of 59244 LinkedIn

Wet Bibob niet aangepast na ‘vergissing’

De Wet Bibob wordt niet nader verduidelijkt voor gemeenten, zegt minister Grapperhaus. Na kritiek op een uitspraak van de Raad van State over de weigering van een omgevingsvergunning door de gemeente Breda, stelde PvdA-Kamerlid Attje Kuiken  hierover vragen. Grapperhaus gaat wel kijken of gemeenten al voldoende vergunningen weigeren op basis van het verleden van een vergunningaanvrager.

Minister Grapperhaus gaat de Wet Bibob niet verduidelijken voor gemeenten. Na kritiek op een uitspraak van de Raad van State over de weigering van een omgevingsvergunning door de gemeente Breda, stelde PvdA-Kamerlid Attje Kuiken hierover vragen. Grapperhaus past de wet niet aan, maar gaat wel kijken of gemeenten al voldoende vergunningen weigeren op basis van het verleden van een vergunningaanvrager.

Geen samenhang strafbare feiten
Gemeenten kunnen een vergunning op grond van de Wet Bibob weigeren bij een ernstig gevaar dat die vergunning wordt gebruikt om strafbare feiten te plegen. In de uitspraak over de gemeente Breda kwam de Raad van State half november 2018 voor het eerst tot de conclusie dat bij bouwactiviteiten gepleegde strafbare feiten niet samenhangen en daarom niet bij beoordeling van het gevaar kunnen worden betrokken. Bibob-specialisten IJzerman noemden dit om meerdere redenen ‘onbegrijpelijk’. Een van die redenen is dat het ingaat tegen de bedoeling van de wetgever. Het bureau wijst erop dat die bedoeling was te voorkomen dat strafbare feiten worden gepleegd bij zowel de totstandkoming als bij het gebruik van het bouwwerk.

Vergissing
Het bureau kan zich niet voorstellen dat deze uitspraak de vaste lijn in de jurisprudentie wordt en gaan ervan uit dat de uitspraak een vergissing is. ‘Het is te hopen dat het Landelijk Bureau Bibob en gemeenten niet uit vrees voor schadeclaims hun werkwijze aanpassen en bij bouwactiviteiten gepleegde feiten nu niet meer bij de advisering en besluitvorming betrekken.’ Volgens IJzerman doet het kabinet er goed aan nogmaals duidelijk te maken dat feiten die gepleegd zijn in het kader van de bouw wel degelijk bij beoordeling van het gevaar kunnen worden betrokken. ‘Indien de Raad van State toch in het laatset standpunt volhardt, zijn gemeenten immers gehouden om omgevingsvergunningen bouw te verstrekken aan personen van wie bekend is dat ze structureel en op grote schaal strafbare feiten plegen in het kader van de bouwactiviteiten. Aangezien het de bedoeling is van de Wet Bibob te voorkomen dat de overheid strafbare feiten faciliteert, is dat idee onaanvaardbaar.’

Gebruik bouwwerk voor criminele activiteiten
Aanleiding voor PvdA-Kamerlid Attje Kuiken aan de minister te vragen of hij het ermee eens is dat gemeenten om bijvoorbeeld ondermijning tegen te gaan omgevingsvergunningen moeten kunnen weigeren als de aanvrager al, in het kader van de bouwactiviteiten, meerdere strafbare feiten pleegt. Volgens de minister wijst de Raad van State op de kabinetsreactie op het amendement waarmee de bouwvergunning onder de Wet Bibob werd gebracht. Daaruit zou blijken dat het niet gaat om het gevaar dat strafbare feiten worden gepleegd bij bouwactiviteiten zelf, zoals het niet-naleven van vergunningvoorschriften en regels over arbeidsomstandigheden en tewerkstelling van vreemdelingen, maar om het gevaar dat het bouwwerk wordt gebruikt voor criminele activiteiten.

'Bouwvergunning alleen voor bouwen'
Het kabinet noemde in de reactie op het amendement het ‘tegengaan van ongewenste activiteiten in onroerend goed in de stad’, in dat geval Amsterdam, als een doel van het onder de Wet Bibob brengen van de bouwvergunning. ‘Die opmerking moet worden gezien in het licht van de context waarin deze werd gemaakt, namelijk de situatie van de verbouwing van panden, en kan niet worden gezien als een duiding van de reikwijdte van het amendement.’ De wetgever heeft beoogd dat in het geval van een omgevingsvergunning voor bouwen een ernstig gevaar in de zin van de zogenoemde b-grond aanwezig moet worden geacht als er een ernstig gevaar bestaat dat een omgevingsvergunning voor bouwen ook wordt gebruikt om bij bouwactiviteiten die door de vergunning mogelijk worden gemaakt, strafbare feiten te plegen. ‘Daarbij moet ook worden bedacht dat een bouwvergunning naar zijn aard toestemming biedt om te bouwen en niet om het (te bouwen) bouwwerk te gebruiken.’

Geen aanpassing
De minister denkt op basis hiervan dus niet dat onduidelijkheid kan ontstaan over of gemeenten op basis van tijdens de bouw gepleegde overtredingen van wet- en regelgeving nog wel een omgevingsvergunning mogen weigeren. Hij ziet geen reden om de Wet Bibob aan te passen en wacht verdere ontwikkelingen in de jurisprudentie af. Tijdens het Algemeen Overleg vorige week stelde Grapperhaus dat een vergunning kan worden geweigerd op basis van het verleden. ‘De reikwijdte van de Wet Bibob hoeft hier niet op te worden aangepast, maar ik neem de gedachte van Kuiken wel mee als aansporing om te kijken of dit in de praktijk al voldoende gebeurt.’ Ook noemt Grapperhaus de ‘Amsterdamse aanpak’ zeer effectief. Als een aanvrager daar geen gegevens aanlevert, krijgt hij geen vergunning. ‘Het is een actieve aanpak op grond van de wet, een ‘good practice’.’

De minister verwacht voor het zomerreces met de tweede tranche van het wetsvoorstel van de wet Bibob te komen.

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.