of 59123 LinkedIn

Integriteit gaat de hele gemeente aan

Het lijkt alsof het onderwerp integriteit bij de gemeentelijke overheid beperkt is tot de screening van nieuwe wethouders. Maar integriteit raakt de volle breedte van de gemeente. Henk Eleveld en Ton de Regt houden een pleidooi voor een brede, actieve, pragmatische en tegelijkertijd principiële benadering.
5 reacties

Het lijkt alsof het onderwerp integriteit bij de gemeentelijke overheid beperkt is tot de screening van nieuwe wethouders. Maar integriteit raakt de volle breedte van de gemeente. Henk Eleveld en Ton de Regt houden een pleidooi voor een brede, actieve, pragmatische en tegelijkertijd principiële benadering.

Vrijblijvend 

Discussies rond integriteit hebben soms een ongericht en vrijblijvend karakter. De vraag wat integriteit nu eigenlijk is, wordt niet altijd  helder beantwoord. Soms wordt integriteit gezien als een soort keurmerk voor de hele organisatie, in andere gevallen betreft het gedrag van individuele leden van de organisatie. De betekenis van het begrip lijkt te vallen in de categorie ‘dat weet iedereen toch?’ Dat is echter nog maar de vraag.


Ongrijpbaar fenomeen
Integriteit is inderdaad een veelvormig en nogal ongrijpbaar fenomeen. Wij definiëren het primair als gedragscomponent. In een integere organisatie is geen sprake van norm­overschrijdend gedrag – in het geval van de overheid bijvoorbeeld cliëntelisme, omkoping, belangenvermenging, intimidatie, pesten. Het kan interne of externe zaken betreffen. Denk aan activiteiten als inhuur van externen, fraude bij bouw- en onderhoudsprojecten (affaire-Van Rey), fraude met uitkeringen en pgb’s, lekken van gevoelige informatie.


Gedragsprobleem
Het kan ook om kleinschalige zaken gaan, zoals het pesten van een medewerker. Aantasting van integriteit is het gevolg van bewust overschrijden van normen (al dan niet in groepsverband) door individuele leden van een organisatie. Het is feitelijk een gedragsprobleem. Er bestaat uiteraard een wisselwerking met de heersende cultuur in de organisatie.


Ad hoc
Behalve de afbakening van onderwerpen kan de vraag kan worden gesteld op grond waarvan wordt geoordeeld of iets wel of niet integer of normoverschrijdend is. Soms bestaan daarvoor duidelijke toetsingskaders (bijvoorbeeld de Algemene wet bestuursrecht of een eigen gemeentelijk beleidskader). Maar soms moet dat oordeel ad hoc worden geveld, omdat er geen kader is.


Beetje integer
Terugkerend is de discussie over de vraag of ‘een beetje integer’ mogelijk is. Aanleiding daarvoor is de legendarische quote van de even legendarische Ien Dales als minister van Binnenlandse Zaken (BZK): ‘Een overheid kan niet én een rechtsstaat zijn én niet integer. Een niet-integere overheid kan de rechtsorde niet handhaven. De overheid is of wel of niet integer. Een beetje integer bestaat niet.’


Moderner jasje
Naderhand relativeerde de toenmalige BZK-minister Ronald Plasterk deze uitspraak en probeerde kennelijk Dales in een wat moderner jasje te verpakken: ‘Die uitspraak heeft veel indruk gemaakt en was toen heel nuttig’, zei Plasterk in een interview met Binnenlands Bestuur. Maar de stelling ‘je bent integer of je bent het niet’ was volgens hem te zwart-wit. ‘Het zou je de verkeerde richting op kunnen sturen doordat je voor jezelf vaststelt dat je integer bent en dat het daarmee dus klaar is. Maar bij concrete gevallen van integriteitsschending blijkt dat het vaak misgaat bij dingen waar iemand – of de organisatie – onvoldoende alert is. Veel beter is het om toe te geven dat er een grijs gebied is.’


