of 62812 LinkedIn

'Meer uniformiteit in risicoanalyse kandidaat-wethouder'

Gemeenten zouden de verplichte risicoanalyse integriteit voor kandidaat-wethouders niet moeten kunnen opnemen in een eigen verordening, want dan kunnen zij die risicoanalyse naar eigen inzicht vormgeven. Dat komt uniformiteit in de uitvoering niet ten goede en vormt een groot afbreukrisico voor kandidaat-wethouders.

Gemeenten zouden de verplichte risicoanalyse integriteit voor kandidaat-wethouders niet moeten kunnen opnemen in een eigen verordening, want dan kunnen zij die risicoanalyse naar eigen inzicht vormgeven. Dat komt uniformiteit in de uitvoering niet ten goede en vormt een groot afbreukrisico voor kandidaat-wethouders.

Risicoanalyse niet in verordening

Dat schrijft de VNG in een reactie op consultatie op de Nota van Wijziging wetsvoorstel bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur die vrijdag is afgerond. De VNG is het ermee eens dat demissionair minister Ollongren van BZK er in het voorstel voor kiest om de verplichte risicoanalyse geen benoembaarheidsvereiste te maken. Maar gemeenten zouden niet zelf regels moeten kunnen vastleggen over reikwijdte en proces van deze risicoanalyse met het instrument van de verordening. ‘Wij pleiten er met nadruk voor om dit in de wet zelf uit te werken.’

Rol burgemeester regelen
Mocht de minister vasthouden aan een verordening dan moeten verschillende onderwerpen worden geregeld, stipt de VNG aan, zoals de rol van de burgemeester, bronnen die worden gebruikt voor de analyse, aspecten die worden besproken, informatie die wordt betrokken en op welke manier de privacy wordt gewaarborgd van de beoogd wethouder en derden die eventueel worden betrokken in de risicoanalyse. Dat vergt een uitgesproken gedetailleerde beschrijving in de verordening van hoe de risicoanalyse zal worden uitgevoerd. ‘Kandidaat-wethouders moeten immers vooraf weten waar ze aan toe zijn.’

Ernstig afbreukrisico
Dit brengt volgens de VNG met zich mee dat de verordening de procedure en de inhoud van de risicoanalyse sluitend moet beschrijven. ‘Als dat niet sluitend wordt geregeld, lopen kandidaat-wethouders een ernstig afbreukrisico.’ Dit kan ertoe leiden dat een kandidaat-wethouder niet wordt benoemd en bij andere overheden geen kans meer maakt. ‘In het uiterste geval kan een onvolledige of onzorgvuldige regeling leiden tot schadeclaims en een afname van de aantrekkelijkheid van het ambt.’ De risicoanalyse moet dus een bepaald gewicht hebben en voldoende uitgewerkt zijn.

Reële financiële compensatie
Verder ontbreekt in de toelichting op het wetsvoorstel informatie over de financiële consequenties voor gemeenten die voor de risicoanalyses dure externe bureaus moeten inhuren. De VNG gaat uit van een ‘reële financiële compensatie’ voor de nieuwe taak en verantwoordelijkheid van gemeenten. ‘Wij vragen u een projectorganisatie op te zetten en te financieren die ervoor zorgt dat onder uw leiding, met medewerking van de VNG, een actuele handleiding en eventueel een modelverordening worden gemaakt die richtinggevend zijn voor de uitvoeringspraktijk.’

Twijfel over haalbaarheid invoering
Toch vragen de gemeenten zich af of de planning voor de invoering wel realistisch is. De minister wil dat gemeenten de verplichte risicoanalyse toepassen bij de gemeenteraadsverkiezingen in 2022. ‘Wij twijfelen zeer of uw ambitie haalbaar is.’ De bepaling moet dan uiterlijk op 1 januari 2022 van kracht zijn, gemeenten moeten dan aan de slag kunnen met een uniforme regeling en ook gebruik kunnen maken van een actuele handleiding. De VNG wijst erop dat de verplichte risicoanalyse voor politieke partijen aanleiding zal zijn om bij het werven voor en samenstellen van de kandidatenlijst rekening te

houden met de analyse en eventuele uitkomsten daarvan. ‘De laatste dag van de kandidaatstelling is al op 31 januari 2022. Bovendien zullen gemeenten nog veel handelingen moeten verrichten om uw beleidsambitie uit te kunnen voeren.’

