of 61043 LinkedIn

Gemeenten moeten meer geld en beleidsvrijheid krijgen

Het gemeentelijk belastinggebied moet worden verruimd met zes miljard euro. Taakdifferentiatie in het takenpakket van gemeenten moet mogelijk worden gemaakt. Dit adviseert de studiegroep Interbestuurlijke en Financiële Verhoudingen.

Het gemeentelijk belastinggebied moet worden verruimd met zes miljard euro. Ook moet worden toegewerkt naar een duurzaam provinciaal belastinggebied. Decentrale overheden moeten meer zeggenschap krijgen op de gedecentraliseerde taken, ook bij kabinetsformaties. Verkokering moet worden aangepakt. Niet alle gemeenten moeten hetzelfde takenpakket krijgen; differentiatie moet mogelijk worden gemaakt.

Maatschappelijke opgaven

Dit zijn enkele adviezen van de studiegroep Interbestuurlijke en Financiële Verhoudingen. Haar eindrapport ‘Als één overheid. Slagvaardig de toekomst tegemoet!’ is donderdagmiddag digitaal overhandigd aan de voorzitters van de VNG, IPO en Unie van Waterschappen, minister Ollongren van Binnenlandse Zaken en staatssecretaris Vijlbrief van financiën. De studiegroep was gevraagd met adviezen te komen over actualisering of verbetering van de samenwerking tussen overheden.  


Verlammend

Er is een disbalans tussen rijk en decentrale overheid; in zowel financieel, politiek als cultureel opzicht, concludeert de studiegroep. ‘Meer balans in deze verhouding is gewenst.’ De financiële afhankelijkheid van met name gemeenten aan het rijk is momenteel te groot. ‘Dit werkt verlammend en zet de bijdrage van decentrale overheden onder druk.’ Het gemeentelijk belastinggebied moet daarom fors worden verruimd; met zes miljard euro. ‘Dat draagt het meeste bij aan het vergroten van gelijkwaardigheid tussen overheden.’ Die uitbreiding met gepaard moeten gaan met een navenante verlaging van de inkomstenbelasting.

 

Schommelingen

Door grotere financiële autonomie ‘middels een duidelijk zichtbare belasting’ kunnen decentrale overheden zelf beter inspelen op lokale en regionale ontwikkelingen en maatschappelijke opgaven. Bovendien is dan de impact van schommelingen in het accres kleiner. Verruiming van het lokale belastinggebied is geen oplossing voor de discussies over de tekorten in het sociaal domein, benadrukt de studiegroep. Voor provincies moet worden gezocht naar een andere, zichtbare belastinggrondslag zodat ook provincies weer een duurzame inkomstenbron hebben. Als gevolg van het Klimaatakkoord lopen de inkomsten uit motorrijtuigenbelasting terug.

 

Beleidsvrijheid

Aan het accres moet worden gesleuteld. Gemeenten en provincies hebben de laatste jaren last gehad van schommelingen in het accres. Het rijk moet zorgen voor meer ‘stabiliteit, betrouwbaarheid en voorspelbaarheid’ in de inkomsten. De middelen voor het sociaal domein moeten weer apart worden gezet binnen het gemeentefonds. De trap-op-trap-af systematiek – waarbij het gemeentefonds meegroeit dan wel meekrimpt met de rijksuitgaven – is niet geschikt voor het sociaal domein, vindt de studiegroep. De indexatie van de budgetten moet in pas lopen met de kostenontwikkeling. Het rijk moet tevens zorgen voor ‘voldoende (financiële) middelen’. Het budget moet bovendien voor gemeenten vrij besteedbaar zijn en blijven. Gemeenten hebben voor de taken in het sociaal domein minder beleidsvrijheid dan voor overige taken. In zijn algemeenheid moet het rijk de autonomie van gemeenten en provincies niet verder inperken als taken eenmaal gedecentraliseerde zijn. ‘Zorg voor voldoende beleidsvrijheid om eigen afwegingen te maken, passend bij de lokale en regionale context.’

 

Financiële geschillen

Er moet een ‘gezaghebbend orgaan’ worden aangewezen die kan optreden in (financiële) geschillen tussen overheden om ‘zuiver optreden van overheden te bevorderen en slepende discussies te beëindigen’, beveelt de studiegroep aan. Artikel 2 van de Financiële-verhoudingswet bepaalt weliswaar dat het rijk bij de overheveling van taken de decentrale overheden afdoende geld moet meegeven voor de uitvoering daarvan, maar ‘dit instrument wordt soms slordig ingezet, met allerlei financiële discussies tot gevolg’, stelt de studiegroep. Vooral gemeenten en rijk liggen de laatste tijd nogal eens in de clinch.  

 

Verschillend takenpakket

De inrichting van de overheid houdt te weinig rekening met verschillen in bestuurlijke verhoudingen. Op basis van ‘maatwerk, een grondige analyse en be­stuurlijke overeenstemming’ moet het mogelijk worden om gemeenten binnen een regio een gedifferentieerd takenpakket te geven. ‘Taakdifferentiatie is al mogelijk, maar wordt weinig gestimuleerd en daar­door nauwelijks gebruikt.’ Complexere taken zouden bij een centrumgemeente kunnen worden belegd, of bij een provincie. ‘Het is belangrijk dat dergelijke afspraken vrijwillig tot stand komen, maar tegelijkertijd niet vrijblijvend zijn.’ De studiegroep stelt voor experimenten van onderop mogelijk te maken en te onderzoeken of nieuwe vormen van democratische legitimatie wettelijk mogelijk zijn.

