of 59250 LinkedIn

Kans op strafzaak Spijkers lijkt klein

Het Openbaar Ministerie vindt dat de gezondheidsdienst RBB ‘valsheid in geschrifte’ heeft gepleegd ten koste van klokkenluider Fred Spijkers. In een poging Spijkers gek te laten verklaren, is volgens Justitie onder meer gerommeld met psychiatrische rapporten. Maar hiermee is niet gezegd dat het ooit tot een strafzaak komt.

Geschokt
Hans van Atteveld, advocaat-generaal bij het gerechtshof in Den Haag, toonde zich in 1999 geschokt toen hij het dossier- Spijkers tegen het licht had gehouden. De RBB had zich naar zijn mening schuldig gemaakt aan valsheid in geschrifte.

Kwalijk
 In een notitie aan het Hof sprak Van Atteveld van ‘een uitermate kwalijk feit’ en van ‘een strafwaardige gedraging waarvoor vervolging tot de mogelijkheden behoort’. Dat het nooit tot een strafzaak is gekomen, heeft te maken met onderhandelingen tussen Spijkers en Defensie. Deze besprekingen leidden in 2002 uiteindelijk tot een ‘vaststellingsovereenkomst’. Onderdeel hiervan was dat Spijkers de bij het gerechtshof in gang gezette procedure zou stopzetten.

Geen prioriteit
Geert-Jan Knoops, de huidige advocaat van Spijkers, stelt dat de kwestie rond de RBB hierdoor ‘in de lucht is blijven hangen’. Knoops vermoedt dat het met een hernieuwde aangifte wellicht mogelijk is om in deze zaak alsnog verdachten voor de rechter te brengen. ‘Maar hier ligt niet onze prioriteit’,zegt hij. ‘Wij hopen dat er eindelijk een streep onder de zaak gezet kan worden, en daarover gaan we in gesprek met minister Hillen.’

Mijn
Het door Knoops genoemde gesprek volgt op een recente uitspraak van de Centrale Raad van Beroep. Dit college stelde enkele weken geleden vast dat opeenvolgende ministers van Defensie schuldig zijn aan het ontslag van Fred Spijkers, die tot 1993 bij het departement in dienst was als bedrijfsmaatschappelijk werker. Ook oordeelde de Raad dat ‘de bron’ van het arbeidsconflict was gelegen in het feit dat Spijkers in 1984 weigerde om de weduwe van een verongelukte munitie-expert te vertellen dat haar man door eigen onvoorzichtigheid om het leven was gekomen. Spijkers wist dat er in werkelijkheid al lange tijd problemen waren met het bewuste type mijn, dat een jaar eerder aan zeven militairen het leven had gekost.

Vervolgen
Knoops begrijpt de veelgehoorde roep, op onder meer de website van Binnenlands Bestuur, om de schuldigen in de zaak-Spijkers nu te vervolgen. Maar de kans dat het ooit zover komt, lijkt niet groot. Ten eerste omdat Spijkers en Knoops er op dit moment geen prioriteit aan toekennen. Maar ook omdat Knoops, behalve bij de RBB-zaak, vooralsnog weinig harde strafbare feiten vermoedt: ‘Over concrete verdachten kun je niet spreken. Daarvoor zou eerst nader onderzoek nodig zijn. Bij veel aspecten in het dossier- Spijkers gaat het om schemergebied; om het grijze gebied tussen wat wel geoorloofd is, en wat niet.’ De andere kant is: in de zaak-Spijkers weet je het maar nooit. Fred Spijkers zelf laat weten dat hij van moment tot moment bekijkt welke stap volgens hem de beste is. ‘Op deze trap ga ik tree voor tree naar boven. Ik sluit helemaal niets uit.’

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door Michiel Jonker op
Aanvulling op mijn bijdrage van 15 januari:

De huidige tendens van onze rechterlijke macht om zichzelf ontoegankelijk te maken voor klokkenluiders en anderen die om waarheidsvinding vragen, beperkt niet tot het strafrecht of het bestuursrecht.

In NRC Handelsblad van 19 maart 2011 staat een lezenswaardig artikel van oud-advocaat Peter Prinsen, getiteld: "Of beschuldiging waar is, doet er bij kinderrechter niet toe". Hierin beschrijft hij precies dezelfde mentaliteit van bureaucraten en rechters waar ik zelf als klokkenluider tegenaan ben gelopen. Alleen gaat het nu om jeugdzorg en kinderrechters.

Er wordt veel geklaagd over het "irrationalisme" van Geert Wilders en zijn PVV, waarmee hij "de Verlichting de rug toekeert". Als dat zo is, dan is Wilders daarin helemaal niet uniek. Politici van gevestigde partijen en rechters hebben dat al geruime tijd vóór Wilders gedaan. Alleen werd dat bedekt met een rechtsstatelijke woordenbrij.

Op dat punt is Wilders eerlijker dan veel andere politici, zoals bijvoorbeeld ook Bas Heijne constateert in zijn column "Liberale hypocrisie" (eveneens in NRC Handelsblad van 19 maart 2011).

Niet Wilders is het grote probleem, maar het dédain van zogenaamde rechtsstatelijk georiënteerde politici en rechters voor de beginselen die ze zeggen hoog te houden. Steeds meer mensen prikken daar doorheen. Ze geloven niet meer in de nieuwe kleren van de keizer.

