of 59274 LinkedIn

Geen strafrechtelijk onderzoek declaraties Wolfsen

Er komt geen strafrechtelijk onderzoek naar de declaraties van de woonkosten van de Utrechtse burgemeester Aleid Wolfsen. Dat heeft het Openbaar Ministerie (OM) donderdag bekendgemaakt.
1 reactie
Er komt geen strafrechtelijk onderzoek naar de declaraties van de woonkosten van de Utrechtse burgemeester Aleid Wolfsen. Dat heeft het Openbaar Ministerie (OM) donderdag bekendgemaakt.
Aangifte
Tegen Wolfsen was aangifte gedaan van oplichting door bestuursrechtdeskundige Vink. Volgens hem heeft de burgemeester ten onrechte een bedrag van 17.000 euro geïnd aan pensionkostenvergoeding. In de aangifte stond volgens het OM niet genoeg informatie om aan te nemen dat er sprake is van oplichting.

Opspraak
Wolfsen kwam eerder in opspraak nadat de uitgever van het huis-aan-huisblad Ons Utrecht een oplage van de krant liet herdrukken na contact met de burgemeester. Wolfsen was niet blij met een artikel in die krant over zijn pensionkostenvergoeding. In het stuk stelde bestuursdeskundige Twan Tak dat Wolfsen een deel van zijn pensionkostenvergoeding, die hij kreeg toen hij al in Utrecht werkte maar er nog niet woonde, ten onrechte ontving.
Verstuur dit artikel naar Google+

Gerelateerde artikelen

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reactie op dit bericht

Door W. Wilkens (schrijvende) op
Onder voorbehoud van kennisneming van de stukken, vond ik de aanpak van Vink al een beetjes dubieus, m.n. de link naar Tak en de onderdemaatse reactie van W. op diens functioneren, maar afgezien hiervan: wel merkwaardig zo'n besluit van het OM dat nooit te beroerd is om menig kansloze zaak tot op de bodem 'uit te zoeken' en uit te procederen. Je zou je hobbies maar eens moeten kunnen uitoefenen op kosten van de belastingbetaler! Maar heeft een ovj niet de bevoegdheid een onderzoek te gelasten bij een verdenking van een strafbaar feit en is hij hiervoor afhankelijk van een aangifte?
Het schort, afgaande op dit stuk, kennelijk al aan een basale kennis bij onze magistraat.
Ik zou daarom graag het oordeel van een Gerechtshof in een art. 12 Sv procedure wel eens willen horen.
Dit alles natuurlijk onder de restrictie dat ik niet kan beoordelen hoe de onderlinge verhoudingen van de Hoogmogendheden in de Rotary liggen, want dat W. er tot heden, ondanks alle BIBOB e.d., goed vanaf schijnt te komen, bevreemdt in hoge mate.