of 59318 LinkedIn

Openbare orde online vergt humor en vindingrijkheid

Burgemeesters zitten met de handen in het haar bij online incidenten die een uitstraling kunnen hebben op de openbare orde, vertelt NHL Stenden-onderzoeker Willem Bantema. Hij onderzoekt of burgemeesters behoefte hebben aan meer instrumenten voor het bewaken van de openbare orde online, en welke dat dan moeten zijn.

Burgemeesters zitten met de handen in het haar bij online incidenten die een uitstraling kunnen hebben op de openbare orde, vertelt NHL Stenden-onderzoeker Willem Bantema. Hij onderzoekt of burgemeesters behoefte hebben aan meer instrumenten voor het bewaken van de openbare orde online, en welke dat dan moeten zijn.

Project-X Haren

Het bleek een paar jaar geleden bij het Project-X-incident in het Groningse Haren, recentelijker in Enschede, en onlangs in aanloop van de Sneekweek die momenteel gaande is: burgemeesters vinden het moeilijk om de gevolgen van online incidenten voor de openbare orde te voorspellen en preventief in te grijpen. Ook staan zij vaak voor de vraag hoe zij traditionele openbare orde-instrumenten proportioneel moeten inzetten. ‘In de tijd dat sommige van die instrumenten werden bedacht, moest de eerste geslaagde vlucht met een vliegtuig nog plaatsvinden’, aldus Bantema.

 

Heel veel bluf

In zijn eerdere onderzoek Burgemeesters in Cyberspace concludeerde Bantema al nauwelijks in staat zijn om hun openbare orde-bevoegdheden preventief online te laten gelden. Grondrechten zoals de vrijheid van meningsuiting en het demonstratierecht maken online-ingrijpen nagenoeg onmogelijk. Bantema: ‘Je ziet hooguit dat een burgemeester dreigt met een last onder dwangsom als hij of zij verwacht dat bijvoorbeeld een Facebook-post problemen gaat veroorzaken voor de openbare orde. Zoiets is nooit voor de rechter geweest en zou waarschijnlijk geen stand houden. Het is inderdaad heel veel bluf, maar voor burgemeesters staat de openbare orde eenmaal voorop.’ Volgens Bantema hebben veel burgemeesters nog nooit over de vraag nagedacht. ‘Sommigen willen meer bevoegdheden, maar hebben vervolgens geen flauw idee welke.’

 

Best practices-lijst

In zijn huidige onderzoek heeft Bantema respons gekregen van 26 procent van ’s lands burgemeesters. Hij vroeg bij hen casussen van online incidenten met een openbare orde-uitstraling op. De opsomming die Bantema maakt is lang: ‘Oproepen tot demonstraties, spontane feesten en evenementen, vechtpartijen tussen hooligans, illegale straatraces, hetzes tegen pedo’s en andere zedendelinquenten die vrij zijn gekomen, online bedreigingen van gezagsdragers, polarisatie, nepnieuws en desinformatie, foto’s en filmpjes van ongelukken die online verschijnen en woede opwekken, treitervloggers en influencers die hordes jongeren op de been brengen, online haatacties tegen vluchtelingen, en verstoring van de gemeentelijke dienstverlening.’ Bantema vroeg burgemeesters naar het soort incidenten waarmee zij ervaring hebben, en met welke het recentst. Ook vroeg hij de burgervaders en -moeders of zij acties ondernamen, welke, en wat het resultaat van die acties was. ‘Dat moet uiteindelijk een soort van best practices-lijst opleveren.’

 

Zachte middelen

Zolang er geen harde, wettelijke middelen zijn, is Bantema’s tip nummer 1 voor burgemeesters om vooral de zachte middelen zo goed mogelijk in te zetten. ‘Heel veel zit ‘m in communicatie voordat het iets juridisch wordt. Sommige burgemeesters posten zelf een Facebook-bericht om de angel uit een situatie te halen. Of ze maken een tegenvlog. Een burgemeester vertelde over een evenement waarbij rumoer ontstond na een gerucht dat er een schietincident had plaatsgevonden. Die burgemeester zag dat en postte een tegenbericht, waarop de kalmte terugkeerde en mensen gezellig verder feestten.’ Desgevraagd vindt hij een recente actie van de burgemeester van Gilze-Rijen een goed voorbeeld. Een paar grapjassen postten een nepevenement onder de naam ‘Een lang weekend processierups knuffelen’, waarvoor 50.000 mensen interesse toonden. Een woordvoerder van de gemeente nam contact op met de ‘organisatoren’, die het nepevenement vervolgens aflasten. Humor, vindingrijkheid en ook vooral voeling met de effecten en dynamieken van sociale media zijn daarbij volgens Bantema de hoofdingrediënten.

 

APV voor virtuele ruimte

Bantema wil ook van burgemeesters weten of zij vinden dat het hun verantwoordelijkheid is om zich te mengen in de activiteit op sociale mediaplatforms, en of zij vinden dat zij een censuurbevoegdheid moeten krijgen. Ook wil hij weten of burgemeesters vinden dat zij genoeg instrumenten hebben en of zij suggesties voor verbetering hebben. ‘Daarbij is er ook een discussie of er iets bestaat als een online openbare ruimte, en hoe die begrensd is.’ Een symbolisch vergezicht ziet hij in de APV van het Belgische plaatsje Jette, bij Brussel. ‘Daarin staat iets in de trant van: ‘Dit regelement is van toepassing op de openbare ruimte en iedere reële of virtuele voor het publiek toegankelijke ruimte.’ Dat houdt denk ik juridisch geen stand, maar het is een interessant vertrekpunt’, aldus Bantema. Hij verwacht zijn onderzoek in opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid en het CCV in begin 2020 te publiceren.

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door BL (adviseur ) op
goed initiatief om dit te onderzoeken en hierop meer politiek-bestuurlijke opinievorming te stimuleren