of 59318 LinkedIn

Aansprakelijkheid van de wegbeheerder bij gladheid

Reageer

AfbeeldingIn november 2012 heb ik op deze plek een arrest van het Hof den Bosch over wegbeheerdersaansprakelijkheid besproken. Nu weggebruikers onlangs weer veel hinder hebben ondervonden van sneeuw en ijs lijkt het mij relevant om enkele regels te wijden aan de wegbeheerdersaansprakelijkheid voor een glad wegdek, als gevolg van sneeuw en/of ijs.

Inleiding
In de vorstperiode van de afgelopen weken waren berichten in de kranten en op televisie over schade als gevolg van slip- en glijpartijen geen uitzondering. De vraag die zich naar aanleiding daarvan opdringt is: wie is aansprakelijk voor de schade die daaruit ontstaat? Is dat de wegbeheerder op grond van de risicoaansprakelijkheid uit artikel 6:174 lid 2 BW of op grond van onrechtmatige daad (artikel 6:162 BW)? Of moet de gelaedeerde zijn schade zelf dragen? Deze vragen zijn uit het leven gegrepen, gelet op het aantal keren dat over die vraag is geprocedeerd. De algemene lijn die in die uitspraken is te ontdekken, is dat de wegbeheerder niet snel aansprakelijk is bij schade als gevolg van gladheid.

 

Hoewel het in concreto aankomt op een weging van de feitelijke omstandigheden, zijn er enkele duidelijke handvatten te geven voor de beantwoording van de vraag wie aansprakelijk is voor de door gelaedeerde geleden schade. Hieronder zal ik dat algemene kader schetsen.

 

Aansprakelijkheid wegbeheerder bij een glad wegdek
Om maar meteen met de deur in huis te vallen: bij gladheid als gevolg van zaken op de weg, zoals sneeuw, ijs, bladeren, vindt artikel 6:174 lid 2 BW (de risicoaansprakelijkheid) geen toepassing. Volgens de Hoge Raad (HR 3 mei 2002, LJN: AE2202) brengt een redelijke uitleg van artikel 6:174 lid 2 BW met zich dat op het overheidslichaam dat tot taak heeft ervoor te zorgen dat de weg in goede staat verkeert slechts de verplichting rust om tot schadevergoeding over te gaan, indien de schade is veroorzaakt door een gebrek aan de weg(uitrusting) als zodanig. Voorbeelden van gebreken aan de weg zijn bijvoorbeeld gaten, kuilen en scheuren in het wegdek. Van een gebrek aan de weg als zodanig is, als gezegd, geen sprake als het gebrek bestaat in de aanwezigheid van sneeuw en/of ijs op het wegdek (die dus niet duurzaam met het wegdek zijn verenigd).

 

De vraag of de wegbeheerder aansprakelijk is voor schade als gevolg van een ‘gebrek’ op de weg, moet daarom worden behandeld aan de hand van artikel 6:162 BW. Bij die beoordeling moet worden vooropgesteld dat op de gemeente als wegbeheerder de plicht rust ervoor te zorgen dat de weg in goede staat verkeert en geen gevaar oplevert voor personen en zaken. Het bestrijden van en het waarschuwen voor gladheid vallen onder die zorgplicht.

 

Een wegbeheerder (bijvoorbeeld een gemeente) handelt echter pas onrechtmatig indien haar nalatigheid kan worden verweten in de door haar redelijkerwijs te betrachten zorg. Die zorg, de bestrijding van gladheid, is een inspanningsverplichting. Van een wegbeheerder kan (en mag) daarom niet worden verwacht dat alle wegen altijd in perfecte staat verkeren. Zij heeft bij de uitvoering van haar zorgplicht een grote mate van beleidsvrijheid en mag prioriteiten stellen op basis van het belang van bepaalde wegen, en daarbij ook rekening houden met kosten- en milieuaspecten.

 

Dit betekent dat een wegbeheerder vrijheid heeft om te besluiten hoe zij haar gladheidsbestrijding inricht (Rechtbank Assen 21 april 2010, LJN: BN2521), welke materialen zij gebruikt om het wegdek of een (trailer)helling te realiseren (Hoge Raad 3 mei 2002, LJN: AE2202, Rechtbank Middelburg 25 april 2012, LJN: BY3366), en hoe en wanneer zij de wegen bladvrij maakt (Rechtbank Utrecht 1 november 2006, LJN: AZ1716). Wel dient de wegbeheerder alert te zijn op klachten. Als de wegbeheerder weet dat er over een specifieke plek veel over gladheid geklaagd wordt, zal zij extra maatregelen moeten treffen (waaronder ook extra waarschuwing(en)). Dit past ook bij het karakter van de inspanningsverplichting die de zorgplicht met zich brengt.

