of 59147 LinkedIn

Screening wethouders wordt regel

Het screenen van kandidaat-wethouders is in Nederland eerder regel dan uitzondering geworden. Bijna driekwart van de gemeenten waar in maart 2018 raadsverkiezingen werden gehouden, liet door een extern bureau een risicoanalyse uitvoeren naar de integriteit van de kandidaten, zo bleek uit een inventarisatie van NRC. Bij de vorige gemeenteraads­verkiezingen, in 2014, was dat nog maar in een op de drie gemeenten.

Het voor benoeming screenen van wethouders op integriteit wordt steeds meer gemeengoed. Berenschot hield na de raadsverkiezingen in maart dit jaar in 78 gemeenten bijna 300 kandidaat-wethouders tegen het licht. Conclusie: geen enkel beletsel op benoeming.

Risico-analyse
Het screenen van kandidaat-wethouders is in Nederland eerder regel dan uitzondering geworden. Bijna driekwart van de gemeenten waar in maart 2018 raadsverkiezingen werden gehouden, liet door een extern bureau een risicoanalyse uitvoeren naar de integriteit van de kandidaten, zo bleek uit een inventarisatie van NRC. Bij de vorige gemeenteraads­verkiezingen, in 2014, was dat nog maar in een op de drie gemeenten.

Verdubbeling
Ronald van der Mark kan de toegenomen belangstelling voor screening uit eigen ervaring onderschrijven. In 2009 deed hij als Berenschotter de eerste integriteitstoets bij een gedeputeerde. Na de gemeenteraadsverkiezingen in 2014 kwamen de screeningsverzoeken voor het eerst op grotere schaal binnen. Ruim 30 integriteitsonderzoeken voerden hij en zijn collega’s toen uit, in evenzoveel gemeenten. Maar de echte hausse kwam dit jaar, na de verkiezingen op 21 maart. ‘Vanaf maart tot eind vorige maand onderwierpen we in 78 gemeenten de kandidaat-wethouders aan een integriteitstoets. Ruim een verdubbeling ten opzichte van 2014’, zegt managing director Van der Mark.

VOG
Van alle 292 kandidaten die Berenschot onder de loep nam, bleek bij geen enkele kandidaat sprake van ook maar enig beletsel om tot benoeming over te gaan. Alle kandidaten kregen een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) en geen enkele kandidaat had een functie die niet verenigbaar was met het wethouderschap.  ‘Maar’, zo zegt Van der Marks collega Laurens Vellekoop, ‘risico’s troffen we wel aan. Bij 80 procent van de kandidaten was er sprake van één of meer risico’s.’

Familieleden
Dat lijkt op het eerste oog veel, om niet te zeggen érg veel. Maar in ogenschouw nemend wat zoal als risico wordt aangemerkt, moet je wel bijna onder een steen hebben geleefd om een geheel blanco blazoen te hebben. Zo zijn er aan elk lidmaatschap van een plaatselijke vereniging risico’s verbonden: de vereniging zou wel eens subsidie van de gemeente kunnen krijgen. Wat ook als risico geldt, is als een familielid van de beoogd wethouder werkzaam is bij dezelfde gemeente. Het telt allemaal mee. In die zin zeggen de hoeveelheid aangemerkte risico’s niet altijd zoveel. Het gaat met name om de vergroting van de bewustwording bij kandidaat-bestuurders dat er door persoonlijke relaties en functies een (schijn van) belangenverstrengeling kan ontstaan.

Nevenfuncties
Bij elk risico dat uit het onderzoek naar boven komt, geven de onderzoekers meteen ook een aandachtspunt, advies of een oplossing mee hoe ermee om te gaan. Dat kan variëren van de aanbeveling een (deel van de) bestuurlijke portefeuille over te dragen aan een collega-wethouder tot het stoppen met bepaalde nevenfuncties. ‘Maar,’ zo zegt Van der Mark, ‘garanties dat er niets misgaat zijn niet te geven. Wat uiteindelijk wordt gedaan met de adviezen, weten we niet.’

Lees het volledige artikel in Binnenlands Bestuur nr. 20 van deze week (inlog) 


Afbeelding

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Ben (jurist) op
Natuurlijk is dit geldverspilling. Maar erger nog; weer een beperking en inknotting van het democratische recht van partijen om kandidaten voor te dragen en voor het bestuur om zelf een wethouder te kiezen. Oei oei we moeten de wethouder van Nergensachterdijkhuizen wel screenen....
Door Spijker (n.v.t.) op
Het lijkt er dus verdacht veel op dat het screenen van wethouders door externe bureaus weggegooid geld is.