Het citaat op de website van de Expertgroep Klokkenluiders (www.expertgroepklokkenluiders.nl) is zeer toepasselijk als het gaat om gevestigde politici en rechters:

"The world is a dangerous place to live; not because of the people who are evil, but because of the people who don't do anything about it." - Albert Einstein.

Is Wilders "evil"? Of is hij juist één van diegenen die iets tegen het kwaad onderneemt? Het antwoord kan gegeven worden door diegenen die tot dusverre "niks" hebben gedaan behalve het bevorderen van hun eigen politieke of rechterlijke loopbaan. Als zij op de valreep alsnog de juiste lessen trekken uit de uitdaging die Wilders biedt, dan heeft ook Wilders het goed gedaan.

Het alternatief is dat we toegaan naar een nieuwe versie van de Middeleeuwen.
Door Joschke op
De rechtvaardigheid vereist dat alle beperkende voorwaarden worden opgeschort. Iemand die zich misdadig gedraagt, dient vervolgd te worden...
Door Michiel Jonker op
Citaat uit het artikel: "...omdat Knoops, behalve bij de RBB-zaak, vooralsnog weinig harde strafbare feiten vermoedt (...). Bij veel aspecten in het dossier- Spijkers gaat het om schemergebied; om het grijze gebied tussen wat wel geoorloofd is, en wat niet.’..."

Als het in een mega-zaak als die van Spijkers al bijna onmogelijk is om te bewijzen dat er strafbare feiten zijn gepleegd, dan is het niet verbazend dat klokkenluiders in veel andere zaken geen enkele bescherming kunnen ontlenen aan het strafrecht.

Voor klokkenluiders in overheidsdienst, zoals Spijkers, lijken dan over te blijven:
- het bestuursrecht (als het gaat om de inhoud van de gemelde zaak en de manier waarop de klokkenluider behandeld wordt);
- het privaatrecht (niet over de inhoud van de zaak, maar i.v.m. eventuele schadeclaim als de klokkenluider persoonlijke schade heeft geleden).

Probleem is dat in bestuursrechtelijke jurisprudentie klokkenluiders op twee manieren worden afgeserveerd:
(1) een melding van een misstand wordt door bestuursrechters gelijkgesteld aan een "klacht" (hoofdstuk 9 Awb) waarvan de inhoud überhaupt niet wordt getoetst door de bestuursrechter.
(2) bestuursrechters interpreteren de "discretionaire bevoegdheden" van het bevoegd gezag zo ruim, dat ze daarmee de deur openzetten voor ongemotiveerde willekeur in de omgang met klokkenluiders.

Deze jurisprudentie is, voor zover ik weet, een historisch gegroeide keuze van rechters, niet van de wetgever. Kennelijk voelen bestuursrechters veel affiniteit met het bevoegd gezag, en weinig met klokkenluiders.

Als gevolg van deze dubieuze interpretatie en attitude van bestuursrechters heeft een klokkenluider, als zijn melding niet goed wordt afgehandeld, in de praktijk meestal geen poot om op te staan, noch bij de strafrechter, noch bij de bestuursrechter.

Pas wanneer de klokkenluider zwaar beschadigd wordt en er veel media-aandacht is geweest, maakt hij soms een kans bij de rechter - maar ook dan (blijkt o.a. uit de zaak-Spijkers) is een integere houding van de rechter niet vanzelfsprekend.

Vermoedelijk zal deze situatie pas veranderen als de nationale wetgever expliciete wetgeving opstelt die de ruimte van bestuursrechters om klokkenluiders af te serveren, drastisch verkleint. Zolang dat niet gebeurt, blijft voor ambtenaren het weigeren van medewerking aan een misstand, en al helemaal het melden ervan, in veel gevallen een kamikaze-actie.

Verontwaardiging van parlementariërs over misstanden bij de overheid is gebakken lucht, zolang ze zelf niet bereid zijn adequate wetgeving in te voeren die ambtenaren in staat stelt integer te blijven en misstanden tegen te gaan.
Door Boudewijn Warbroek (Redacteur Binnenlands Bestuur) op
@Johan.
Het Hof heeft het onderzoek in 1999 voor onbepaalde tijd geschorst 'teneinde een andere oplossing van de zaak niet te doorkruisen'. Dat is ook waarop de heer Knoops doelt, als hij zegt dat deze kwestie 'in de lucht is blijven hangen'.
Door johan op
Werkt de betrokkene nog wel? Het is volgens mij in de jaren 80 van de vorige eeuw gebeurd. Die man kan allang gepensioneerd zijn of overleden zijn. We spreken hier over zo een oude zaak
Dan nog wat: Hoe kan je als je al een keer aangifte gedaan hebt en die is afgehandeld (In dit geval door terugtrekking van Spijkers) nog een keer aangifte doen? Telt hier de regel "Ne bis in idem" dan niet? En waarom dan niet?
Door Norbert (wijkzaken) op
Ik wens dhr. Spijkers veel succes maar eigenlijk vind ik dat de Gezondheidsdienst over een zelfreinigend vermogen moet beschikken om de verantwoordelijke een spiegel voor te houden en hem of haar dringend te verzoeken daar conclusies aan te verbinden.
Die kans moet Knoops de gezondheidsdienst maar geven als een strafzaak momenteel geen prioriteit heeft. En dan kijken hoe de gezondheidsdienst hiermee omgaat en daar als BB ook op monitoren.