Burgemeester ‘kwetsbaar’
Verder heeft de VNG nog drie specifieke aandachtspunten, zoals verduidelijking van de explicietere verantwoordelijkheid die de burgemeester met het wetsvoorstel krijgt in het benoemingsproces van kandidaat-wethouders en tijdens de collegeperiode. ‘Dit kan hem of haar politiek kwetsbaar maken.’ De VNG wil bijvoorbeeld meer duidelijkheid over in welke mate een burgemeester als opdrachtgever verantwoordelijk is te houden voor een zorgvuldige uitvoering door een externe partij. ‘In hoeverre is de burgemeester aanspreekbaar op informatie die de (kandidaat-)wethouder verzwijgt? Hoe ver moet de burgemeester doorvragen? En waarom zou een vertrouwenscommissie hier niet ook een rol in kunnen spelen?’


Risicoanalyse ‘niet controleerbaar voor raad’
Daarnaast zijn er zorgen over de openbare besluitvorming over uitkomsten van de risicoanalyse. Het wetsvoorstel maakt onderscheid tussen de openbare informatie van de conclusie, aanbevelingen en beheersmaatregelen uit de risicoanalyse en de onderliggende informatie uit de risicoanalyse waar een absolute geheimhoudingsplicht voor geldt. Begrijpelijk uit privacyoverwegingen, maar lastig voor de gemeenteraad om bevindingen te formuleren zonder weet te hebben van onderliggende feiten. ‘De risicoanalyse is hierdoor niet controleerbaar voor de gemeenteraad.’ Verder kan de kandidaat-wethouder zich zonder feitelijke informatie ook moeilijk verdedigen tegenover de raad. ‘En de burgemeester krijgt dan een grote verantwoordelijkheid voor het advies aan de gemeenteraad.’

Maximale bescherming persoonsgegevens
Tweede aandachtspunt is de bescherming van persoonsgegevens van de kandidaat-wethouder en de positie van de gemeentelijke bestuursorganen als AVG-verwerkingsverantwoordelijke. De VNG wil een ‘maximale bescherming’ van persoonsgegevens van kandidaat-wethouders tijdens de uitvoering van een risicoanalyse. ‘Afbreukrisico voor betrokkenen moet worden voorkomen.’ Op gemeenten rust verder de verantwoordingsplicht om als verwerkingsverantwoordelijke te kunnen aantonen en onderbouwen dat een verwerking van persoonsgegevens rechtmatig is geschied. De VNG wil weten waarom de minister niet heeft gekozen voor de grondslag van de wettelijke verplichting (artikel 6, eerste lid, onder c. van de AVG).

Externe bureaus
Ook ziet de VNG graag de informatieplicht jegens de kandidaat-wethouder vermeld in het voorstel. Daarbij moet de minister duidelijk maken wanneer gemeentelijke bestuursorganen en/of externe bureaus in de uitvoering van de risicoanalyse optreden in de rol van verwerkingsverantwoordelijke dan wel verwerker in de zin van de AVG. Ook stipt de VNG aan dat uitvoerende externe bureaus hun informatiebeveiliging op orde zullen moeten hebben, passende technische en organisatorische maatregelen zullen moeten hebben getroffen, een passend gegevensbeschermingsbeleid zullen moeten voeren en over goedgekeurde gedragscodes en certificeringsmechanismen zullen moeten beschikken. De VNG heeft de voorkeur voor één bureau en heeft bedenkingen bij meerdere bureaus.

Complicaties bij herindeling
Derde aandachtspunt is dat er mogelijk complicaties zijn bij een gemeentelijke herindeling. Een nieuwe raad kan na de herindelingsverkiezingen medio november pas na 1 januari de uitkomsten van de risicoanalyse van de enkele dagen later in de eerste raadsvergadering te benoemen wethouders beoordelen. ‘Het is dus de vraag of het in de praktijk en gelet op de termijn van twee werkdagen na 1 januari wel gaat lukken om een risicoanalyse aan de raad van de nieuwe gemeente voor te leggen, de raad daarvan kennis te laten nemen en in dezelfde raadsvergadering de wethouders te benoemen.’ Tot slot vindt de VNG het belangrijk dat in de toelichting van het wetsvoorstel nog informatie komt te staan over de consequenties wanneer een burgemeester, wethouder of raadslid een nevenfunctie niet meteen openbaar maakt.

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.