De rechter oordeelde vooral vanuit het belang van het dierenwelzijn. De boeren houden vooral jonge geitjes, die binnen een jaar kunnen lammeren en daarna naar de geitenmelkerij verhuizen. Die melkerijen hebben niet de mogelijkheid het zogeheten jongvee groot te brengen. Volgens de rechter zijn er niet heel dringende redenen, zoals acuut gevaar voor de volksgezondheid, om juist in het lammerseizoen het verbod na te leven. (ANP)