 

Complex en knellend

Er moet gezocht worden naar een alternatief voor interbestuurlijke samenwerking via de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Die wordt vaak als ‘complex en knellend’ ervaren. Er wordt mede daardoor gekozen voor andere, vaak privaatrechtelijke, vormen van samenwerking. ‘Dat leidt tot een grote variëteit aan samenwerkingsverbanden, die niet altijd voldoende zekerheid bieden op het vlak van bijvoorbeeld democratische controle en verantwoording.’ Er moet een interbestuurlijke taskforce worden aangesteld die het kabinet binnen een jaar adviseert over een alternatief voor de Wgr.

 

Lappendeken

Er moet een meer congruente regio-indeling komen, bepleit de studiegroep daarnaast. ‘De lappendeken aan samenwerkingen is complex en levert onduidelijkheid op voor inwoners, bedrijven en volksvertegenwoordigingen.’ Er is in de afgelopen periode weinig gestuurd op het behapbaar houden van het aantal regionale samenwerkingsverbanden. ‘Dat vraagt om actie.’ De komende tijd moet voor geen enkel beleidsterrein een nieuwe regionale indeling worden gemaakt. Gemeenten, provincies en waterschappen moeten worden gestimuleerd om tot meer congruente regio’s te komen voor het fysiek, sociaal en economisch (arbeidsmarkt) terrein. Voorkomen moet worden dat ‘Den Haag’ een nieuwe bestuurlijke indeling van Nederland gaat ontwerpen.  

 

Onwenselijk

Decentrale overheden moeten, ook bij kabinetsformaties, stevig worden betrokken bij gesprekken die over hun takenpakket gaan. ‘In het verleden zijn er tijdens kabinetsformaties regel­matig besluiten genomen met verstrekkende gevolgen voor decentrale overheden, zonder dat zij daarin voldoende gekend werden. Dat is niet wenselijk.’ De studiegroep adviseert geen maatregelen in het regeerakkoord op te nemen die raken aan de taken van de decentrale overheden zonder hun instemming.

 

Intekenboek

Het rijk houdt te weinig rekening met de uitvoeringspraktijk in bijvoorbeeld gemeenten. De studiegroep pleit voor de introductie van een impact assessment als het rijk taken wil overdragen aan decentrale overheden. ‘Zo is er meer oog voor de verwachte doeltreffendheid van beleid. Goede betrokkenheid van decentrale overheden bij de uitvoering van deze toetsen is daarbij van belang.’ Het rijk moet minder verkokerd werken. Ontkokering moet bij alle grote maatschappelijke opgaven het credo zijn, ook bij de decentrale overheden. De maatschappelijke opgave moet centraal staan. Het werken met interbestuurlijke programmateams kan daaraan bijdragen. Om de regie op de aanpak van de maatschappelijke opgaven te versterken, stelt de studiegroep voor met een intekenboek te gaan werken. Daarin beschrijven kabinet en vertegenwoordigers van decentrale overheden de gezamenlijke opgave voor een bepaalde periode. Individuele overheden kunnen intekenen en moeten daarbij vastleggen wat hun bijdrage is. ‘Dit proces van intekenen schept een resultaatsverplichting, waarvan ook financiering met programmamiddelen afhankelijk wordt gemaakt.’

Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door p op
@Jan, goed idee

En dan een manier vinden om die 5e bestuurslaag, al die samenwerkingsverbanden, eens te snoeien en/of te bundelen!
Door Jan op
Op zich een goed idee om de gemeenten meer eigen inkomsten te geven. Maar dan hopelijk niet via die subjectieve OZB, waar bovendien alleen eigenaren voor moeten betalen. Misschien zou die meteen afgeschaft kunnen worden. En je moet ook uitkijken dat de loon- en inkomstenbelasting wel met hetzelfde bedrag dat gemeenten zelf méér gaan heffen, wordt verlaagd. En dan blijvend natuurlijk. Daarom lijkt het mij het best om gewoon een percentage van de door het Rijk in een gemeente geheven loon- en inkomstenbelasting automatisch naar de betreffende gemeente te laten overmaken door het Rijk. Daar zijn ook weinig uitvoeringskosten aan verbonden. Enige aanvulling (bijvoorbeeld een hoger percentage) door het Rijk voor gemeenten die bovenmatig veel inwoners hebben met uitzonderlijk lage inkomens zal dan wel nodig zijn. Daar moet een objectieve maatstaf voor te vinden zijn.
Door Mark op
Kan mij goed vinden in de analyse.
Maar het gaat niet gebeuren. Het rijk hecht aan zijn macht en invloed. En gaat dat niet prijs geven. Zelfs niet een klein beetje. Dat zie je ook in deze bijzondere tijd.
Door Hans op
Het lijkt me veel beter om provincies op te heffen. Ze zijn ver over hun houdbaarheidsdatum, ze zijn alleen nog een hindermacht en ze bulken van het geld. Weg er mee en al dat geld naar de gemeenten; wordt er tenminste nog iets behoorlijks mee gedaan.
Door 2C op
Gemeenten in Nederland hebben nauwelijks autonomie, ook niet fiscaal of financieel. In Frankrijk en Engeland klagen ze vaak over centralisme, maar je zou kunnen beweren dat Nederland zowat het meest centralistische land in West-Europa is, want de geldpot wordt vnl. beheerd/verdeeld in 'Den Haag' (gemeentefonds) en de provincie heeft nog een klein beetje in de melk te brokkelen. En dan wordt de burgemeester ook nog eens benoemd en niet gekozen zoals in vrijwel andere landen.