “moet boven de partijen staan” of “moet een echte verbinder zijn”. Een profielschets is daarmee vaag en niet toetsbaar. Wat belangrijker is, is welke functie de burgemeester krijgt en met welk mandaat. De Gemeentewet schrijft een aantal taken voor op het gebied van openbare orde en veiligheid. Daarnaast kan de gemeenteraad andere taken bij de burgemeester neerleggen. Ook zet je duidelijk in het functieprofiel wat de rol is van de burgemeester ten opzichte van de wethouders en dat de functie primair uitvoerend is en niet politiek.

 

Ten tweede: beperk de rol van de vertrouwenscommissie. Een vertrouwenscommissie is een wettelijk verplicht orgaan. Ze spreekt en beoordeelt de kandidaten en stelt uiteindelijk kandidaten voor aan de raad. Het werk van de commissie is een “black box”: alles is geheim en niets is toetsbaar. Bij open en vrije verkiezingen is de rol van de vertrouwenscommissie in de praktijk beperkt tot integriteitscontrole zoals de geloofsbrievencommissie dat doet voor wethouders.

 

Ten derde: stel de vacature publiekelijk open. Wetgeving schrijft voor dat de kandidatuur door de Commissaris van de Koning (CdK) wordt opengesteld. De vacature verschijnt daarop in de Staatscourant. Kandidaten solliciteren in het geheim. Wat je hier als democratische gemeente vervolgens aan toevoegt, is het breed en publiekelijk openstellen van de vacature in bijvoorbeeld de lokale pers. Stel ook als eis dat een kandidatuur met een bepaald aantal (afhankelijk van de omvang van de gemeente) handtekeningen wordt ondersteund.

 

Een kandidaat mag zich vervolgens nog steeds beroepen op de Gemeentewet en geheimhouding afdwingen. Maar omdat kandidaten straks door de inwoners gekozen moeten worden en dus bekend moeten zijn, heeft dat in de praktijk geen zin meer.

 

Ten vierde: organiseer verkiezingen. In de huidige situatie voeren CdK en vertrouwenscommissie de sollicitatiegesprekken en bepalen wie geschikt is en wie niet. De vertrouwenscommissie schuift “hun” nrs. 1 en 2 in een besloten raadsvergadering naar voren. Omdat alles geheim moet blijven, blijft het obscuur waarom juist deze kandidaten het meest geschikt zouden zijn. Of waarom ze überhaupt kandidaat zijn. Bij open en vrije verkiezingen voeren de kandidaten campagne. In één of twee stemrondes kiezen de inwoners hun burgemeester. Om het “passend” te krijgen binnen de huidige wetgeving: de vertrouwenscommissie schuift vervolgens de door de inwoners gekozen burgemeester naar voren als aanbeveling nr. 1. De gemeenteraad stemt met deze kandidaat in.

 

Daarna volgt - conform de reguliere procedure - de screening door AIVD, de ontvangst door de minister, de bespreking in de ministerraad en het Koninklijk Besluit. Inderdaad, uiteindelijk moet de gekozen burgemeester nog worden benoemd door de Kroon.

 

Bovenstaande aanpak vraagt op voorhand om commitment van gemeenteraad en vertrouwenscommissie, wil het kunnen slagen. Kortom: het kan dus wel maar het vergt politieke wil en durf. Maar voor alle écht democratische gemeenten is het een route waarbij men niet hoeft te blijven wachten tot Grond-, Kies- en Gemeentewet eindelijk zijn aangepast.

 

Basile Lemaire is bestuurskundige en publicist en schrijft op dit moment een boek over publiek veranderleiderschap

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.