Grijs gebied

Er bestaat een grijs gebied tussen integer en niet integer gedrag. Dat is een terechte aanvulling op de Dales-doctrine. Maar dat betekent niet je een beetje integer kunt zijn. Het is ook onduidelijk wat ‘een beetje’ is. Is dat meer of minder dan 50 procent? En betreft het de hele organisatie of het
individu? Het ‘beetje’ is verwarrend en bovendien riskant en daarom contraproductief. Hier is een principiële benadering noodzakelijk: normoverschrijdend gedrag = niet integer. En in het verlengde hiervan: een organisatie die in dat geval niet actief handelt = niet integer. In het ‘grijze gebied’ bevinden zich handelingen die op verschillende wijze kunnen worden beoordeeld. Maar zodra iets kan worden beoordeeld als norm­overschrijdend, gaat het om niet-integer handelen. Zoals bij juridische kwesties ‘een beetje strafbaar’ ook niet mogelijk is.


Verzachtende omstandigheden
Wel kunnen verzachtende omstandigheden een rol spelen, en ook de zwaarte van de overtreding en eventuele sanctie. Integriteit behoort immers mede tot het ‘ethische domein’ en is lastig in louter technische termen te benaderen. Formele kaders zijn noodzakelijk, maar niet afdoende om niet-integriteit zicht- en hanteerbaar te maken. Integriteit bevat een zekere subjectieve component. Zoals ook de ene rechter een bepaalde handeling strafbaar acht en een andere niet. Belangrijk is dus ook de hiervoor opgeworpen vraag door wie en op grond waarvan een oordeel over normoverschrijding wordt geveld.

 

Lees het hele essay over integriteit deze week in BB15 (inlog)

 

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door A.Stuiver op
Mensen met de grootste mond over integriteit,die heb ik uiteindelijk het hardste onderuit zjen gaan.
Door Burgert (Burgert) op
Laat de Tweede Kamer eens het voorbeeld geven!
Door Burgert (Burgert) op
Er staat: normoverschrijdend gedrag = niet integer.

Maar ook: Behalve de afbakening van onderwerpen kan de vraag kan worden gesteld op grond waarvan wordt geoordeeld of iets wel of niet integer of normoverschrijdend is. Soms bestaan daarvoor duidelijke toetsingskaders (bijvoorbeeld de Algemene wet bestuursrecht of een eigen gemeentelijk beleidskader). Maar soms moet dat oordeel ad hoc worden geveld, omdat er geen kader is.

Dat is niet fraai. In het recht kennen we niet voor niets het legaliteitsbeginsel. Integriteit blijft daarom een zacht begrip waar je weinig mee kunt.
Door P.J. Westerhof LL.M MIM op
Weer een discutabel stukje, met veel gebruik van academische termen en kromme quasi-juridische vergelijkingen.
Alsof integriteit onderhandelbaar is, of een kwestie van 'even niet opletten'.

Ronald 'Beetje integer' Plasterk en niet te vergeten Peter 'Normen & waarden' Balkenende. Waarbij de laatste morele ridder de daad bij het woord voegde en alcoholische versnaperingen smokkelde naar een Nederlandse ambassade in een islamitisch land. En daarna vrolijk lezingen over ethiek en integriteit bleef geven.

'De vis begint aan de kop te stinken' is een oud gezegde, dat nog steeds op gaat.
Zelfverklaarde deskundigen geven seminars, druk bezocht door aanmatigende managers die vervolgens de organisatie wel eens op het rechte spoor zullen dwingen.

Dales zou zich in haar graf omdraaien.
Door Martijn op
Het feit dat er een grijs gebied is, is een epistemische claim, maar geen morele.

Anders gezegd,het is inderdaad het geval dat we geregeld niet goed weten wat wel of niet kan, wat wel of niet geoorloofd of toelaatbaar is. Dat is echter een tekortkoming van informatie, context of een gebrek onze eigen cognitieve capaciteiten. Het betekent echter niet dat er uiteindelijk geen grond is.

Het niet kunnen beslechten van een demarcatiegeval of het oplossen van een demarcatieprobleem, bijvoorbeeld omdat bepaalde wetenschap (of wellicht bewustzijn van de zaak) ontbreekt betekent dat een grijs zich voordoet, maar het voordoen van dingen correspondeert niet met het zijn van de dingen.

Het niet kennen van de grond betekent geen afwezigheid van de grond als zodanig. Dales had het bij het juiste eind.