of 61869 LinkedIn

Nieuwe omgangsregeling ambtenaren en politiek

Het contactverbod tussen ambtenaren van ministeries en Kamerleden wordt minder strikt. Minister Ollongren van Binnenlandse Zaken komt met nieuwe aanwijzingen voor die relatie die minder streng zijn als de regeling die is vervat in de zogeheten Oekaze-Kok.

Het contactverbod tussen ambtenaren van ministeries en Kamerleden wordt minder strikt. Minister Ollongren van Binnenlandse Zaken komt met nieuwe aanwijzingen voor die relatie die minder streng zijn als de regeling die is vervat in de zogeheten Oekaze-Kok.

Dat meldt de minister in een brief van de regering aan de Tweede Kamer. Sinds de Oekaze-Kok, die dateert van 1998, heerst het beeld dat rijksambtenaren zo goed als geen externe contacten mogen hebben. Kern van de regels van toenmalig premier Wim Kok, is dat ambtenaren alleen in bepaalde omstandigheden, en met goedkeuring van de minister met Kamerleden en journalisten mogen praten.

 

Onuitvoerbaar

Volgens Ollongren klopt dat beeld weliswaar niet helemaal, maar om aan die onduidelijkheid een einde te maken komt ze met nieuwe aanwijzingen. In die nieuwe tekst wordt de nadruk gelegd op wat er wel mogelijk is met betrekking tot feitelijke informatieverstrekking van ambtenaren aan de Kamers en Kamerleden.

Ze is daartoe overgegaan nadat onder meer de Raad van State en de commissie-Remkes het kabinet adviseerden de huidige spelregels tegen het licht te houden. Ook in onderzoeken naar problemen bij het UWV en, meer recentelijk, de Belastingdienst kwamen de consequenties van de contactarmoede als gevolg van de 'Oekaze-Kok' voorbij. Politici vinden contact tussen Kamerleden en ambtenaren belangrijk, omdat dat zou kunnen voorkomen dat de Kamer wetten en regels maakt die in de praktijk niet goed uitvoerbaar zijn. Vanwege het beperkte contact tussen rijksambtenaren en volksvertegenwoordigers gaat het op dat vlak met regelmaat mis.

 

Parlementair contactpersoon

Ollongren heeft de tekst nu herzien ‘om het strenge imago van de aanwijzingen weg te nemen.’ Zo wordt in de tekst ‘verduidelijkt dat verzoeken om informatie welwillend en zakelijk zullen worden beoordeeld.’ Elk departement krijgt bovendien een door de minister aangewezen ‘parlementair contactpersoon’, die verzoeken van Kamerleden om feitelijke informatie in behandeling neemt. ‘Daarmee komt er voor Kamerleden voor wat betreft verzoeken tot feitelijke informatie één duidelijk aanspreekpunt’, aldus Ollongren.

 

Ook externen

Aan het begrip ’ambtenaren’ wordt in de nieuwe tekst een ruimere betekenis toegekend. Het gaat hierbij om alle personen die vallen onder het gezagsbereik van een minister: niet alleen ambtenaren die werkzaam zijn voor de ministers en de staatssecretarissen of voor een van de onder hen ressorterende ambten, instellingen of diensten, maar ook militaire ambtenaren, regeringscommissarissen, medewerkers van de planbureaus, medewerkers van de belastingdienst en leden van het openbaar ministerie. De aanwijzingen gelden verder ook voor interim-managers of ’ingehuurde’ externe adviseurs die voor een minister werkzaam zijn.

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Jan op
Prima ontwikkeling. Nu ook nog invoeren bij de gemeenten. Sinds de dualisering is direct contact tussen raadsleden en ambtenaren vrijwel altijd uit den boze. Altijd zit de griffie ertussen. Dat leidt tot verwatering en vertraging van de informatie.