of 59318 LinkedIn

Provinciale politiek boeit kiezer matig

De belangstelling van de kiezer voor de provinciale politiek is niet bijster groot. Waar bijna driekwart van de Nederlanders geïnteresseerd is in de landelijke politiek, heeft maar 44 procent van de kiezers interesse in de provinciale politiek.

De belangstelling van de kiezer voor de provinciale politiek is niet bijster groot. Waar bijna driekwart van de Nederlanders geïnteresseerd is in de landelijke politiek, heeft maar 44 procent van de kiezers interesse in de provinciale politiek.

Weinig invloed op dagelijkse leven

Dat blijkt uit onderzoek van Team Vier onder 776 kiesgerechtigde Nederlanders. Kiezers lijken nog niet echt warm te lopen voor de Provinciale Statenverkiezingen. ‘Net als in 2007 zien we dat weliswaar 58 procent aangeeft zeker te zullen gaan stemmen, maar we veronderstellen – ook op basis van andere door ons uitgevoerde verkiezingsonderzoeken – dat dit een overschatting van 5 tot 10 procentpunten is’, aldus de onderzoekers.

Het grootst is die belangstelling voor de provinciale politiek nog buiten de Randstad. In Groningen is deze het grootst (57 procent), in Noord-Holland het geringst (36 procent). Toch vertaalt die interesse zich niet direct in een bereidheid om op 20 maart naar de stembus te gaan. Van alle provincies is die zogeheten stemintentie in Groningen juist het laagst – 47 procent.

Ook voor de waterschapsverkiezingen begeven ze zich in Groningen niet en masse richting stemlokalen. Die geringe belangstelling delen ze met hun buren in Drenthe en Friesland: 70 procent van de kiezers daar geeft aan die verkiezingen te negeren.

Waterschappen
Circa zeven op de tien kiezers weten overigens niet welke verkiezingen er gelijktijdig met de Provinciale Statenverkiezingen worden georganiseerd. Slechts 14 procent weet dat het om de Waterschapsverkiezingen gaat. De bekendheid van de Waterschapsverkiezingen is vooral groot in Zeeland. De relatief geringe interesse voor de Provinciale Statenverkiezingen is volgens de Team Vier-onderzoekers mogelijk een gevolg van het feit dat maar 16 procent van de ondervraagden te kennen geeft dat de beslissingen van het provinciebestuur ‘veel invloed’ hebben op hun dagelijks leven. In de provincies Gelderland (28 procent) en Flevoland (26 procent) geven relatief veel kiezers aan dat de provinciale politiek ‘veel invloed’ heeft.

Dat heeft volgens de onderzoekers zeer waarschijnlijk te maken met de politieke onrust in de actuele dossiers over Lelystad Airport (Flevoland en Gelderland) en de Oostvaardersplassen (Flevoland). Opvallend laag is de invloed die volgens Brabantse kiezers uitgaat van de beslissingen in het provinciehuis in Den Bosch op hun dagelijks leven: slechts 4 procent geeft aan dat er veel invloed is.

Degenen die mogelijk gaan stemmen laten zich bij hun stemkeuze vooral leiden door de landelijke politiek. Ruim de helft van de ondervraagden geeft aan dat de keuze voor de partij meer beïnvloed wordt door de landelijke dan door de provinciale politiek (53 procent). Net als in 2007 laat één op de vijf kiezers zich in de partijkeuze leiden door provinciale issues.


Jetta Klijnsma meest bekend 
Slechts één op de vijf Nederlanders kan de naam van de ‘eigen’ commissaris van de koning noemen. Alleen in Drenthe is de naam van de commissaris bij meer dan de helft van de bevolking bekend (52 procent). De bekendheid van de commissarissen is ten opzichte van eenzelfde onderzoek van Team Vier twaalf jaar geleden gedaald. Toen was nog 28 procent van de kiezers bekend met de commissaris. 

Na oud-staatssecretaris Jetta Klijnsma (Drenthe) zijn René Paas (48 procent, Groningen) en Han Polman (44 procent, Zeeland) de bekendste commissarissen. Uit het onderzoek blijkt verder dat hoe ouder de kiezer is, des te vaker hij of zij de naam van de commissaris kent. Onder de jongste kiezers is dat aandeel 8 procent, onder kiezers van 35 tot en met 49 jaar 13 procent, onder kiezers van 50 tot en met 64 jaar 23 procent en onder kiezers van 65 jaar en ouder 42 procent.


Verantwoording
Team Vier hield het onderzoek van 29 januari tot en met 1 februari 2019. Er werden 776 kiesgerechtigde Nederlanders ondervraagd, met ten minste 30 interviews per provincie. De resultaten zijn gewogen naar geslacht, leeftijd en provincie en zijn daarmee representatief voor de volwassen Nederlandse bevolking.


Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.