 

Het voorgaande leidt ertoe dat een gelaedeerde die schade lijdt als gevolg van gladheid van het wegdek, zijn schade niet al te vlug op een wegbeheerder zal kunnen verhalen. In dat verband is volgende overweging van de Rechtbank Assen tekenend (zie hierboven, LJN: BN2521). De Rechtbank overweegt:

“4.11 (…) De rechtbank acht het een zaak van normaal maatschappelijk risico als men valt door gladheid ergens in de gemeente en ziet niet waarom dit niet zou gelden voor stoepen die bij bushaltes liggen. Waarom zou dit dan niet ook gelden voor stoepen bij bejaardenhuizen, scholen, winkelcentra etc. ?
Om dergelijke pech te voorkomen moet men primair zelf maatregelen nemen. Die maatregelen zijn tal van soort en aard (weerbericht controleren, snelheid aanpassen, sokken om de schoenen, winterbanden etc.).
Gaat het dan toch mis op een plek en gaat het om een plek die conform het - rechtmatige- beleid van de gemeente Assen niet is gestrooid, dan moet dit worden betiteld als ‘pech’ en niet als een ongeluk waarvan de gevolgen op de gemeente kunnen worden afgewenteld.”

 

Dit sluit aan bij het uitgangspunt van de Nederlandse aansprakelijkheidsrecht dat eenieder in beginsel zijn eigen schade zal moeten dragen. Sommige gebeurtenissen, hoe vervelend ook, kwalificeren als pech en kunnen niet op een derde worden afgewenteld.

 

Afsluiting
Bij de vraag of de wegbeheerder aansprakelijk is voor schade als gevolg van gladheid, komt men aan de risicoaansprakelijkheid van artikel 6:174 lid 2 BW niet toe. Het toetsingskader voor mogelijke aansprakelijkheid wordt gevormd door artikel 6:162 BW; de onrechtmatige daad. Van een onrechtmatige daad is mogelijk sprake indien het overheidslichaam haar zorgplicht heeft verzuimd en als gevolg daarvan schade is ontstaan. Het schenden van die zorgplicht wordt in de rechtspraak echter niet snel aangenomen, zodat de wegbeheerder niet al te gauw aansprakelijk is voor schade die wordt geleden als gevolg van gladheid door bijvoorbeeld sneeuw en/of ijs.

 

 

Aanvullende informatie:
Zie ook het whitepaper van mijn kantoorgenoot Igo Nijenhuis over de strafrechtelijke aansprakelijkheid van gemeenten als wegbeheerder.

Verstuur dit artikel naar Google+

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

AfbeeldingHekkelman advocaten en notarissen

Prins Bernhardstraat 1,

6521 AA Nijmegen

Postbus 1094,

6501 BB Nijmegen

T: 024 382 83 84

F: 024 360 04 50

www.hekkelman.nl

binnenlandsbestuur@hekkelman.nl

Meer nieuws

Seminar 'Wet Bibob & Vastgoed'

Datum 18 juni 2019
Tijd 13.00 - 17.00 uur
Locatie   Radboud Universiteit Nijmegen, Grotiusgebouw, zaal GR -1.075, Montessorilaan 10, 6525 HR Nijmegen

Wilt u als eerste geïnformeerd worden?

Wilt u op de hoogte blijven van de blogs van Hekkelman?

U heeft de mogelijkheid u te abonneren op een specifiek blogthema of een auteur. Klik hier om uw voorkeuren op te geven.

 

Bovendien organiseren wij regelmatig seminars. Wilt u geen seminar van Hekkelman meer missen? Klik hier om uw gegevens achter te laten. U ontvangt dan als eerste een uitnodiging voor onze seminars in uw mailbox.

Whitepapers

Publicaties

Agenda seminars

AfbeeldingHekkelman Advocaten & Notarissen houdt u op de hoogte van actuele ontwikkelingen. Zo organiseren wij regelmatig seminars om deze ontwikkelingen en onze kennis met u te delen.

 

Klik hier voor onze seminaragenda.

Bekijk ook onze partnerpagina op Ruimte & Milieu

Klik hier